• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Grenzen aan Nedersaksisch

12 oktober 2018 door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

Door Marcel Plaatsman

Nedersaksisch

Voor de dialectliefhebber is oktober al een prima maand, want dialect kwam twee keer vrij uitgebreid in het nieuws. Eerst ging het over verheugend nieuw onderzoek in Friesland, daar zal eindelijk scherper worden gekeken naar het Kollumers. Daartoe riep ik al eens op, in mijn publicatie over het Stadsfries van Harlingen, en anderen riepen er ook toe op, dat is niet voor niets geweest. Verder was er het vrolijke bericht dat de Nedersaksische dialecten meer erkenning krijgen.

Die twee berichten hebben nog wel iets met elkaar te maken. Behalve het Stadsfries van Kollum zal ook het dialect aan de Fries-Groningse grens verder worden onderzocht. Dat dialect wordt nu nog als een vorm van Gronings gezien en dat maakt het Nedersaksisch, maar de onderzoekers sluiten niet uit dat hun conclusies anders zullen luiden. Ook dit dialect zou wel eens een soort Stadsfries kunnen zijn. Dat maakt de triomf voor het Nedersaksisch in dit deel van Friesland wel wat ironisch.

Hollands en Nedersaksisch

Want Stadsfries, dat is Hollands, en Hollands is van alles maar geen Nedersaksisch. Dat lijkt een uitgemaakte zaak. Er zijn ook heel wat verschillen op te noemen tussen de Nedersaksische dialecten enerzijds en de Hollandse dialecten anderzijds. Zelf spreek ik Tessels en dat telt als een Hollands dialect, het lijkt ook best op Stadsfries trouwens, en het lijkt dus veel minder op Twents of Gronings. Belangrijke verschillen zijn deze:

– De Nedersaksische dialecten kennen umlaut. Het verkleinwoord van stok kan zo stökkien luiden, of nog weer anders, want er bestaan allerlei mogelijke uitgangen, die verschillen van dialect tot dialect.
– Ook in de werkwoordsvervoeging komt umlaut voor, net als in het Duits. Men zegt dan ik loop, maar hij löpt, met een verkorting ook nog ‘ns. Ook hier verschillen de precieze klanken per dialect.
– De Nederlandse lange „oo” in woorden als „lopen” en de Nederlandse „oe” in woorden als „doek” vallen in het Nedersaksisch samen. Die woorden klinken dan bijvoorbeeld als loop’m en dook.
– In Nedersaksische dialecten is de -ou- in woorden als „oud”, „hout”, nog een -ol-. Dat doet denken aan Engels en Duits. Het Nedersaksisch bewaart hier een oudere klank.

Ook oud is het bewaren van de ie-uitspraak in woorden als tied (tijd), maar dat heeft het Nedersaksisch gemeen met onder meer het Tessels en het Stadsfries. De opvallende uitspraak van de eind-n, vaak genoemd, hoor je ook in het Stadsfries. Dat zijn dus geen harde verschillen, maar voor de meeste Hollanders zijn het toch wel opvallende kenmerken.

Oud of nieuw?

Op basis van verschillen als hierboven genoemd kun je dus stellen dat de Nedersaksische dialecten duidelijk van de Hollandse afwijken. Vaak wordt dan aangevoerd dat die verschillen al erg oud zijn, dat het Hollands teruggaat op een taal die „Frankisch” heet en het Nedersaksisch op een vroegmiddeleeuwse taal die „Saksisch” heet. Zeker van dat Oudsaksisch hebben we ook aardig wat teksten over, dus we kunnen die taal goed met het moderne Nedersaksisch vergelijken. Dan zien we inderdaad dat ook in het Oudsaksisch de lange „oo” en de lange „oe” al waren samengevallen in één klank.

Tegelijk vallen bij zo’n vergelijking ook de verschillen op. Umlaut had het Oudsaksisch bijvoorbeeld niet. Die umlaut kwam pas veel later in zwang, voor Oost-Nederland en Noord-Duitsland geldt dat we de umlaut pas na de middeleeuwen duidelijk in de bronnen terugvinden. Dat opvallende verschil is dus echt van recenter datum. Een „Frankisch” dialect als het Limburgs heeft ook umlaut kunnen ontwikkelen, het is dus niet exclusief Nedersaksisch. Sterker nog: ook het Volendams, een Hollands dialect, heeft umlaut, waarschijnlijk pas sinds de 19e eeuw, maar toch.

