
Sonnet
Wil iemand zien in een zeer jonge jeugd
Alle schoonheid, alle zuiverheid rene,
Ootmoedigheid, en hoofsheid niet gemene,
Alle eerbarheid, wijsheid, verstand en deugd?
Wil iemand zien — komt terwijl gij ’t zien meugt —
Twee ogen klaar, en een godheid niet klene?
De glorie ook van onzen tijd alene? —
Kome bezien, die mij ’t herte verheugt:
Hoe Cupido bijt en lacht zal hij leren,
Hoe hij geneest en hoe hij ook doorwondt;
Dan zal hij, heur ziende, zeggen terstond:
“Gelukkig is die een vat zo vol eren,
Wijsheid, verstand en deugd aanschouwen mag,
Maar zalig hij, die heur nog trouwen mag.’
Jan van der Noot (1539-1595)
•• Abonnees van Laurens Jz Coster krijgen iedere werkdag een gedicht in hun mailbox
Laat een reactie achter