Chris van Geel
24-11-2025
HET WAAIT
Planten prijzen zich gelukkig in de kamer,
mollen buiten graven zich een droge mond.
Bron: Tirade, februari 1971
23-11-2025
STILLEVEN MET WEKKER
De schilder kijkt op zijn stilleven
en ziet hoe laat het is.
Bron: datering: 1970; in Hun gratie is verborgen, postuum verschenen, 1991
22-11-2025
Wij die in leven zijn
gebleven, zijn, maar korter,
door jullie dood.
Bron: De Gids, april-mei 1966
21-11-2025
EENZAAMHEID
Er hangt een kluizenaar aan mijn skelet
G. Brands
Bron: Barbarber, december 1971
20-11-2025
VOOR..
Het boompje ruist alsof het nooit iets hoorde,
met dorre blaren staat het in de tuin,
het hield zijn blad alsof het zo behoorde.
Een eikje met gebalde vuisten. Ik schud
zijn stam en hoor! “je zult van mij nooit anders
horen dan wat ik ruis,” ruist het in de tuin.
Bron: Spinroc en andere verzen, 1958
19-11-2025
De wegen zijn donker.
De lucht is zwart,
wij lopen er onder,
het regent wat.
Mijn hand in mijn zak
omstrengelt haar vingers,
mijn stok in mijn hand
tikt op de klinkers.
Bron: datering: 1948-1955; Tijdrovertje, postuum gepubliceerd, 1992
18-11-2025
NAJAAR
Zij voelen koud op stille banden.
Wie met een wagen bomen kruit
voert niet te tillen stilte aan.
Bron: Vluchtige Verhuizing, postuum verschenen, 1975
17-11-2025
ANTIEK CORSO
Ik zal er zijn waar jij mij vraagt
te komen op het corso van
je keus en met mijn strooien bloem
versier ik jouw versierde paard.
Bron: Barbarber, december 1971
16-11-2025
Het spreekwoord slaat de plank vaak mis.
Bron: Barbarber, juli 1971
15-11-2025
VLIEG IN WEB
Een vlieg die in zijn ongeluk
gespaard slaaf is van wie hem doodt,
hij kan gehecht niet meer ontkomen.
Het web sluit dierbaar om hem heen,
hij leeft nog slechts zolang de spin
van kauwen moe haar maaltijd staakt.
Bron: Enkele gedichten, 1973