• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Afkijken voor een goed doel

8 januari 2026 door Anneke Neijt 3 Reacties

Bij het lezen en bestuderen van de Kerndoelen primair onderwijs (Kerndoelen po 2025) voor het vak Nederlands groeit het ongemak. De doelen wijken af van wat de wet vereist, ze zijn te globaal gesteld, te vaag en te hoog gegrepen. De tekst biedt geen handvatten aan de belangrijkste spelers in het proces van onderwijsvernieuwing: de leerkrachten in de klas. Dit is zorgelijk. Wat gaat hier mis en hoe kan het beter?

We zijn in de gelukkige omstandigheid dat vorig jaar in Vlaanderen een wetswijziging voor het onderwijs aan kinderen tot 12 jaar is afgerond. In Vlaanderen gaat het over hetzelfde vak Nederlands, dus zijn er naar verwachting grote overeenkomsten, zeker vakdidactisch. En wat doe je op school als je weet dat je buren al verder zijn met een bepaald onderwerp – afkijken! Voor beter onderwijs is dat een aanrader.

Wat gaat er mis in Nederland

De Kerndoelen voor het primair onderwijs (po) bevatten geen doelen die betrekking hebben op het leren lezen en schrijven. Ze bevatten wel doelen die bij het vak Nederlands horen, zoals inzicht hebben in hoe het proces van communicatie verloopt en wat de rol van literatuur is, maar dat zijn ondergeschikte doelen voor de basisschool. De presentatie van de kerndoelen is buitengewoon onduidelijk. Hieronder loop ik deze punten langs met concrete voorbeelden van waar het mis gaat:

  • In de Kerndoelen po ontbreken kerndoelen voor lezen en schrijven, ondanks dat de wet primair onderwijs het lezen en schrijven (en rekenen) centraal stelt. Lezen en schrijven vergen veel tijd in het po. In het voortgezet onderwijs (vo) moeten leerlingen kunnen lezen en schrijven.
  • Naast kerndoelen voor lezen, schrijven en rekenen vereist de wet kerndoelen voor 14 andere onderwerpen, waaronder de Nederlandse taal. De presentatie in de Kerndoelen po omvat 9 hoofdstukken, met titels die soms wel en soms niet verwijzen naar die 14 onderwerpen. Dat suggereert een afwijkende visie op de inrichting van het onderwijs. Een toelichting op het waarom van een presentatie die afwijkt van het wettelijke kader, ontbreekt.
  • De tekst presenteert kerndoelen, subdoelen en er is een puntsgewijze uitwerking. In de inleidende toelichting (p. 13) worden daarnaast aanbodsdoelen, beheersingsdoelen en ervaringsdoelen gedefinieerd. Wat zijn de echte kerndoelen? En waarom moet de lezer nadenken over de genoemde onderscheidingen?
  • De kerndoelen en de subdoelen van het primair onderwijs zijn voor het vak Nederlands precies hetzelfde als die van het voortgezet onderwijs (Kerndoelen vo 2025). Dat kan niet de bedoeling zijn. In het primair onderwijs gaat het om basale kennis en vaardigheden, gedoceerd door leerkrachten met grondige kennis van de 14 in de wet genoemde onderwerpen en van het leren lezen, schrijven en rekenen. In het voortgezet onderwijs gaat het om verdiepende kennis en vaardigheden, gedoceerd door leerkrachten met specialistische kennis. Met dat verschil houden de Kerndoelen po en de Kerndoelen vo geen rekening, wat tot grote verwarring zal leiden bij degenen die het nieuwe onderwijs moeten uitwerken (denk aan uitgevers van schoolboeken bijvoorbeeld).
  • De verschillen tussen po en vo bij de puntsgewijze uitwerking zijn minimaal. Bijvoorbeeld (onderstreept het verschil):
    p. 23 po: oriënteren op / p. 23 vo: benoemen van kenmerken van aangereikte bronnen: maker, tekstsoort en verschijningsdatum
    p. 26 po: verkennen van / p. 27 vo: experimenteren met het eigen talige repertoire in relatie tot publiek, doel en context
    p. 27 po: benoemen van verteltechnieken die een schrijver gebruikt om spanning op te bouwen / p. 29 vo: beschrijven hoe een schrijver verschillende verteltechnieken gebruikt om bepaalde effecten te bereiken
  • Bij het onderdeel Literatuur bevat de puntsgewijze uitwerking:

