• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Volkstaal in de Kronkels

14 augustus 2023 door Siemon Reker Reageer

Onder de motorkap van Carmiggelt (ix)

Een hoofdbestanddeel in Carmiggelts Kronkels is die variant van de directe rede die we plat kunnen noemen. Voor wie liever wil: substandaard (zie de aflevering Substandaard in de Tweede Kamer: “Je mot dit en je mot dat”). Het is maar een deel van de personages die spreekt van “me zuster” of “me broer” – en dat deel is eerder aan de onderzijde van de samenleving gepositioneerd – maar het waren er kennelijk velen die “m’n” heel (fono)logisch inkortten tot “me”.

Een ander frequent voorbeeld van plat (dat ik eigenlijk als taalnaam zou moeten schrijven als Plat) is het modale hulpwerkwoord ‘moeten’. In het zeer succesvolle, vroege, Honderd dwaasheden gaat het om deze vormen van dat ene geval, voorzien van het paginanummer in de heruitgave door De Arbeiderspers van 1994:

  • Mot u geld van me hebben? 41
  • Wat mot dat? 41
  • jij most op je kop hebben 41
  • Wat mot dat nou? 48
  • Wat mot jij? 53
  • Mot je méégaan! 69
  • Dood mot je!
  • Hij mot er afblijven. 73
  • mot-je-wat-(….) 95
  • Dat mot pappie dan maar doen 104
  • of mot je het hier met je vingers eten 107
  • Ik mót niet! 115
  • of ik soms wat most 119
  • Dan mot u hárd lopen meneer 124
  • Dan mot-ie maar niet treiteren 148
  • Mot u hier wezen? 194
  • mot je ‘t in je broek doen? 202
  • Mot je mijn doen 203

Ik heb het vermoeden dat dit motte in latere cursiefjes veel minder frequent een plaats in de dialogen krijgt, net als vormen van benne voor ‘zijn’ en kenne voor ‘kunnen’. Anders dan bij groen en rood veranderde Carmiggelt hier in de loop der jaren dus wél.

  • Die benne duur, tegenwoordig 50
  • Dat zeg-ie nét (…) we bennen nog aanwezig 113
  • waar bennen de andere? 145
  • Wij bennen van de telefoon 147
  • Ken u niet zwijgen? 41
  • Ken je ‘m pakken, Kees? 147
  • Ken je wel, sladood? 203

In Brood voor de vogeltjes (een late bundel, uit 1974) is dit de totale oogst aan potloodstreepjes bij “platte” vormen – dat is dan een veel kleiner aandeel geworden:

  • hij mot in die schuur van haar 3; ik mot op m’n AOW wachten 112Wijf, leg je kop neer en snork, dat doen ik ook. 77
  • me (blote voeten e.a.) 104; cf 116, 117; 162, 163
  • Wat hevvie dan? 113
  • weeromkommen 114
  • we komme 129
  • heb ‘heeft’ 138
  • ken ‘kunt’ 138
  • moet’n (uit de mond van een Geldersman) 150
  • je hép 158
  • karreweien 162

Dit stuk versccheen eerder op het blog van Siemon Reker

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: S. Carmiggelt, volkstaal

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Johan van Heemskerck • Gedicht, dat de meisjes hun tijd niet moeten laten verloren gaan

Verharde Herderinnen,
Die noch het smeken noch de klacht,
Van uw getrouwe Herders acht,
Afkerig van het zoete minnen.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

Ik vind, elke dag heeft genoeg
aan zijn eigen kwaad. Wie zijn dag
niet mint, gaat mokkend ten onder.

Bron: Anton Korteweg

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

30 april 2026: Kampliteratuur van Charlotte Delbo

30 april 2026: Kampliteratuur van Charlotte Delbo

25 april 2026

➔ Lees meer
16 mei 2026: Hommage In de Knipscheer

16 mei 2026: Hommage In de Knipscheer

22 april 2026

➔ Lees meer
15-16 October 2026: LiME Conference on Language Variation (LiCLA 2)

15-16 October 2026: LiME Conference on Language Variation (LiCLA 2)

21 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1877 Arie de Jager
2018 Steven ten Brinke
➔ Neerlandicikalender

Media

In gesprek met literaire duizendpoot Jonathan Van Der Horst

In gesprek met literaire duizendpoot Jonathan Van Der Horst

22 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
The perks of literature – with Jeroen Dera

The perks of literature – with Jeroen Dera

22 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
In gesprek met auteur Joke van Vliet

In gesprek met auteur Joke van Vliet

20 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d