
•• Tekstielen is het debuut van Sarah de Koning, met miniaturen en observaties, waarvan hier de drie laatste uit de afdeling ‘Praagse brieven’.
Vlakbij, de lariksen; grassen, doornappels, kersenhars en
wolfsbessen; zelf ben ik een groene slang in een jonge huid, maar
ik luister niet naar het taalhart, nooit. Ik schrijf niet alles, een brief
als een antwoord is een hand die geen hand ontmoet; verzen komen
uit, als vochtige kuikens; ongewilde waarzeggingen, natuurkundige
wetten en witte brandende varens — uitbarsting, geleidelijkheid,
crisis.
Schrijf me terug, ik ben ontwaakt. Ik heb geen weet meer van
privéomstandigheden en verleden, ik herinner me alleen
menselijkheid en gemeenschappelijkheid, en jij op een oever of
balkon, je gezicht naar de glasachtige hemel waartoe ook wij ons
houden. Het duurde dagen – nee jaren – voor je losliet, hond.
Zij las soms lijdzaam zijn naam, weken leefde ze met zijn gewassen
naam. Ze sloot zich zelfs op in hotelkamers, in geëmailleerde
badkamers met zijn onthoofde naam om met mezelf in het reine te
komen, zijn naam een gloeilamp in een vogelkooi, het is zo koud en
de kuip is besnaard met zeep, met hitte, met damp, want zij kan het
water niet in zonder zijn naam af te leggen en we praten steeds meer
door elkaar heen. Het wanhoopsgebaar van de berusting is zeggen
de wereld was mooi, toen was er liefde, de wereld werd stiller en
mooier en toen was er ziel.
Sarah de Koning (1992)
uit: Tekstielen (Querido, 2025)
•• Abonnees van Laurens Jz Coster krijgen ieder werkdag gratis een gedicht in hun mailbox
Laat een reactie achter