Chris van Geel
19-08-2025
LATE WESPEN
In inzicht dat zij niet vermogen te
doorzien, twee wespen praten uit de wind,
de lucht is leeg en er is even licht
in niets, balans in ongeduld, het waait.
Bron: NRC Handelsblad, 9 oktober 1970
18-08-2025
FABEL
Ik wil inlichtingen, riep de griffioen,
geen fabels.
Bron: Het Zinrijk, 1971
17-08-2025
BIJ TANTE BUITEN
Een machtige kalkoen,
hoor haar! hoor haar bezweren
– in geplisseerde veren –
wat wij niet mogen doen.
Zij bukt en haar pompoen
laat blikken niets ontberen.
‘Nu mars!’ en op haar leren
wang drukt elk vlug zijn zoen.
Bron: datering: tussen 1948 en 1955; Roofdruk, postuum verschenen, 1977
16-08-2025
PAUW
Het dagen van een schaduw, pauw,
een muur, een teken, overladen tempel
die met zijn stappen meebeweegt,
hij vouwt zijn staart en wist zijn sporen.
Bron: Uit de hoge boom geschreven, 1967
15-08-2025
NATUUR
De onafgeknipte toppen van de bomen.
Bron: Barbarber, september 1969
14-08-2025
OP TREKTOCHT MET EEN SLAAPZAK
Een man zat op een bank,
oranje fietsen naast hem.
Hij staarde somber voor zich uit,
hij groette met een lipbewegen.
Het was drie uur en nacht,
zijn vrouw sliep op zijn been.
Bron: Hollands maandblad, januari 1969
13-08-2025
Een bang ree in een bos van één boom
Bron: uit de reeks ‘Slaapwandelen’; Vrij Nederland, 22 december 1962
12-08-2025
Van ongebrand omber, van groen,
van klei zijn de druiven gekneed.
Bron: Uit de hoge boom geschreven, 1967
11-08-2025
INSLAPEN
Ik zet alvast mijn glimlach op
voor het gevoel dat straks moet komen.
Bron: Het Zinrijk, 1971
10-08-2025
ONTWAKEN
Rondom met dromen volgeschilderd,
ik op de rand van mijn bed, ik zie
haar wandelen, struikelen, vallen,
moe van het nachtlang uitweg zoeken,
de bij, stoffig en ingekrompen,
die gisteren de kamer in-
gevlogen was, geladen met
de eigen warmte,
beladen met de zon, een klein
tumult van licht.
Bron: Tirade, 15 januari 1959