– verwoorden van persoonlijke leeservaring en -beleving na het lezen van literatuur;
– verwoorden van opgedane inzichten en kennis over zichzelf op basis van literatuur;
– verwoorden van opgedane inzichten en kennis over anderen op basis van literatuur;
– verwoorden van opgedane inzichten en kennis over de wereld en culturen op basis van literatuur’.

Waarom zijn de middelste twee punten, het praten of schrijven over jezelf en anderen, opgenomen als officiële kerndoelen? Het gaat om privacygevoelige onderwerpen. Misschien vinden leerlingen het verstandiger om hun mening over zichzelf en de mensen in hun omgeving niet te delen met anderen in de klas.

  • De doelen zijn vaag. Bijvoorbeeld (p. 23):

Kerndoel 2 De leerling begrijpt teksten.

2A De leerling toont begrip van zakelijke en literaire teksten.

2B De leerling evalueert en reflecteert op zakelijke en literaire teksten.

2C De leerling verkent de betrouwbaarheid van verschillende bronnen.

Om wat voor soort teksten en bronnen gaat het? Van welk niveau? En welke vormen van tonen, evalueren en verkennen worden beoogd? Hoe worden de doelen getoetst?

  • Wat als doel gepresenteerd wordt, is vaak geen doel maar een taak of bezigheid, zoals tonen, evalueren, verkennen, experimenteren, ervaring opdoen enz. Natuurlijk is het nuttig dat leerlingen in het leerproces allerlei dingen ervaren of zelf doen, maar de wet vereist doelen, en dat zijn eindpunten.
  • Sommige doelen gaan vergezeld van taken die niet zouden misstaan in een universitair onderzoeksplan. Bijvoorbeeld, bij ‘De leerling verkent taalvariatie en taalverandering in het Nederlandse taalgebied’ ( p. 26): ‘verkennen van overtuigingen over verschillende talen en taalvariëteiten’ en ‘verkennen van veranderingen in taalgebruik onder invloed van tijd, media en maatschappelijke ontwikkelingen.

Tot slot, de Kerndoelen po is geen wervende tekst voor leerkrachten in het primair onderwijs of studenten in opleiding. De tekst lijkt geschreven voor lezers die niet zelf voor de klas staan of willen gaan staan. Veel doelen gaan over aspecten van taal die vanzelf aan bod komen als je oefent met taal. De doelstellingen gaan voorbij aan waar het bij Nederlands werkelijk om moet gaan in het basisonderwijs: de toetsbare doelstelling van vloeiend kunnen lezen en schrijven.

Er is een ander soort inhoudelijke uitwerking van de wet nodig om vernieuwingen in het primair onderwijs te bewerkstelligen. Kijk daarvoor naar de onderwijsvernieuwing in ons buurland.

Onderwijsvernieuwing in Vlaanderen

In Vlaanderen heeft een tijdelijke commissie van binnenlandse en buitenlandse experts advies uitgebracht over vernieuwingen in het primair onderwijs. Deze commissie heeft minimumdoelen geformuleerd die integraal of vrijwel integraal zijn overgenomen door het Vlaamse parlement in de Minimumdoelen en visieteksten voor het derde jaar kleuteronderwijs, het vierde jaar lager onderwijs en het zesde jaar lager onderwijs (Minimumdoelen 2025). Nadere algemene maatregelen van bestuur of wetten die de kerndoelen specificeren en niveaus vastleggen, zoals in Nederland gebeurt, zijn door deze werkwijze overbodig.

