• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

‘Het vragend Koosje’ (1810)

22 september 2019 door Ewoud Sanders 2 Reacties

Jeugdverhalen over joden (56)

Door Ewoud Sanders

‘Het vragend Koosje’ (1810)

Auteur: Petronella Cornelia van Alphen (1763-1833)

’t Knaapje met dat zwart gezigt,
’t Welk mij niet verstaat;
Vader! Zou het zonde zijn
Als ik ’t Moortje haat?

’t Is zoo lelijk in mijn oog
Met een apensnoet:
Is dat Joodje ook al een mensch
Met dat schoenengoed?

De vader:
Gij stelt zeker, lieve kind!
Al mijn zorg te leur
Zoo ge uw evenmensch veracht
Enkel om de kleur.

God schiep zwart, en bruin, en wit,
Uit hetzelfde bloed,
Gaf aan allen ’t zelfde hart,
Doen aan allen goed.

’t Joodje is uw broeder ook,
Heb hem lief, mijn kind!
Vader Abram was een Jood
En God was zijn vrind.

Zijt dan vriend van elken mensch
Doe aan allen wel;
Denk: in ’t land, waar negers zijn,
Lacht m’ om ’t blanke vel.


Advertentie voor de eerste druk van Gedichtjes voor de jeugd (‘Op goed Schryfpapier gedrukt’) in de Rotterdamse Courant van 11-8-1810.

Herkomst en drukgeschiedenis

In 1810 publiceerde Petronella Cornelia van Alphen, geboren en getogen in Rotterdam, haar eerste en enige dichtbundel: Gedichtjes voor de jeugd. Zij was hiertoe aangezet door de schrijfster Anna Maria Moens (1775-1832), aan wie zij de bundel opdroeg: ‘’k Maakte slechts, op uw verzoek/ ook een Kinderverzenboek’.

          De bundel bevat zestig korte gedichten. In haar voorwoord spreekt Van Alphen de ‘zoete hoop’ uit dat haar poëzie ‘nuttige invloed’ zal hebben ‘op nog onbedorven kinderhartjes’.

          De bundel besluit met een ‘Treurzang op den dood van den heer Hieronymus van Alphen’. Deze ‘vader van het Nederlandse kinderboek’ overleed in 1803. Petronella Cornelia vermeldt niet of Hieronymus familie van haar is, maar zij heeft zich stellig door hem laten inspireren:

Volgen wij, op ’t spoor van Godsvrucht,
Deugd en wijsheid, onzen vrind,
Dan is ’t zeker dat elk kindje
Hem bij Jezus wedervind [sic].

Dat ook de Rotterdamse uitgever Immerzeel & Comp. hoopte dat Petronella Cornelia’s achternaam de verkoop zou bevorderen, blijkt uit het gedichtje waarmee de bundel begint, geschreven door de Rotterdamse predikant Jan Scharp (1756-1828):

Zoete kleinen! kust de handen
Van die u dit tuiltje bood,
En hervindt in deze Juffer
Haren grooten Naamgenoot.

Petronella Cornelia van Alphen, honorair lid van de Bataafsche Maatschappij van Taal- en Dichtkunde in Rotterdam, behoorde aan het begin van de negentiende eeuw tot de weinige vrouwen die voordrachten hielden voor letterkundige genootschappen. Tijdgenoten prezen haar ‘fijn vernuft, schrandere mensen- en godsdienstkennis’ en haar ‘zeldzame mate van mensenliefde’.


Prent van de jodenaap (Pithecia Israelita). Jaartal onbekend. Collectie auteur.

Dat Petronella Cornelia in ‘Het vragend Koosje’ de joodse schoenenverkoper een ‘apensnoet’ toedicht, is niet uniek. Van joden werd vroeger gezegd dat ze herkenbaar waren aan hun volle zwarte baard. Toen er in 1823 in Zuid-Amerika een aap met een zwarte baard werd ontdekt, werd die joodaap of jodenaap genoemd. In 1848, in het prentenboekje De Kleeren maken den Man, wordt een orthodoxe jood vanwege zijn baard vergeleken met een orang-oetang.

De bundel Gedichtjes voor de jeugd beleefdedrie drukken: in 1810, 1830 en omstreeks 1840. Hierboven is geciteerd uit de tweede druk.


Petronella Cornelia van Alphen bleef ongehuwd. Overlijdensadvertentie in de Rotterdamsche Courant van 18-7-1833.

Receptie

Van Gedichtjes voor de jeugd heb ik geen besprekingen gevonden.

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 19e eeuw, jeugdliteratuur, Jeugdverhalen over joden

Lees Interacties

Reacties

  1. Henk Smout zegt

    22 september 2019 om 12:47

    Grote onduidelijkheid of Chiropotes israelita als junior synoniem van Chiropotes chiropotes (genusnaam herzien) moet worden beschouwd. Zie de Engelstalige Wikipedia van 2 juli 2019 11:29, trefwoord Red-backed bearded saki (Roodrugsaki).

    Beantwoorden
  2. Truus Doekes zegt

    23 september 2019 om 09:55

    Volgens mij gaat het gedicht over twee in de ogen van het kind, vreemde mensen: een ¨Moor¨
    (neger) en een Joodse schoenenverkoper. Zie ook het slotcouplet. Ook in die tijd noemde men Joden geen negers. De dubbele punt in het tweede couplet kon in die tijd volgens mij ook de functie hebben van onze puntkomma. Overigens heel interessant dat dit gedichtje uit die tijd onder de aandacht wordt gebracht.

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Astrid Roemer • Steffi huilt

Het geeft niet Poes
het geeft niet dat we
sterven

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

WINTERMIDDAG

De engelen knopen licht aan elkaar,
de regenboog stijgt uit het dorre hout,
een vuur brandt in een wak boven de duinen.

Overal valt licht – tot witte hagel opspringt
van de met droge bladeren bedekte grond,
geschrokken vleugelloze insecten, engelen –
hun donzen huid smelt blank,
doorzichtig om een wit skelet –
zo straks nog bezig in het licht,
gescheiden nu, snel weggerold,
gekropen onder het gekruld bruin blad.

Bron: De Gids, november 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

8 januari 2026

➔ Lees meer
17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

7 januari 2026

➔ Lees meer
16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

4 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1884 Herman Buiskool
1939 Jacques Hamelink
1948 Saskia Daalder
sterfdag
2015 Wam de Moor
➔ Neerlandicikalender

Media

Ik zie op tegen interviews…

Ik zie op tegen interviews…

11 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Buitenleven van Willem Sluiter

Buitenleven van Willem Sluiter

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d