Uit hoe verder geen punt, de debuutbundel van Rob Zweedijk. vertaling van wat vanzelf wat er staat te midden van wat neergezet en zo bewolkt dat niet meer dan hetzelfde steeds de herhaling is hoe ik nu meer de lucht zou moeten en terwijl ik dat probeer niet meer nader dan herzien wat er staat vervolgens voorbeeld … [Lees meer...] overGedicht: Rob Zweedijk • vertaling van wat vanzelf
Gedicht: Karel van den Oever • Het open luik
Het open luik Het harde, houten luik is dicht; en daar achter is de dag met zijn parel-gouden licht; daarachter de boomen, de bergen, de wereld, de wind, de menschheid: man, vrouw en het fijne kind; daarachter de zon, daarachter de maan, daarachter de zilveren sterren; … [Lees meer...] overGedicht: Karel van den Oever • Het open luik
Gedicht: Willy Chanson • De dievenwagen
• De dievenwagen is geschreven door Willy Chanson, eigenlijk Willem Munnik (1884-1942), de helft van de gebroeders Chanson, vooral populair door hun act als het komisch duo Mie en Ko, een soort voorloper van Snip en Snap. Munnik schreef tientallen liedjes en tussen de lachsalvo's door was er dan plotseling, in 1924, De dievenwagen, waar tot op de dag van vandaag menig traantje … [Lees meer...] overGedicht: Willy Chanson • De dievenwagen
Gedicht: Gerda Blees • Drie vrouwen
Uit Dwaallichten, de debuutbundel van Gerda Blees. Drie vrouwen Drie vrouwen kennen elkaar langer wel dan niet. De eerste woont in een grijze stad, de tweede in een groene en de derde in een gele. Een van de drie leeft voor muziek terwijl de andere twee liever met een man onder de dekens naar voorbijrijdende auto’s luisteren. Van die twee is er een de weg kwijt … [Lees meer...] overGedicht: Gerda Blees • Drie vrouwen
Gedicht: Sasja Janssen • Manieren van lopen
Manieren van lopen Wanneer het lakmoespapiertje in sterrenstof wordt gedoopt en altijd uitloopt in violet en hopelijk ootmoedig blauw, maar dat het er pas op aankomt met groen, geel, oranje of zelfs rood bij voorspellend vruchtbaar vooruit leven dan zijn de dagen en nachten ontkiemd. Als je van boven naar ergens beneden verdwaalt kun je niet zoals je moeder je … [Lees meer...] overGedicht: Sasja Janssen • Manieren van lopen
Gedicht: Jan van Nijlen • De cactus
De cactus Kaal staat hij voor de blankheid der gordijnen, Verschrompeld in wat kiezel en wat zand En mist zijn ziel: het alverschroeiend schijnen Der eeuwge zomers van zijn vaderland. Maar aan het einde van zijn lijdzaam dulden, Spruit op een lichten morgen, als een vlam Van 't heet verlangen dat hem gansch vervulde, Een bloem van heimwee uit zijn dorren … [Lees meer...] overGedicht: Jan van Nijlen • De cactus
Gedicht: Jan van Nijlen • De reseda
De reseda Geen Hokousaï, geen Vermeer, Zelfs niet de vlammendste Vincent, Verteedert en ontroert mij meer Dan, met zijn bloembak van cement, De kamer, blauw en brons gekleurd, Waar, naast roos en petunia, De onoogelijke reseda, Onzichtbaar haast, standvastig geurt Als vroeger, als voor vijftig jaar. Hier, naar het lichaam en den geest, Is liefde werklijkheid … [Lees meer...] overGedicht: Jan van Nijlen • De reseda
Gedicht: Lode Krinkels • Sonnet
Lode Krinkels was toneelcriticus en journalist. Het internet laat weinig over hem los, maar hij schreef Een bundeltje oorlogsliederen na de inval van het Duitse leger in België, begin augustus 1914. Sonnet Gij, duitsche praalhans, schoftige Imperator, Wat schuilt gij achter benden moordenaren, Op welker daden huivrend volkren staren... Gij, van die roovers waardige … [Lees meer...] overGedicht: Lode Krinkels • Sonnet
Gedicht: Gerrit Kamphuis – Amsterdam
Amsterdam In 't natte asfalt van de straten Spieglen slierten witte lichten, flits en schaduw - De lucht is dun en glinstrend: Een groene sluier, Waarin millioenen fonkelingen suizen. En 'k zie mijzelf, een vreemdeling, hier in dit lichaam loopen Tusschen de velen, in wier oogen glanzen Hunkering en vrees en drift en dood - Weer ben ik uren lang den weg … [Lees meer...] overGedicht: Gerrit Kamphuis – Amsterdam