De Vlaamse doelen voor het primair onderwijs zijn niet afgeleid van de doelen van het voortgezet onderwijs. Er is binnen het primair onderwijs zelfs nog onderscheid gemaakt tussen doelen voor kleuters en doelen voor tien- en twaalfjarigen (het 4e  en 6e leerjaar van de lagere school in Vlaanderen). Bijvoorbeeld, bij ‘vloeiend leren lezen’ (p. 6):

De kleuters kunnen rijm herkennen, rijmwoorden bedenken en woorden in klankgroepen verdelen (fonologisch bewustzijn).
De leerlingen [van het 4e jaar] kunnen woorden lezen met behulp van inzicht in de morfologische opbouw
De leerling [van het 6e jaar] kan onbekende woorden lezen met behulp van inzicht in de morfologische opbouw en kennis van leenwoorden

Op basis van zulke concrete doelstellingen kunnen leerkrachten meteen aan de slag.

In de Vlaamse tekst worden de leergebieden (Nederlands, rekenen, aardrijkskunde enz.) in hoofdstukken beschreven die beginnen met een visie op het leergebied. Bijvoorbeeld, de vraag of het leergebied een aparte discipline is (het antwoord is ja bij Nederlands, nee bij Attitudes) en wat de karaktertrekken zijn van het curriculum. In de visie-omschrijving van Nederlands staat bij Unieke denk- en werkwijzen van de vakdiscipline:

inzichten in het taalsysteem toepassen en erover reflecteren;
inzichten uit taalwetenschap herkennen;
in contact komen met bekroonde jeugdliteratuur, zowel fictie als non-fictie.

Deze uitgangspunten in de Vlaamse tekst lijken op de Nederlandse kerndoelen, ze zijn niet heel concreet, maar de feitelijke doelen volgen  nog. De Vlaamse tekst heeft verder een hoge informatiedichtheid. Er gaat een sterk sturende werking van uit, doordat er tussentijdse doelen zijn geformuleerd. Toch is de Vlaamse tekst slechts een kwart langer dan de Nederlandse tekst.

De Vlaamse doelen nader bekeken

De Vlaamse minimumdoelen zijn gebaseerd op de klassieke onderwijsdoelen van kennen, weten en kunnen, cf. de Minimumdoelen (p. 2):

De minimumdoelen zijn opgebouwd volgens een vast format met kennen, weten en kunnen. Minimumdoelen met kennen en weten verwijzen naar declaratieve kennis, minimumdoelen met kunnen verwijzen naar procedurele kennis. Zowel de doelzin als een mogelijke afbakening van die doelzin onder de vorm van bullets maken integraal deel uit van het minimumdoel. [mijn cursiveringen].

Door deze manier van presenteren lukt het om de doelen kort en krachtig te omschrijven, terwijl de leerkracht bij het lezen van de Vlaamse doelen direct voor ogen heeft wat een kind moet leren.  Bijvoorbeeld, bij het onderdeel Schrijven (p. 6):

De kleuters kunnen rechte en gebogen lijnen maken binnen liniatuur.
De leerlingen [4de jaar] kunnen letters, woorden en zinnen schrijven tussen de grondlijn en hulplijnen.
De leerling [6de  jaar] kan vlot en regelmatig zonder hulplijnen schrijven op een enkele grondlijn.

Bij het onderdeel Mondelinge Interactievaardigheden (p. 13):

De kleuters kunnen actief deelnemen aan mondelinge interactievormen zoals kringgesprekken, samen spelen, gesprekken met gekende volwassenen en hierbij de volgende interactiestrategieën toepassen:
•  op een gepaste manier het woord nemen en vragen;
•  elkaar laten uitspreken;
•  inspelen op wat anderen zeggen;
•  standaardformules gebruiken bij het groeten, aanspreken, bedanken en vragen.

Bij Taalgebruik en taalwetenschap (p. 16):

De kleuters weten dat taal non-verbale en verbale elementen inhoudt.
De leerlingen [4de jaar] kennen de termen jongerentaal en vaktaal.
De leerling [6de jaar] kent het uitgebreid communicatiemodel: doel, medium, effect.

