• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Gedichten spreken altijd iets of iemand aan

15 mei 2018 door Marc van Oostendorp 2 Reacties

Door Marc van Oostendorp

Wat is lyrische dichtkunst? De Amerikaanse literatuurwetenschapper Jonathan Culler heeft de moed gehad te proberen een theorie te ontwikkelen over die vraag van duizenden jaren oud. Hij publiceerde er in 2015 een boek over.

Centraal in zijn theorie staat het idee van de ‘apostrofe‘, het aanspreken van iets of iemand die anders is dan het feitelijke publiek. Zoals aan het einde van het sonnet ‘Mijn lief, mijn lief, mijn lief’ van P.C. Hooft ineens de goden worden aangesproken:

Hemelse goôn, hoe komt de schijn zo na aan ’t wezen,
het leven droom, en droom het leven zo gelijk?

Voor die tijd heeft Hooft ook al de ‘rijkdom van mijn hart’ toegesproken, terwijl het sonnet zelf begint met een aanspreking van de geliefde tot de dichter. Volgens Culler is dat een cruciale eigenschap van lyriek – anders dan het verhaal (waarin personages tot elkaar spreken en de verteller eventueel zich tot zijn publiek), of het theater (waarin personages in aanwezigheid van het publiek tot elkaar spreken).

Beter begrijpen

Het lijkt op het eerste gezicht wat mal om nu net die apostrofe tot een van dé kenmerkende eigenschappen van de lyriek te beschouwen, maar als je erop gaat letten staat de gemiddelde dichtbundel inderdaad vol van allerlei aansprekingen van een ik tot allerlei instanties. Het aardige van het boek Lyric Address in Dutch Literature is dat het de proef op de som neemt aan de hand van materiaal waar Culler zelf nooit naar heeft gekeken: een tiental auteurs bespreekt steeds een of meer gedichten uit een bepaalde periode uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis: behalve het gedicht van Hooft (door Britt Grootes) komen onder andere ook Lied 31 van Hadewijch, ‘Aenmerckt doch mijn geclach’  en ‘Aan myne Vrienden’ van Bellamy aan de orde.

Het blijkt een interessante exercitie. Cullen heeft zelf wel gezegd dat zijn voornaamste bedoeling niet is om een nieuwe methode voor te stellen om literaire kritiek te beoefenen: hij wil het genre bestuderen. De bijdragen in dit boek laten echter zien dat je sommige gedichten wel degelijk beter kunt begrijpen door te letten op de apostrofe.

Verkapt

In een van de mooiste artikelen in de bundel laat Maaike Meijer bijvoorbeeld zien hoe in ‘Aan mejuffrouw Agatha Deken‘ van Elisabeth Wolff juist door gebruik van de apostrofe een extra lading wordt gelegd. In het gedicht doet Wolff  op het eerste oog in de vorm van een brief verslag van de dood van haar man, de dominee Wolff. Later zouden de twee schrijfsters samen gaan leven en Meijer laat zien dat je dit gedicht al als een huwelijksaanzoek kunt lezen. In het gedicht spreekt ze haar overleden man een aantal keer aan met ‘waarde Wolff’, en helemaal aan het eind haar vriendin met ‘waardste Deken’. Daarna laat Meijer ook nog zien hoe het aanspreken van geleerde vrouwen, een genre dat sinds de 17e eeuw door geleerde mannen werd beoefend en altijd paternalistisch en rolbevestigend was, al snel door geleerde vrouwen werd overgenomen en daar ineens een andere toon kreeg – je zou bijna zeggen, een protofeministische.

Gedichten spreken altijd iets of iemand aan. Ze vertellen niet per se verzonnen situatie, ze vereisen geen bedacht sprekend personage. Ze vereisen vooral iemand tot wie het woord zich richt.

Cornelis van der Haven en Jürgen Pieters. Lyric Address in Dutch Literature, 1250-1800.  Amsterdam: AUP, 2018. Bestelinformatie bij de uitgever.

Externe inhoud van YouTube

Deze inhoud wordt geladen van YouTube en plaatst mogelijk cookies. Wil je deze inhoud bekijken?

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel

Lees Interacties

Reacties

  1. Jos Houtsma zegt

    16 mei 2018 om 10:12

    In de aankondiging van Cullens boek waar je naar verwijst is een link opgenomen naar een gesprek met de auteur in de LA Review of Books. In dat gesprek komt apostrofische lyriek ter sprake, maar er wordt denk ik niet geclaimd dat lyrische gedichten altijd iets of iemand aanspreken.
    Een fascinerend aspect van lyriek is de apostrofische echter ongetwijfeld. Ik ga het besproken boek z.s.m. lezen.

    Beantwoorden
  2. Jos Houtsma zegt

    16 mei 2018 om 10:13

    Ik wilde schrijven apostrofe, maar de spellingscontrole was me even te vlug af.

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Elise Vos • Het bewaren van een mens

uit je botten bouwde ik
twee nieuwe lichamen
profeten van een oud geloof
een tweeling die bestond
uit goed en kwaad

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

LENTEKOU

Er is niets dan de wind.
De tuinen zijn doorzichtig,
men ziet hun achterkanten leven. [lees meer]

Bron: Spinroc en andere verzen, 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

27 maart 2026: Culturele verbeeldingen van het Waddengebied

27 maart 2026: Culturele verbeeldingen van het Waddengebied

23 februari 2026

➔ Lees meer
13 maart 2026: Westerse boeken met een Japans tintje

13 maart 2026: Westerse boeken met een Japans tintje

23 februari 2026

➔ Lees meer
28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

22 februari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1966 Arie Bouman
➔ Neerlandicikalender

Media

Waarom voelt prima zo passief aggressief?

Waarom voelt prima zo passief aggressief?

23 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

➔ Lees meer
De Twintigers: Juicy

De Twintigers: Juicy

22 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Safae el Khannoussi Translation Project

Safae el Khannoussi Translation Project

21 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d