Literatuuronderzoeker, publicist op het gebied van de Nederlands-Indische letteren en journalistiek, docent en bevlogen spreker Gerard Termorshuizen werd in januari 2025 negentig jaar. Dit was aanleiding voor oud-collega’s, vrienden en familie tot het samenstellen van een vriendenboek. In vijftig bijdragen wordt Termorshuizen persoonlijk gefeliciteerd en professioneel ‘toegesproken’. En uit deze bijdragen rijst het beeld op van een man die zich met hart en ziel heeft gewijd aan leven en werk – iemand die zich ‘schuldig voelt’ als ‘ie eens iets anders doet dan onderzoeken en schrijven – dus misschien moet men zeggen: toegewijd aan werk en leven?
Het idee is van Tom Phijffer, advocaat te Amsterdam en inmiddels ook zelf schrijver van twee boeken over Max Havelaar en van Het masker van Rob Nieuwenhuys. Rob Nieuwenhuys was ook degene die Gerard Termorshuizen op het spoor van de Indische letteren zette. Het mondde onder meer uit in zijn – Termorshuizens – proefschrift over P.A. Daum uit 1988 en in vervolg daarop de uitgave van Daums verzamelde romans in drie delen, 1997-1998. Belangrijker misschien nog is de geschiedenis van de Nederlands-Indische pers in de jaren 1744-1942 die Termorshuizen beschreef, samen met Anneke Scholten, in twee dikke delen, aan de hand van inhoudelijke en biografische portretten, met de treffende titels Journalisten en heethoofden (2001) en Realisten en reactionairen (2011).
Uit dit vriendenboek is op te maken hoe stimulerend voor anderen Termorshuizen kan zijn. Geroemd wordt zijn inzet voor de Werkgroep Indische letteren en de talrijke bijdragen die hij voor het tijdschrift van de werkgroep schreef. Frank Okker getuigt van Gerards invloed op de totstandkoming van zijn boeken over Willem Walraven en M.H. Székely-Lulofs. Kees Snoek idem dito voor zijn werk over de schrijver E. du Perron. Leonard Blussé schrijft met aanstekelijke nostalgie over de voltooid verleden tijd gedurende welke hij Termorshuizen leerde kennen bij het onvolprezen KITLV: het instituut met de even onmogelijke als onuitwisbare naam Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde. De 90-jarige is lang verbonden geweest aan dit instituut, en was er ook na zijn ‘afscheid’ nog zeer regelmatig te vinden.
Olf Praamstra gaat in op de achtergronden van Aboe Bakar, de roman van P.A. Daum, Peter van Zonneveld getuigt hoe hem door Termorshuizen de ogen werden geopend voor de Indische letteren. Rick Honigs legt uit hoe toean Termors kon verkeren in toean telor, Bert Paasman verhaalt hoe hij door Termorshuizen wegwijs werd gemaakt in Jakarta en Vic van de Reijt licht toe hoe hij samen met Termorshuizen van uitgaven van en over Daum boeken maakte die een breed publiek konden bereiken.
De beste kwaliteit van dit gevarieerde palet aan bijdragen is misschien wel, dat je zin krijgt een van de vele publicaties van Gerard Termorshuizen voor de dag te halen en je te verdiepen in heethoofden of reactionairen, of een boek over P.A. Daum of Herman Salomonson. Het kan niet anders of de negentigjarige zou met dat resultaat geen groter plezier gedaan kunnen worden.
Gerard XC. Vijftig vrienden over Gerard Termorshuizen. Redactie Marjanne Termorshuizen-Arts en Tom Phijffer. Den Haag, Little Wolf Publications, 2024. 140 p. Prijs € 12,50 + 4,25 portokosten. Meer informatie en bestellen casperfloris@kpnmail.nl.
Laat een reactie achter