
Jury’s beoordelen niet alleen het boek zelf, maar ook de auteur die het boek geschreven heeft. Dat blijkt uit onderzoek van promovenda Anne Oerlemans. Daardoor maakt een deel van de auteurs minder snel kans op een literaire prijs. Oerlemans promoveert vandaag aan de Radboud Universiteit.
Jaarlijks worden in Nederland meerdere literaire debuutprijzen uitgereikt aan nieuwe auteurs. Het winnen van zo’n prijs levert bekendheid én kansen in de literaire wereld op voor de auteur. Er is aandacht in de pers en uitgeverijen vinden het sneller commercieel interessant om ook een tweede boek van de auteur uit te brengen. Ook in het buitenland wint een auteur aan aandacht na het winnen van een nationale prijs.
Uit onderzoek van Anne Oerlemans blijkt dat niet alle auteurs een even grote kans maken om een prijs te winnen. De onderzoeker kreeg een inkijkje in ongefilterde juryrapporten van de ANV Debutantenprijs. ‘Hoewel je wellicht zou denken dat jury’s het boek op zichzelf beoordelen en het daarbij niet uit zou moeten maken wie de auteur van een boek is, bleek uit de jurynotulen dat er, in ieder geval bij de ANV Debutantenprijs, wel degelijk wordt gekeken naar wie de auteur is bij de beoordeling van literatuur. Auteurs die naast het schrijven een andere carrière hebben, worden bijvoorbeeld minder serieus genomen als literair auteur. Mijn onderzoek laat zien dat de beoordeling van jury’s zeker niet altijd objectief is.’
Zwoegen voor de kunst
Er bestaat bij de jury een romantisch beeld van wat een goede auteur is, legt Oerlemans uit. ‘Een ‘echte’ auteur is iemand die tijd en ruimte heeft om de hele dag op een zolderkamer te zwoegen voor de kunst. In de praktijk kan slechts een handvol auteurs rondkomen van het schrijverschap; de meesten hebben een andere baan of zijn ondernemer en schrijven daarnaast ook een boek.’
Volgens Oerlemans worden de boeken van deze laatste groep auteurs vaak minder serieus genomen en maken deze boeken ook minder kans op een literaire debuutprijs. Oerlemans zag in de jurynotulen dat wanneer een jury een boek niet goed genoeg vond om het op de shortlist voor de prijs te plaatsen, vaker de functie of achtergrond van een auteur werd benoemd dan bij de auteurs die (de indruk wekken dat ze) fulltime schrijven. ‘Daarmee wordt een deel van de auteurs uitgesloten, wat ervoor zorgt dat die auteurs ook minder snel profiteren van het winnen van een literaire prijs.’
Nieuwe stemmen
Uit het onderzoek van Oerlemans blijkt dat we in Nederland vrij eensgezind zijn over wat goede literatuur is; boeken met een chronologische volgorde en bepaalde schrijfstijl. Verhalen en personages moeten authentiek en geloofwaardig overkomen. Jury’s hebben daar een belangrijke stem in. ‘Zij kunnen ook meer experimentele debuten juist de aandacht en kansen geven. Nu maakt die literatuur veel minder kans op een prijs’, stelt ze. ‘Maar wie bepaalt eigenlijk wat goede literatuur is?’
Als tegenreactie richtte Oerlemans een aantal jaren geleden haar eigen uitgeverij op om ook nieuwe stemmen te laten horen. ‘Ik geef nu vooral vertalingen uit van boeken die ik zelf heel goed vind. Die boeken zijn voor grote uitgeverijen commercieel misschien minder interessant omdat ze minder toegankelijk zijn voor het grote publiek, maar ik vind dat zij ook een kans verdienen. Door deze boeken uit te geven, hoop ik het Nederlandse literatuurlandschap diverser te maken.’
Laat een reactie achter