Gedicht: Jan Wolkers • De zomer kan me gestolen worden
De zomer kan me gestolen worden I De zomer kan me gestolen worden. Fris groen verschrompelt zinderend tot as. Mijn vader die vurig gelooft Dat God zijn goudreinetten stooft In zonlicht van miljarden jaren oud. De larf vreet zich tot worm des verderfs, Begeerlijk vruchtvlees roest tot op het bot, Het klokhuis wordt een tongewelf van smet. De ledigheid van liggen in … [Lees meer...] overGedicht: Jan Wolkers • De zomer kan me gestolen worden
Gedicht: Anthonie Donker • Het zieke meisje
Het zieke meisje Zij sloot haar ogen voor de wrede zon en Ontvoer volkomen de aanwezigheid Der anderen. Zij heeft zich diep bezonnen, Zij was alleen geweest ten allen tijd. Achter haar warme oogleden begonnen De fluisteringen van de eeuwigheid. Waarom was zij niet eerder overwonnen En van haar liefde en haar smart bevrijd? - Toen zij haar ogen eind'lijk … [Lees meer...] overGedicht: Anthonie Donker • Het zieke meisje
Gedicht: Elly de Waard • Ochtend in de tuin
Ochtend in de tuin Ochtend in de tuin, mijn ogen tranen van het opstaan Naar het mooie dat ik zien wil moet ik haast raden Het is maar klein verdriet dat meekomt, kleine tegenslagen Misschien van gisteren pas of enkele dagen … [Lees meer...] overGedicht: Elly de Waard • Ochtend in de tuin
Gedicht: Richter Roegholt • Amsterdam
Amsterdam Wanneer je denkt hoe het vroeger was de kleine orgelman in Casablanca - je ziet hem nu nog wel op straat - smeet de jofele meiden door de dancing het was de tijd dat Kid Dynamite nog leefde die alles kon op trompet en sax aan de drum zat een neger met een gouden bril zo ernstig we noemden hem de deftige sprinkhaan dat was 1950 dat was de muziek voordat de … [Lees meer...] overGedicht: Richter Roegholt • Amsterdam
Gedicht: Richter Roegholt • Wittenburg / Amsterdam
Wittenburg / Amsterdam In het huis dat geen stroom heeft kan je geen grammofoon draaien je hoort muziek van Mozart speelt er iemand van jullie fluit het is de draadomroep want die is wel hier in huis het meisje draait aan de knop maar voor ze het heeft gevonden klinkt de trompet van een jazzplaat het zijn maar een paar noten je wil dat ze het vasthoudt de trompet … [Lees meer...] overGedicht: Richter Roegholt • Wittenburg / Amsterdam
Gedicht: Boudewijn Büch • Boekenlust
Boekenlust I de dood in duizend delen ik bewoon haar wanden ga voor hen uit stelen en leef met duizend onderpanden voor steen betaal ik weliswaar de huur balken, kranen en het woongemak, maar houd hier beter agentuur in letterkundig onderdak dit is een sterfhuis van papier - want aanstonds komt de dief & antiquaar die maakt catalogus en goede sier met … [Lees meer...] overGedicht: Boudewijn Büch • Boekenlust
Gedicht: Hein Boeken • Café chantant
Café chantant (II) En onder 't zuivergele gaslicht blozen Blanke arme' en halze' en glanst het gouden haar, En kruise' of spreiden zich in rozen hozen De fijne slanke beenen paar naast paar. De blouse' omsluite' in velerhande posen De lichamen die groeiden jaar en jaar, Tot schoot en boezem konden voede' en kozen Wat in haar groei' met pijn en lijfsgevaar. En … [Lees meer...] overGedicht: Hein Boeken • Café chantant
Gedicht: Jan Emmens • Formule voor haar
Formule voor haar Media voor mijn voorstellingsvermogen, werden mijn daden door haar doen onthuld als kleine muggen, microscopisch omgelogen en door mijn jeugddromen goedkoop verguld. En ik, een denneboom vol onbenulligheden, mijzelf bekijkend, zelfgenoegzaam als de ster die bovenop stond en angstvallig werd aanbeden, werd rustig afgetuigd en raakte ver van het … [Lees meer...] overGedicht: Jan Emmens • Formule voor haar
Gedicht: Remco Campert – Te hard geschreeuwd?
