• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Schrijven als Herp, onderzoeken als Dlabačová

13 augustus 2014 door Ine Kiekens Reageer

Door Ine Kiekens
 
Een doodgewone zondag in Gouda, 1477. Wie na de wekelijkse zondagsmis in de St.-Janskerk behoefte had aan nog meer religieus onderricht, kon zich hiervoor tot verschillende personen wenden. Minderbroeder-observant Jan Brugman bijvoorbeeld – jawel, diegene die ons bekend is van “praten als Brugman” – hield welluidende preken op het kerkhof. Iets verder van de kerk nam Hendrik Herp, toen nog broeder van het gemene leven, later eveneens minderbroeder-observant, een collatie of leerzaam gesprek voor zijn rekening.

Deze inkijk in het boeiende spirituele leven van de 15eeeuw wordt ons gegund in de inleiding van Literatuur en observantie. De Spieghel der volcomenheit van Hendrik Herp en de dynamiek van laatmiddeleeuwse tekstverspreiding. Dit werk vormt het proefschrift van Anna Dlabačová, waarmee ze op 22 mei 2014 haar graad van doctor in de geesteswetenschappen (Neerlandistiek) behaalde. In haar boek stelt ze het mystieke werk Spieghel der volcomenheit van Hendrik Herp en de bijbehorende verspreidingsdynamieken – en mechanieken van deze en andere laatmiddeleeuwse geestelijke teksten centraal.
Herp schreef zijn Spieghelomstreeks 1455 op vraag van een geestelijke dochter. Zij had hem meerdere malen verzocht om instructies op schrift te stellen waarmee zij tot een volmaakt leven zou kunnen komen. Resultaat werd een helder gestructureerd handboek, waarin de mystieke opgang tot God in verschillende etappes werd geschetst. Een weinig later bleek het initiële publiek van de Spieghel zich al danig te hebben uitgebreid. In de tweede helft van de 15e eeuw werd de tekst op verschillende plaatsen in de Lage Landen gekopieerd – tegenwoordig hebben we nog 26 handschriften met (een deel van) de Spieghel – en in 1501 kwam hij voor het eerst op de drukpersen terecht. Gevolg van die mediumwissel was dat de tekst voor een nog breder, zelfs internationaal, scala aan lezers beschikbaar werd. Zo werd de tekst in de eerste helft van de 16eeeuw vertaald naar het Duits, Latijn, Italiaans, Spaans, Portugees en Frans en circuleerde hij op die manier in gans West-Europa. Het is fascinerend om vast te stellen – en Dlabačová schetst dat ook op overtuigende wijze – hoe een oorspronkelijk Nederlandstalige tekst zo’n ingang en invloed kon hebben in de laatmiddeleeuwse spiritualiteit. Naast “Praten als Brugman” zou het dan ook meer dan gerechtvaardigd zijn om het gezegde “Schrijven als Herp” in leven te roepen, als het al niet door tijdgenoten van beide figuren werd gebruikt.
Daartegenover is het dan toch wel opvallend dat Herp en zijn Spieghel in het latere wetenschappelijke onderzoek een veeleer beperkte aandacht genoot. Herp schreef immers niet louter wat we tegenwoordig een mystieke bestseller zouden noemen, zo stelt Dlabačová, in het kader van de 15e-eeuwse religieuze hervormingsbewegingen creëerde hij ook een ‘pionierstekst’. De Spieghelwas namelijk een van de eerste teksten die uit de franciscaanse observantie voortkwam, maar werd tot voor kort enkel en slechts in beperkte mate vanuit het perspectief van de Moderne Devotie – een hervormingsbeweging die aan het eind van de 14e eeuw het licht zag onder Geert Grote – bestudeerd. De vrijwel automatische associatie van de Moderne Devotie en de laatmiddeleeuwse Nederlandstalige literatuur heeft er dan ook voor gezorgd dat er maar weinig aandacht was voor de franciscaanse observantie als literaire beweging in de Lage Landen. Door de Spieghel en zijn verspreiding expliciet als een product van de franciscaanse observantie te beschouwen, maakt Dlabačová het mogelijk om enkele facetten van deze laatmiddeleeuwse cultuur – die voorheen over het hoofd werden gezien – te bestuderen. En op die manier zelf een ‘pionierswerk’ te creëren.
Met deze bagage ging Dlabačová aan de slag om vanuit een cultuurhistorische context de verspreiding en receptie van Herps Spieghel in kaart te brengen. In het eerste hoofdstuk van haar boek schetst ze nog de ontstaanssituatie van de Spieghel en positioneert ze het werk binnen de grillige levensloop van de auteur. Het tweede tot en met het zesde hoofdstuk zijn vervolgens volledig gewijd aan de studie van de verspreiding van de Middelnederlandse tekst in de Lage Landen de periode van ca. 1460-1550 en stellen verschillende facetten van de overlevering centraal. Daarbij worden telkens drie aspecten onder de loep genomen die inherent zijn aan de handschriftelijke en gedrukte overlevering: de herkomst van de overleverde exemplaren, de andere teksten of Mitüberlieferung die de exemplaren bevatten en de uiterlijke vormgeving (indeling tekst, mise-en-page, paratekstuele elementen,…) of materiële tekst van de exemplaren. Eveneens is er aandacht voor het concept distributiekringen, organisaties of mechanismen die het mogelijk maakten om teksten te verspreiden. De rode lijn in dit overzicht wordt bovendien gevormd door de al dan niet nadrukkelijke aanwezigheid en invloed van de franciscaanse observantie, waarbij de minderbroeders-observanten soms louter passief de tekst lieten circuleren, maar zich vaak ook actief bezighielden met het aanpassen van Herps tekst vooraleer die voor verspreiding geschikt werd geacht. Het geheel vormt een vlot geschreven verslag van naarstig promotieonderzoek. Dlabačová weet in heldere bewoordingen de veelzijdigheid van de laatmiddeleeuwse religieuze leefwereld te schetsen, geeft duidelijk inzichten in de verspreidingsmogelijkheden van spirituele teksten en boeit de lezer van begin tot einde.