De minimumdoelen bij Literatuur (p. 17) zoeken wel de grens op tussen zakelijk en persoonlijk, maar vereisen niet (zoals in de Kerndoelen po, p. 27) dat leerlingen gedwongen worden kennis over zichzelf en anderen te verwoorden. Het gaat slechts om tekstbegrip. De Vlaamse doelen kiezen daarom voor het neutralere ‘gedachten of gevoelens verwoorden’ voor de kleuters. In latere jaren staat de tekst centraal:

De kleuters kunnen gedachten of gevoelens verwoorden bij het in contact komen met bekroonde jeugdliteratuur, zowel fictievals non-fictie. < bv. de Boon voor Jeugdliteratuur, de Gouden Griffel, de Kinderjury Nederland, de Leesjury Vlaanderen, de Woutertje Pieterse Prijs >
De leerlingen [4e jaar] kunnen verbanden leggen tussen elementen uit de tekst en emoties en gedachten tijdens het lezen van de tekst.
De leerling [6de jaar] kan elementen uit de tekst situeren binnen zijn/haar vakspecifieke kennis en voorkennis.

Ter toelichting: tussen vishaken staan voorbeelden ter verduidelijking. Die maken geen onderdeel uit van het minimumdoel en zijn niet bindend voor leraren en scholen. Op deze manier levert de tekst af en toe wat nadere informatie.  

Samengevat: het document formuleert heldere, soms zeer basale doelen die tussentijds en aan het eind van het primair onderwijs getoetst worden. De tekst is goed leesbaar en kan inspirerend zijn voor wie werkt op een basisschool of nog in opleiding is.

Wat kijk je af?

Bovenstaande schets van de doelen van het leergebied Nederlands in de Kerndoelen po van Nederland en de Minimumdoelen van Vlaanderen komt er kortweg op neer dat de ene tekst doelen stelt die vaag zijn, te hoog gegrepen en te ver weg liggen of soms helemaal geen doelen zijn maar bezigheden, terwijl de andere tekst laat zien hoe er duidelijke, haalbare, toetsbare en zelfs inspirerende doelen geformuleerd kunnen worden. Daarnaast maakt de Vlaamse aanpak aanvullende wetgeving over inhoud en niveaus overbodig. Als de Nederlandse regering het Vlaamse voorbeeld volgt, betekent dat naast een echte onderwijsvernieuwing waarschijnlijk eveneens een enorme vereenvoudiging in de regelgeving: algemene maatregelen van bestuur of wetten die de kerndoelen nader specificeren en referentieniveaus bepalen, kunnen vervallen. Het voorkomt circulatie van een tekst zoals de Kerndoelen po, die conflicteert met een eerder aangenomen wet.

In Nederland moeten de kerndoelen nog uitgewerkt worden in leerlijnen. Het SLO heeft zojuist een oproep doen uitgaan aan mensen die in het onderwijs werken en daarover willen meedenken. Die oproep wordt een stuk aantrekkelijker als het uitgangspunt van overleg, de nieuwe onderwijsdoelen, beter worden geformuleerd en rekening houden met de noodzaak om veel tijd te besteden aan lezen en schrijven in het primair onderwijs.

We hoeven niet alles van Vlaanderen over te nemen. Nederland heeft een andere onderwijstraditie en onderwijsrealiteit. In Vlaanderen is er traditioneel een sterkere gerichtheid op het aanleren van parate kennis dan in Nederland. Toch is juist in het po veel aandacht nodig voor het verwerven van kennis als noodzakelijke basis van het verkrijgen van inzicht. De commissie die voor Vlaanderen de minimumdoelen heeft ontwikkeld, benadrukt dat in een korte presentatie met een citaat van E.D. Hirsch:

De anti-kennislobby lijkt niet te beseffen dat de kinderen van rijke, hoogopgeleide ouders thuis schoolse kennis opdoen, terwijl deze kennis op school (zij het met nobele bedoelingen) onterecht wordt onthouden aan kinderen uit armere gezinnen. Voor degenen die echt gelijkheid nastreven, is een gemeenschappelijk kennisrijk curriculum de enige optie. Het is de enige manier waarop onze kansarme kinderen hun meer bevoordeelde leerlingen kunnen inhalen.

