• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

De hartslag van de dichter

4 september 2013 door Marc van Oostendorp 1 Reactie

Door Marc van Oostendorp

Waarom dichten de dichters niet regelmatiger? Jacob Israël de Haan, bijvoorbeeld, waarom schreef die de regel:

Beleeft in den herfsttijd zijn laatste bloei 

Waarom schreef hij niet:

Beleeft in herfsttijd zijnen laatsten bloei 
of: Beleeft in tijd van herfst zijn laatste bloei
of: Beleeft in herfstgetij zijn laatste bloei

In die laatste drie varianten volgt iedere beklemtoonde lettergreep precies op een onbeklemtoonde, terwijl de regel die De Haan schreef, een beetje hortte en stootte. Hoe zat dat?

Mensen voelen ritme. Dat is een weinig bestudeerde en nog minder begrepen, maar heel wonderlijke eigenschap van de mens.
Je hoort wat klanken – het tikken van een klok, het stappen van een hoorspelacteur in de grindbak, het spreken van een acteur – en ineens hoor je er een afwisseling in. Je voelt dat de tijd georganiseerd is op een regelmatige manier. Waarom doen mensen dat? En waarom vinden ze zoiets prettig en mooi? En waarom gaat een dichter vervolgens bewust tegen die regelmaat in? Je kunt je in ieder geval nauwelijks voorstellen dat De Haan niet op die alternatieven gekomen was.

Het zijn vragen die nauwelijks onderzocht zijn. Zelfs de basis ontbreekt. Hoeveel onregelmatigheden veroorloofden Nederlandse dichters zich? En deden ze dat inderdaad vaker aan het begin van de regel dan aan het eind, en zo ja, waarom?

Nauwelijks onderzocht, die vragen, maar toevallig zat ik gisteren in de nieuwe oogst van de DBNL voor deze maand te bladeren, en vond daar een artikel dat de (toch al enorm interessante) taalkundige A.W. de Groot in 1936 publiceerde over deze materie. Het voorbeeld van De Haan komt zelfs uit dat artikel. De Groot blijkt in de jaren dertig meerdere artikelen over het onderwerp gepubliceerd te hebben die zeer de moeite waard zijn.

Een van de dingen die hij voor dit artikel uit 1936 deed, was: tellen. Hij nam grote stukken uit het oeuvre van een dichter en scoorde voor iedere lettergreep op een schaal van 1-5 hoe zwaar hij was (de lettergreep ter in de lettergreep zou een 1 krijgen, de let bijvoorbeeld een 4, en de greep een 3; de laatste twee afhankelijk van de rest van de zin). Alle scores voor de eerste lettergreep in zo’n oeuvre telde hij bij elkaar op, en hetzelfde voor de tweede, de derde, enzovoort. Voor De Haan gaf dat de grafiek die ik hierboven gekopieerd heb.

Je ziet in die grafiek al een paar trends. Bijvoorbeeld worden de regels bij De Haan inderdaad naar het einde steeds strakker. De meter slaat in de laatste lettergrepen enorm uit: de laatste lettergreep is het hoogst van allemaal, de voorlaatste het laagst van allemaal. (De stippellijn geeft de zwakke lettergreep aan die soms aan het eind van een regel kan volgen, bij zogenoemd vrouwelijk rijm.)

Dit komt heel dicht in de buurt van wat ik de komende maanden wil doen, maar dan niet met de hand. Je kunt natuurlijk ook een computer al die gewichten aan iedere lettergreep doen toekennen, althans, dat hoop ik, en dat ga ik proberen uit te vinden, om zo te proberen ergens het kloppende hart van de dichter te betrappen en iets meer te begrijpen van dat wonderlijke ritmegevoel.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 19e en 20e eeuw, digitale poëzie-analyse, KB, letterkunde, metriek

Lees Interacties

Reacties

  1. Gaston Dorren zegt

    5 september 2013 om 16:56

    Misschien omdat ik een tijdlang liedjes heb geschreven, let ik bij het lezen van poëzie vaak nogal op metrum – liedteksten met een onregelmatig metrum zijn natuurlijk wat moeilijker te zingen. Dat traditionele dichters zich aan het begin van de regel meer metrische vrijheden veroorloven dan tegen het eind, is ook mijn sterke indruk.

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Francijntje de Boer • Aan een gevallen meisje

Of koester ik misschien te gunstige gedachten:
Heeft ook ligtzinnigheid u reeds in haar gebied?
O God! dan is ’t te laat, dan denkt mijn hart met weemoed
Aan d’afgrond, die u dreigt in ’t akelig verschiet

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Agenda

24 april 2026: Lezing Geschiedenis in scherven

24 april 2026: Lezing Geschiedenis in scherven

3 april 2026

➔ Lees meer
12 juni 2026: LitLab jubileumdag 2026

12 juni 2026: LitLab jubileumdag 2026

1 april 2026

➔ Lees meer
8 april 2026: Symposium Japanse literatuur in vertaling

8 april 2026: Symposium Japanse literatuur in vertaling

1 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
2000 Redbad Fokkema
2009 Anthony Mertens
2010 Rudy Kousbroek
2011 Ton Vallen
➔ Neerlandicikalender

Media

Bonusauteurs Adriana van Rijnsdorp, Anna van der Aar en Petronella de Timmerman

Bonusauteurs Adriana van Rijnsdorp, Anna van der Aar en Petronella de Timmerman

2 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Historische Klassiekers: Juliana de Lannoy

Historische Klassiekers: Juliana de Lannoy

1 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
SteedsDink met LitNet Akademies: Marni Bonthuys oor haar akademiese navorsing

SteedsDink met LitNet Akademies: Marni Bonthuys oor haar akademiese navorsing

30 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d