• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Etymologie: Moffrika

31 augustus 2017 door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

Door Michiel de Vaan

Moffrika zn. ‘Duitsland’

Scheldwoord voor ‘Duitsland’, opgekomen in de 19e eeuw, door kruising van mof ‘Duitser’ met Afrika. De oudste vindplaats is bij Bilderdijk (1820, Hekeldichten):

“Ik zal in Moffrika nog wel een Vetter vinden
(My aangewaaid hoe ’t wil) om ’t boêltjen saam te binden
Zoo groot of klein het zij; en daarmeê, Goede nacht!
‘Een Duitsche Vetter, hee! en buiten uw geslacht?'”

Vergelijk ook “iedere vernederduitschte en naar den rook smakende moffrikaansche braadworst” (1822; Bilderdijk, Vaderlandsche Letteroefeningen). Ook andere auteurs in Vaderlandsche Letteroefeningen bezigen de term, vgl. “Eene recensie van een Moffrikaansch boek” (1833), en “Moffricana” (1835), “een moffrikaantje” (1838) als titels van negatieve recensies van Duitse boeken. Vanaf de tweede helft van de 19e eeuw komt Moffrika in heel Nederland als term voor ‘Duitsland’ voor.

Hiermee komt in Noord-Duitsland de term Muffrika overeen, die ik in 1867 voor het eerst aantref in het artikel “Moorbilder aus Muffrika” in de bundel Die Gartenlaube (Leipzig, 1867) en in het Platduitse dialectverhaal Swinegel’s Lebensloop un Enne in’n Staate Muffrika. Eene putzige plattdütsche Historie in dörtein Kapitteln mit Bildern, door Willem Schröder. De term wordt regionaal nog steeds gebruikt.

Over de verklaring is al in de 19e eeuw druk gespeculeerd. Men legde verband met het feit dat een groot deel van het Hannoverse Eemsland oorspronkelijk een veengebied was, en dat het er ‘muf’ (Nederduits dial. muff) geroken zou hebben, en/of dat de (aangestoken) veenbranden het de naam ‘muf’ gegeven zouden hebben. In De Tijd van 5 maart 1884 wordt gewag gemaakt van een ingezonden brief aan het Berliner Tageblatt:

“In sommige streken van Hannover (Hannover, Lüneburg, Göttingen enz.) en ook in O. Friesland, noemt men het hannoversche Eemsland “Muffrica”, de bewonders “Muffen”.  Hiervan komt dan weer “Muffricanen” en “Muffricanisch”. (…) Moffrica is een woest, onvruchtbaar, zwak bevolkt heide- en veenland. (…) Opmerkelijk genoeg – het is nog altijd ’t Berl. Tageblatt, dat spreekt – ontmoet men ook in de nederlandsche provinciën Noord- en Zuid-Holland en Utrecht dezelfde uitdrukkingen van “Mof” en “Moffrika”, doch daar niet slechts voor het Eemsland, maar voor geheel Duitschland. (…) Het woord Duitscher wordt er slechts bij uitzondering gebruikt. Een beschaafde bedient zich echter van het woord “Mof” alleen, als hij schelden wil.”

De historicus Von Treitschke, in Deutsche Geschichte im 19. Jhdt., Band 3, p. 542 (1885) stelt:

“Nur das blutarme Volk im oberen Emslande, die vielverspotteten Muffrikaner, die von mühsam gedämpften Sanddünen oder aus verbranntem Moorboden ihre kärglichen Ernten gewannen, und die nicht minder armen Kleinbauern im Eichsfelde standen ganz unter der Leitung des Clerus, der sich aber auch hier noch behutsam zurückhielt.”

Door moderne historici wordt dit verhaal in grote lijnen onderschreven (Jones 2014, p. 468–470).

Toch blijft er een probleem: er zit een gat van bijna 50 jaar tussen de oudste Nl. vindplaatsen van Moffrika, dat van meet af aan heel ‘Duitsland’ aanduidt, en de oudste vindplaatsen van Muffrika, die op het ‘veengebied van het Eemsland’ slaan. Taco de Beer schrijft in 1899 dat Otto von Bismarck, die in 1884 het woord Muffrika bezigde, het waarschijnlijk in zijn studietijd in Göttingen (1832/33) had geleerd; maar bevestiging daarvan ontbreekt. Directe ontlening van Nederlands naar Duits of omgekeerd lijkt onwaarschijnlijk, maar het kan zijn dat de term eerst in de directe omgeving van het Emslander veengebied ontstond, en daarna enerzijds in het West-Nederlands (met herinterpretatie van Muff- als ‘Mof’), anderzijds wijder verspreid in het Platduits terecht gekomen is. Theoretisch is ook nog denkbaar dat Bilderdijk (1756-1831), die van 1797 tot 1806 in Brunswijk (Braunschweig, ten oosten van Hannover) woonde, de term Muffrika daar opgedaan heeft en aangepast aan mof. Maar mof ‘Duitser’ was al sinds de 16e eeuw in de Nederlanden bekend en er werd volop creatief mee werd omgegaan, getuige vormen als moffin, moffenbloed en Moffenland uit de 18e eeuw.

Lit.: Elizabeth B. Jones. 2014. The Rural “Social Ladder”. Internal Colonization, Germanization and Civilizing Missions in the German Empire. Geschichte und Gesellschaft 40, 457–492. Online downloadbaar.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Addenda EWN, etymologie

Lees Interacties

Reacties

  1. Marti zegt

    1 september 2017 om 07:04

    Kleine aanvulling 17e eeuwse vormen:
    “Klucht van de Moffin” van Isaac de Vos, 1644.
    “Wel ’t is een Moffin, een Moffin, zeg ik, uit Mofferyen” (kluchtspel ‘De besteedster van meisjes en minnemoers; of school voor de dienstmeiden’ van Jac. de Rijk (1692: 17)).

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Nico Scheepmaker • Ik ben het moe een mens te zijn

De tarwebloem is nooit verliefd
op ’t onweer of de dageraad;
zij kent alleen het leven sec
en denkt er nauwelijks over na.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Agenda

12 juni 2026: LitLab jubileumdag 2026

12 juni 2026: LitLab jubileumdag 2026

1 april 2026

➔ Lees meer
8 april 2026: Symposium Japanse literatuur in vertaling

8 april 2026: Symposium Japanse literatuur in vertaling

1 april 2026

➔ Lees meer
4 april 2026: Finissage-lezingen over Jan Walravens

4 april 2026: Finissage-lezingen over Jan Walravens

31 maart 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1996 Toon Cohen
➔ Neerlandicikalender

Media

Historische Klassiekers: Juliana de Lannoy

Historische Klassiekers: Juliana de Lannoy

1 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
SteedsDink met LitNet Akademies: Marni Bonthuys oor haar akademiese navorsing

SteedsDink met LitNet Akademies: Marni Bonthuys oor haar akademiese navorsing

30 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Arrival of The Strangers

Arrival of The Strangers

30 maart 2026 Door Christopher Joby 1 Reactie

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d