Tegelijkertijd moeten we niet terugvallen op onderwijs van alleen rijtjes leren en eindeloos repetitieve oefeningen maken. Het is goed om leerlingen inzicht te geven in waarom ze bepaalde dingen leren, ze te laten reflecteren op wat ze geleerd hebben en waarvoor dat belangrijk is. Daarbij moeten hoogopgeleide beleidsmakers niet vergeten dat het primair onderwijs er moet zijn voor alle kinderen. Er is een wervende tekst nodig met oog voor het niveau van leerlingen op de basisschool.

Bronnen

De Nederlandse wet die nu bij de Eerste Kamer ligt:
https://www.eerstekamer.nl/behandeling/20251209/gewijzigd_voorstel_van_wet/document3/f=/vmt7etwhtpza_opgemaakt.pdf

De in december 2025 gepubliceerde Nederlandse kerndoelen:
https://www.slo.nl/publicaties/@25212/kerndoelen-primair-onderwijs/
https://www.slo.nl/publicaties/@25214/kerndoelen-voortgezet-onderwijs/

De Vlaamse minimumdoelen, door het parlement goedgekeurd:
https://www.vlaanderen.be/onderwijsprofessionals/lesgeven-en-begeleiden/opleidingsinhouden/opleidingsinhouden-basisonderwijs/nieuwe-minimumdoelen-basisonderwijs

Het rapport van de commissie Muijs:
https://assets.vlaanderen.be/image/upload/v1758804426/repositories-prd/DEF_Rapport_Vlaamse_kennisrijke_Minimumdoelen_PDF_lusrpp.pdf

De presentatie Kwaliteitsvolle minimumdoelen van de commissie Muijs
https://share.google/FHUK0EVLAfzb1rOMM

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: kerndoelen

Lees Interacties

Reacties

  1. Els Stronks zegt

    8 januari 2026 om 16:03

    Dank voor deze inzichten, maar de kritiek vind ik niet terecht

    – De tekst van de kerndoelen in Nederland is niet bedoeld als wervende tekst voor leraren en docenten. Dit is het wettelijk kader voor doelen, geformuleerd zoals je dat van een wettelijk kader mag verwachten.

    – De stap naar de leerlijnen gaat al veel concretere en daarvoor wervende informatie opleveren, en die wordt gemaakt aan de hand ook van aanbodsdoelen, beheersingsdoelen en ervaringsdoelen. Zo zullen langzamerhand voor docenten de middelen in zicht komen, en dat gaat dit concretere en wervender maken. En duidelijk maken hoe vanuit groep 1 naar het vo-eindexamen richting een eindkwalificatie gewerkt wordt. Daarbij is natuurlijk ook aandacht voor letters leren lezen, spellen etc., het fundament van taalonderwijs.

    – Deze kerndoelen zijn, anders dan in Vlaanderen, geen minimumdoelen. Ze eisen dat leerlingen meerdere soorten kennis opdoen: kennis van taal, van de wereld van taal en teksten, van de wereld zoals weergegeven in taal en teksten, van zichzelf, van ervaringen en van gedachten die ze in taal verwoorden en lezen. Dat is misschien even wennen (het is een tijdje geleden dat ze dit soort hoge doelen met taalonderwijs stellen), maar het maakt wel dat we minder functioneel taalonderwijs gaan krijgen.

    – Een gedachte achter functioneel taalonderwijs was dat het leerlingen minder ongelijke kansen zou geven (omdat resultaten minder afhankelijk zouden zijn van wat in de omgeving van de leerling wordt aangeboden). Zo heeft het helemaal niet uitgepakt. Opnieuw hiervoor pleiten is dus niet in het voordeel van leerlingen.

