• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Bericht uit het labyrint

14 mei 2014 door Gert de Jager Reageer

door Gert de Jager
 
Een schrijver, een immigrant, gaat ten onder in de labyrintische stad waarin hij zijn toevlucht heeft gezocht. Zijn nieuwe stamcafé – een woord dat niet echt lijkt te passen bij beschaafd mediterraan slempen – is de Bar met de Spiegels. Een labyrintische stad, spiegeleffecten: het personage dat ten ondergaat wordt meestal Ilja genoemd en soms Leonardo. De schrijver die gisteravond de Librisprijs in ontvangst nam, zag er niet verlopener uit dan voor zijn vertrek. We zagen een gelukkig man.  
 
In een interview in de NRCrond de verschijning van La Superbaliet Pfeijffer er geen twijfel over bestaan: „Ik kan de krantenlezer geruststellen dat de roman niet autobiografisch is: ik heb het hier prima naar mijn zin en anders dan mijn personage ben ik vooralsnog niet hopeloos ten onder gegaan.” Het personage Ilja Leonard dat aan lager wal raakt en van zijn identiteit wordt beroofd,  is een personage in een roman. Als we het niet al dachten. In die roman verbeeldt niet alleen het personage Ilja Leonard zich een beter leven – dat doen ook vele anderen. Toch: wanneer in een roman een personage verschijnt met een naam die identiek is aan de auteursnaam op de kaft, heeft dat consequenties. Het pact van de fictie lijkt te worden opgezegd. Wanneer we tot de conclusie komen dat het pact van de autobiografie ook een beetje onzin is, lijkt de willing suspension of disbelief zich even uit te strekken tot een fenomeen uit de werkelijkheid zelf: de werkelijkheid van een reëel existerende schrijver te Genua. Belief? Disbelief? Wat doet het ertoe. Het is juist deze dubbelzinnigheid die La Superba tegelijkertijd volkomen ondubbelzinnig maakt. De roman wordt één grote retorische geste.    
 
Die geste bestaat uit drie delen en twee intermezzo’s. De delen vertellen het verhaal van Ilja; de intermezzo’s, die beide exact evenveel bladzijden innemen, het verhaal van twee andere emigranten. De eerste is een alcoholische, zijn leven bij elkaar fabulerende Engelsman die herinneringen oproept aan meer van dit soort types. De consul uit Lowrys Under The Vulcano bijvoorbeeld, het meest alcoholische niet-Russische personage uit de wereldliteratuur. De tweede is Djiby, een Senegalese bootvluchteling die alles mee heeft gemaakt wat een bootvluchteling mee kan maken. “Het verhaal bestaat uit dingen die mensen me verteld hebben, die ik in de krant heb gelezen. De Spaanse vissersboot bestaat, de naam van de kapitein klopt, alleen het personage Djiby heb ik verzonnen.” Aldus Pfeijffer in hetzelfde NRC-interview.
 
Het levensverhaal van de dronken Engelsman hangt van de fantasmen aan elkaar, maar wordt door de ikverteller zakelijk gerapporteerd. Het vluchtverhaal van Djiby hangt aan elkaar van gebeurtenissen waarvan je als lezer zou willen dat het fantasmen waren, maar ook die worden zakelijk gerapporteerd. De beide intermezzo’s beslaan samen ongeveer een kwart van het boek. Binnen de retorische geste die het boek wil zijn, vind ik ze niet helemaal geslaagd. 
 
Het heeft te maken met de afwezigheid van de dubbelzinnigheid in hun verhalen en de afwezigheid van dubbelzinnigheid in hun tragiek. De zich van roes naar roes voortslepende Engelsman is een cliché van verlopenheid, de Senegalese gelukszoeker een cliché van maatschappelijke treurigheid. In La Superba zijn hun verhalen geleende, secundaire verhalen. Beide personages kruisen het pad van het ikpersonage zonder dat ze veel te weeg brengen in zijn bewustzijn: het zijn spiegels waar hij niet in kijkt. Wanneer zijn tocht door het Genuese labyrint een hellevaart wordt, heeft dat te maken met dubbelzinnigheid: dubbelzinnigheid van artistieke ambities, Italiaanse maatschappelijke verhoudingen, seksuele verlangens en seksuele identiteiten. Het ikpersonage vervult een dubbelzinnig verlangen en gaat daaraan kapot. De enkelvoudige roes van een Engelsman en het enkelvoudige verlangen naar een beter leven van een Senegalees steken daar als een toevallig noodlot bij af en staan, in al hun simpelheid, los van de tragiek die de roman wel degelijk overdraagt.  
 

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Ilja Leonard Pfeijffer, letterkunde

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Johannes Antonides van der Goes • Aan juffrouw Suzanna Bormans, ziek zijnde

Waar is dat blozend rood geweken,
Dat aangename rozebloed,
’t Geen eedle zielen kon ontsteken,
Om uwe waarde, in minnegloed?

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

Mijn landgoed is niet groter dan
mijn eigen huid, de omvang van
mijn schoen, de omvang van mijn vuist,
ik gaf het namen in de kleur van regen,
ik keek er dwars doorheen, vluchtige stof
en zag de horizon, de lengte van
mijn armen, van mijn benen.

Bron: Het Zinrijk, 1971

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

8 januari 2026

➔ Lees meer
17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

7 januari 2026

➔ Lees meer
16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

4 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1992 Theo Weevers
➔ Neerlandicikalender

Media

Ik zie op tegen interviews…

Ik zie op tegen interviews…

11 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Buitenleven van Willem Sluiter

Buitenleven van Willem Sluiter

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d