Afgelopen zaterdag werd Remco Campert 89. Te hard geschreeuwd? Nu Roland Holst oud geworden is en vierregelrijmen wisselt met Vestdijk, weggelopen demonen tracht terug te roepen, en men Voeten een belangrijk dichter vindt, wordt het tijd dat wij iets laten horen, een stem dwars door puinstof heen, die glipt door de spijlen van het bedskelet, die nooit de baard in … [Lees meer...] overGedicht: Remco Campert – Te hard geschreeuwd?
Gedicht: Hester Knibbe – Ja
Ja Liefde, ja er zit altijd een lichaam aan vast en dat maakt het en maakt het, maakt het soms lastig. Maar het geeft niet, we zijn al zo lang samen dat we ons in elkaar hebben opgeslagen, niet meer zoek niet weg kunnen raken. Natuurlijk, voorbodes kruipen onder de huid, dansen mee als je danst, rennen mee als je rent, hangen ook op de bank, zitten daar en later … [Lees meer...] overGedicht: Hester Knibbe – Ja
Gedicht: Karel Vertommen – De kriekelaar
De kriekelaar* De kriekelaar die in de kleine tuintjes koning is, en uitsteekt boven ewig-flapperend wasgoed, in de achterbuurt waar, onvermoed, veel stakkerds wonen. Ons kleine vreugden, als wij sjouwen met ons wateremmers vanaf de verre pomp naar huis, dan sneewt een onverwachte bloem in 't klotsend water. Als wij op lage stoelen 's avonds aan de deur ons zetten dan … [Lees meer...] overGedicht: Karel Vertommen – De kriekelaar
Gedicht: Karel Vertommen – Ze gingen uit …
Ze gingen uit ... Ze gingen uit met kaarsendompers om de zon te dooven, ze konden niet verdragen dat de zon in 't water scheen. De schalkse navend kwam zeer vroeg en deed hen aan hun macht gelooven; toen moesten ze verdragen dat de maan in 't water scheen, en dat de sterren het elkander giechelend vertelden. Karel Vertommen (1907-1991) uit: Neuriën … [Lees meer...] overGedicht: Karel Vertommen – Ze gingen uit …
Gedicht: Jan Prins – De boer en de boom
De boer en de boom Een boom stond op den akker van een boer, met heel Zijn kroon tegen den hemel. Vruchten droeg hij niet, Maar krekels met hun zang, vogels met hun gekweel, Vonden er toevlucht voor zichzelf en voor hun lied. De boer wilde den boom, daar hij geen vruchten gaf, Gaan rooien, en hij bracht den eersten bijlslag aan. Vogels en krekels smeekten hem daarop: … [Lees meer...] overGedicht: Jan Prins – De boer en de boom
Gedicht: Jan Prins – De goede dingen en de kwade
De goede dingen en de kwade De goede dingen, omdat zij de zwakste waren, Zijn door de kwade van deze aarde eenmaal verjaagd. Ten hemel zijn zij op gevaren, En hebben daar aan Zeus gevraagd, Hoe dat nu moest, om met de menschen nog te leven. De Oppergod gaf hun te verstaan, Dat zij niet allen tegelijk hadden te gaan, Maar een voor een zich naar omlaag moesten … [Lees meer...] overGedicht: Jan Prins – De goede dingen en de kwade
Gedicht: Krijn Peter Hesselink – De ruimte van het volledig leven
Uit Toondoof, de nieuwe bundel van Krijn Peter Hesselink. De ruimte van het volledig leven Ik word wakker op de bodem van een fontein als was er nooit een slaap voorafgegaan het zicht is troebel, soms breekt met een klap een euro door het dak van deze wereld we zijn het afgedankte wisselgeld dat eindeloos zou willen blijven zweven … [Lees meer...] overGedicht: Krijn Peter Hesselink – De ruimte van het volledig leven
Gedicht: Max de Jong – Droomrit
Droomrit De janpleizier rijdt door het open veld wat brandt de zon wat wiebelen wij heerlijk het koren staat manshoog de korenbloemen zijn blauw mijn overbuurman heeft een slurf Er klopt wel meer niet - op de hoge bok zit een koetsier zijn hoofd een cocosnoot en in de volgeladen janpleizier een wonderlijk gecomponeerd gezelschap … [Lees meer...] overGedicht: Max de Jong – Droomrit