 

Misschien is het dan ook vruchtbaar om Herps en Dlabačová’s pennenvruchten eens met elkaar te vergelijken. Beide kunnen als pionierswerken worden beschouwd. Ze zijn helder op schrift gesteld en vormen handboeken in verschillende etappes over een opgang: bij Herp om een persoon die een mystieke opgang nastreeft, bij Dlabačová om een tekst die zijn opgang in West-Europa al heeft gemaakt. En waarom dan niet het rijtje verder aanvullen? Praten als Brugman, Schrijven als Herp, Onderzoeken als Dlabačová…?
 
Anna Dlabačová, Literatuur en observantie. De Spieghel der volcomenheit van Hendrik Herp en de dynamiek van laatmiddeleeuwse tekstverspreiding. Uitgeverij Verloren, Hilversum, 2014, Middeleeuwse Studies en Bronnen 149. ISBN: 9789087044183. Prijs: € 35,-. 

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Email a link to a friend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share on Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Share on WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Share on Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Share on LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Columns Ine Kiekens, middeleeuwen, Middelnederlands, recensies

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Raakgodin – Maria Marnas

zullen de vragen
met de kracht van w
raakgodinnen een kleurverloop
doen opvlammen in onze woede

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

FEBR. ’55

Reeds weken ligt de sneeuw met opgetrokken lippen
te krimpen in de wind, te drogen aan zijn dorst. [lees meer]

Bron: Spinroc en andere verzen, 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

7 maart 2026: Themadag Standaardnederlands

7 maart 2026: Themadag Standaardnederlands

1 februari 2026

➔ Lees meer
11 maart 2026: ‘Tussen oorlog en cultuur. Ede, 1600-1800’ 

11 maart 2026: ‘Tussen oorlog en cultuur. Ede, 1600-1800’ 

31 januari 2026

➔ Lees meer
23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

31 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1968 Agata Kowalska-Szubert
sterfdag
1937 Jozef Vercoullie
1955 Gerlach Royen
➔ Neerlandicikalender

Media

Feitenvrij: wat is de macht van de pen?

Feitenvrij: wat is de macht van de pen?

2 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Waar komen spreekwoorden vandaan?

Waar komen spreekwoorden vandaan?

1 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Maud Vanhauwaert en Nina Geerdink over Johanna Hobius

Maud Vanhauwaert en Nina Geerdink over Johanna Hobius

31 januari 2026 Door Fleur Speet Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d