• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Straattaal en Lidwoorden – Grijs Gebied

19 december 2019 door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

Externe inhoud van YouTube

Deze inhoud wordt geladen van YouTube en plaatst mogelijk cookies. Wil je deze inhoud bekijken?

Door Khalid Mourigh

Misschien wel het meest bekende stereotype over straattaal of misschien wel over “allochtoon” Nederlands is het gebruik van de lidwoorden. Vraag je een Nederlander een allochtoon na te doen, dan krijg je steevast het gebruik van het lidwoord de of die, zoals in “die meisje”. Stond de inmiddels vergeten Ali Osram immers niet bekend om zijn veelvuldig gebruik van die in plaats van dat? In het bovenstaande fragment gebruikt hij “die meisje”.

Ook aan taalkundigen is het gebruik van het lidwoord niet onopgemerkt voorbij gegaan. Het is waarschijnlijk één van de meest onderzochte aspecten van straattaal. Zo deed de taalkundige Leonie Cornips al een tijd geleden onderzoek naar de verwerving van het lidwoord bij kinderen. Zij vergeleek in eerste instantie ééntalige Nederlandse kinderen met tweetalige kinderen. Beide groepen hadden het “juiste” gebruik van het lidwoord pas laat onder de knie, rond hun achtste levenjaar. Het bleek echter dat tweetaligen achterliepen, dus vaker “de” gebruikten voor een “het” woord.

Het leren van het juiste gebruik van de lidwoorden is één van de moeilijkste aspecten van het Nederlands. Dat kunnen mensen die op latere leeftijd Nederlands hebben geleerd beamen. Ze kunnen nog zo vloeiend en accentloos Nederlands spreken, toch zullen ze vaak twijfelen of ze “de” of “het” moeten gebruiken.

Maar ook Marokkaans Nederlandse (en andere meertalige) jongeren die in Nederland zijn geboren, gebruiken vaak “de” voor een “het”-woord. Ook in mijn eigen onderzoek is er een oververtegenwoordiging van “de”-woorden. Een aantal voorbeelden.

“Jaar”, “centrum” en “land” zijn stuk voor stuk onzijdige woorden en zouden dus in het Standaardnederlands “het” moeten krijgen. De enige manier om dat te weten is door het te leren bijvoorbeeld door het vaak genoeg te horen als kind. Maar er iets vreemds aan de hand met de laatste zin. Daar krijgt het verkleinwoord “mannetje” ook “die” in plaats van “dat”. Hoewel je de lidwoorden dus altijd moet leren, geldt er echter één uitzondering in het Nederlands: verkleinwoorden, die krijgen namelijk altijd “het”.
Het lijkt me sterk dat de Marokkaans Nederlandse jongeren zelfs die regel niet kennen. Ze zijn allemaal naar school geweest en hebben vaak genoeg verkleinwoorden gehoord. Als je het ze vraagt weten ze ongetwijfeld dat het “dat mannetje” is. Dat werpt de vraag op waarom jongeren dat doen.

Daarmee zijn we aangekomen bij het tweede deel Leonie Cornips’ onderzoek, namelijk dat het gebruik deels een identiteitskwestie is. Jongeren gebruik dus opzettelijk het andere lidwoord om “straat” te klinken. Zo praat je nu éénmaal onderling. Onzijdige woorden zijn veel te netjes.

Een deel van de jongeren heeft dus moeite om de juiste lidwoorden toe te passen en dat is, hoe je het ook wendt of keert, een belangrijk aspect van het Nederlands. Een werkgever zal een sollicitant er waarschijnlijk op beoordelen. Het onderwijs dient daar dus, het liefst op de basisschool al, zijn pijlen op te richten. Het is echter niet het hele verhaal. Veel jongeren spelen ook met de lidwoorden en kunnen in verschillende contexten schakelen. Ze weten het wel, maar gebruiken opzettelijk het andere lidwoord. Soms gaat het zelfs de andere kant op en gebruiken ze “het” in plaats van “de”. Dan krijg je zinnen zoals “het hond heeft het kaas opgegeten.” En dat, waarde matties, klinkt zelfs op school te netjes.

Bron

Cornips, L. “Losing grammatical gender in Dutch. The result of bilingual acquisition and/or an act of identity”. International Journal of Bilingualism. 2008, 12(1 & 2). 105-124.

Mourigh, K. Gouda Corpus (2014 – 2017).

Deze post verscheen eerder op het blog van Khalid Mourigh

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: straattaal

Lees Interacties

Reacties

  1. Irina zegt

    19 december 2019 om 09:59

    Staat er niet een o’tje te veel in de titel van de bronvermelding?

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

F. Bordewijk • Schijn & Vuurdood

Ik had een vriend met blonden geitebaard,
een bosje stroo, dat neerhing van zijn kin.
Hield ik een lucifer uit speelschen aard
daaronder, – poef! dan vloog de vlam erin.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

Hoe vlakker
het bestaan

hoe meer
mountainbikes
er de deur uit gaan

Bron: Levi Weemoedt

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

15 mei 2026: Live opname Historische Klassiekers

15 mei 2026: Live opname Historische Klassiekers

8 april 2026

➔ Lees meer
7 mei 2026: Studieavond ‘Taalonderzoek in de klas’

7 mei 2026: Studieavond ‘Taalonderzoek in de klas’

7 april 2026

➔ Lees meer
18 april 2026: Louis Couperus Genootschapsdag 2026

18 april 2026: Louis Couperus Genootschapsdag 2026

6 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1777 Jeronimo de Vries
1884 Cyriel de Baere
1903 Willem Pée
1906 Karel Jonckheere
1921 Ton Leeman
1929 Steven ten Brinke
1940 Jan Kooij
➔ Neerlandicikalender

Media

Lange lijnen 6: met Shantie Singh

Lange lijnen 6: met Shantie Singh

9 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
De butler, de bieb en De Bruin

De butler, de bieb en De Bruin

8 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Hoe snel verandert straattaal?

Hoe snel verandert straattaal?

7 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d