80 jaar Gerrit Komrij
06-01-2025
In tegenstelling tot de gangbare opinie, die wil dat machthebbers en machtshongerigen slechteriken zijn, met een cynische geest en een destructieve inslag, houd ik ze per definitie voor ingoeie schepsels. Het is juist hun goedheid die ze zo slecht en vernielzuchtig heeft gemaakt.
Bron: ‘Machtsbegeerte’ in Humeuren en temperamenten (1989)
05-01-2025
We houden ons voor machtig beschaafd, voor slim en origineel. Maar onder het craquelé van al onze verfijningen, omwegen en transformaties is – als we het willen zien – pijnlijk zichtbaar op welke redeloze behoeften en stompzinnige drang naar herhaling die berusten. We willen het niet graag zien.
Bron: ‘Jachtinstinct’ in Humeuren en temperamenten (1989)
04-01-2025
Het stemt niet vrolijk te beseffen met hoeveel dunne en minder dunne draden we vastzitten aan de primitieve wereld van onze verste voorvaderen, toen die nog op vier poten liepen zonder een knoop of ritssluiting in hun vacht. Met hoeveel touwen en kabels.
Bron: ‘Jachtinstinct’ in Humeuren en temperamenten (1989)
03-01-2025
De mens
Als feestvarken ben ik een beroerd lid van de veestapel die mensheid heet, als zonnetje in huis valt er nauwelijks kariger spaarbrandertje te bedenken, maar mijn solitaire hilariteit is intens en frequent. Ze is belangeloos, totaal, en doorstroomt me met geluk: maar uitsluitend in het onzichtbare deel van mijn leven.
Bron: ‘Hilariteit’ in Humeuren en temperamenten (1989)
02-01-2025
Van de seconde die een eeuw wil zijn
Verdwenen zijn het stof, de hersenspinsels
Van gisteren, de bange, doffe zorgen.
Het jaar ligt nog in witte, verse windsels.
Hier heerst de vrede van een nieuwjaarsmorgen.
Een zwartgekrulde jongen maakt een pop
Van sneeuw en daarbij danst hij op zijn tenen.
Hij zet de neus, een winterpeen, er op
En vult, in trance, de oogkassen met stenen.
Hij is zo jong. Zijn morgen is zo jong.
Elk jaar brengt deze stilte weer om zeep.
Nog voor de middag zal alweer de gong
Geslagen hebben, knalt opnieuw de zweep.
Bron: 'Van de seconde die een eeuw wil zijn' (1982) uit Alle gedichten (2018)
01-01-2025
Ik pleit voor schrijvers met een kosmos, een wereldbeeld, in plaats van een binnenhuisje. Ik pleit voor het uitreiken van de erepalm aan de schrijver die het interessantst kan liegen.
Bron: ‘Onechte billen’ in Morgen heten we allemaal Ali (2010)
31-12-2024
Voor het te laat is – ik pleit voor een terug naar een literatuur van mythen, leugens en verguldsel. Ik plet voor een opgedonderd met het ziekenhuis-, wachtkamer- en vliegveldproza waarin een uitzichtloze werkelijkheid in een paar honderd pagina’s nog net zo uitzichtloos wordt herkauwd, als een soort Reader’s Digest van familieleed, medische communiqués en stil verdriet.
Bron: ‘Onechte billen’ in Morgen heten we allemaal Ali (2010)
30-12-2024
Bedenk: zo de Nederlandse literatuur iets is, dan is ze de spreekkamer van de dokter of de psychiater. Er heeft zich veel sociaal werk in de literatuur genesteld.
Bron: ‘Onechte billen’ in Morgen heten we allemaal Ali (2010)
29-12-2024
De lezers denken dat ze dankzij de therapeutische, laagdrempelige boeken de wereld begrijpen, maar in feite begrijpen ze alleen wat ze al hebben begrepen. Ze zien hun simpele kijk en saaie begrip gelegitimeerd.
Bron: ‘Onechte billen’ in Morgen heten we allemaal Ali (2010)
28-12-2024
Ik denk dat het zo zit. De lezers smullen niet zozeer van sommige vetarme en suikervrije literatuur omdat het beschrevene echt gebeurd zou zijn, ze constateren tevreden dat de schrijver hun zienswijze deelt. Hij is dezelfde sukkel als zij. De schrijver biedt ze troost, herkenning (je hoort dat uitentreuren beweren), maar toch vooral het gevoel van solidariteit.
Bron: ‘Onechte billen’ in Morgen heten we allemaal Ali (2010)