Ouder Hollands als Nedersaksisch dialect

Isoglosse ijs – ies

Veel mensen zullen als opvallend Nedersaksisch kenmerk de ie in woorden als tied noemen, maar zoals ik al schreef is die uitspraak ook Tessels en verder komt die ie voor „ij” voor in Enkhuizen, op Wieringen, op de Waddeneilanden en in de Friese steden waar Stadsfries gesproken wordt. Het is dus een typisch verschijnsel voor ouderwetse Hollandse dialecten.

Ook andere Nedersaksische verschijnselen komen of kwamen in ouder Hollands voor. De samenval van de klinker van „lopen” en „doek”, bijvoorbeeld, is voor verschillende Noord-Hollandse dialecten opgegeven en verder voor de dialecten van Zuid-Hollandse kustplaatsen. Ook voor het Tessels heb ik een o-achtige klinker in woorden die nu „oe” hebben teruggevonden in oude brieven. Het is dus best mogelijk dat het Hollands op dit punt juist op een „Saksisch” standpunt heeft gestaan en dat dat pas later is veranderd.

Dat laatste geldt ook voor de typische verkorting in de werkwoordsvervoeging, die kwam volgens oude bronnen ooit in een groot deel van Noord-Holland voor. In het Markens staat naast ik loop nog steeds hij lopt. Dat is Nedersaksisch zonder umlaut – en van die umlaut weten we dus dat die juist modern is. Zo bezien is de grens tussen ouder Hollands en Nedersaksisch helemaal niet scherp. Wat de situatie in het Kollumerland nog ironischer maakt…

Grenzen aan taalgrenzen

Voor de goede orde, het is niet mijn ambitie om de boeken in te gaan als de man die dacht dat Hollands Saksisch was. Hoewel ik dat een prikkelende stelling vind, zal ik ze voorlopig niet als waar verdedigen. De gedachtekronkel laat vooral zien hoe ontzettend vaag de grenzen tussen dialecten zijn. En ach, de Texelaar of Kollumer die nu geloven wil dat ook zíjn dialect voortaan als taal is erkend, die heeft natuurlijk mijn zegen, dat zelfvertrouwen gun ik iedereen, of die nu Oost- of West-Nederlands spreekt.

Dit artikel verscheen eerder op het blog van Marcel Plaatsman.

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Nedersaksisch

Lees Interacties

Reacties

  1. Olivier van Renswoude zegt

    15 oktober 2018 om 23:03

    “Dan zien we inderdaad dat ook in het Oudsaksisch de lange „oo” en de lange „oe” al waren samengevallen in één klank.”

    Dat is een beetje gek gesteld, vanuit hedendaags Nederlands. De lange oe van doek e.d. is immers van latere datum. Ik neem aan dat je bedoelt dat de Oudgermaanse *au en *ō in het Oudsaksisch waren samengevallen tot een lange ō. Maar zelfs dan: hoewel het Oudsaksisch geen schriftelijk onderscheid maakte, hield het twee verschillende klanken, te weten een lange open ô en een lange gesloten ó.

    In sommige Saksische streektalen is dat onderscheid bewaard en zelfs weer groter geworden. Vergelijk Westfaals lôpen en dauk en Gronings lopen en douk, van Oudsaksisch hlôpan en dók, en daarvoor Oudgermaans *hlaupaną en *dōką.

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Astrid Roemer • Steffi huilt

Het geeft niet Poes
het geeft niet dat we
sterven

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

WINTERMIDDAG

De engelen knopen licht aan elkaar,
de regenboog stijgt uit het dorre hout,
een vuur brandt in een wak boven de duinen.

Overal valt licht – tot witte hagel opspringt
van de met droge bladeren bedekte grond,
geschrokken vleugelloze insecten, engelen –
hun donzen huid smelt blank,
doorzichtig om een wit skelet –
zo straks nog bezig in het licht,
gescheiden nu, snel weggerold,
gekropen onder het gekruld bruin blad.

Bron: De Gids, november 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

31 januari 2026: Glanzende geheimenis / Hemelse vreugde – over P.C. Boutens 

31 januari 2026: Glanzende geheimenis / Hemelse vreugde – over P.C. Boutens 

12 januari 2026

➔ Lees meer
25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

8 januari 2026

➔ Lees meer
17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

7 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1722 Francois Halma
➔ Neerlandicikalender

Media

In gesprek met auteur Jeroen Theunissen

In gesprek met auteur Jeroen Theunissen

12 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Ik zie op tegen interviews…

Ik zie op tegen interviews…

11 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d