    Beantwoorden
  2. Anneke Neijt zegt

    9 januari 2026 om 10:29

    Het is duidelijk dat we onze zorg over het onderwijs delen. Liever had ik natuurlijk een lovend stuk geschreven. Bij de punten die je ter verdediging aandraagt en in de hoop daarmee het verschil van inzicht te helpen overbruggen:
    (1a) De aankondiging van de tekst op de website en de glossy uitstraling doen vermoeden dat de tekst als wervende tekst bedoeld is voor degenen die lesgeven. (1b) Als wettelijk kader dient de tekst in overeenstemming te zijn met de wet. Die vereist als duidelijk apart punt kerndoelen voor lezen en schrijven in het primair onderwijs. En daarnaast moeten er kerndoelen komen voor de 14 onderwerpen die de wet noemt. De tekst introduceert, heel verwarrend, kerndoelen voor leergebieden die helemaal niet in de wet voorkomen, zoals ‘mens en natuur’ en ‘mens en samenleving’. Dat vereist dan weer een toelichting. Deze paraplutermen zijn waarschijnlijk bedoeld om te stimuleren dat de onderwerpen in samenhang gedoceerd zullen worden, maar dat gebeurt vanzelfsprekend in het po, waar de leerkracht op de pabo geschoold is in alle genoemde onderwerpen.
    (2) Het stappenplan dat de SLO kiest bij de uitwerking van de wet is omslachtig: van wet via kerndoelen naar leerlijnen. Grijpen leerlijnen overigens niet in op wat de docenten zelf moeten doen? Het grote voordeel van de Vlaamse aanpak is dat de tussenstappen overgeslagen worden zodat de vernieuwing snel kan ingaan en er minder nadere wetgeving vereist is. Bovendien is de wetstekst leesbaar voor wie er uitvoering aan moet geven. Je schrijft ‘En duidelijk maken hoe vanuit groep 1 naar het vo-eindexamen richting een eindkwalificatie gewerkt wordt.’ Me dunkt dat iemand die lesgeeft op de basisschool meer behoefte heeft aan de concrete doelen voor het po van de Vlaamse tekst dan aan de hoogstaande doelen voor het einde van het vo in de Nederlandse tekst. We weten dat taalverwerving via vaste tussenstappen verloopt. Aansturing vanuit de overheid met informatie over de tussendoelen die je als leerkracht kunt nastreven in je eigen groep, is van cruciaal belang. Zonder laagstaande tussendoelen geen kans op het bereiken van hoogstaande einddoelen.
    (3) Er worden in de Vlaamse tekst best hoge doelen nagestreefd. ‘Minimum’ slaat op wat minimaal vereist is. Bijvoorbeeld, het minimumdoel ‘de leerling kan teksten expressief lezen’. Dat betekent: lezen met de goede prosodie. Je kunt op die manier toetsen of de leerling de tekst begrijpt, want via de prosodie geef je betekenis aan de losse woorden, je laat horen wat de zinsdelen zijn, welke daarvan nieuwe en oude informatie leveren en wat het verband is tussen de zinnen. Een prima manier om via de vorm grip te krijgen op de vraag of de leerling de tekst begrijpt.
    (4) Denk je dat de Vlaamse onderwijsvernieuwing gebaseerd is op een verouderde visie? De visie van de commissie Muijs (die ten grondslag ligt aan de Vlaamse wettelijk vastgelegde tekst) lijkt me wel een heel goede. Je kunt mijn tekst lezen als oproep om te onderzoeken of de Vlaamse doelstellingen als geheel of gedeeltelijk aanvaardbaar zijn voor de verschillende soorten basisonderwijs in Nederlands (openbaar of bijzonder, Montessori, Dalton, Vrije school, enz.).

    Beantwoorden
    • els stronks zegt

      9 januari 2026 om 18:20

      Ja, we delen die zorg, maar ik denk dat verzet tegen de in Nederland gekozen route niet helpt. Tegen de Vlaamse route is ook kritiek geuit, dus feilloos is die allicht niet en als hij dat al is, is het nog maar de vraag of die in Nederland werkt.

      Er zijn een heleboel zaken in het proces die we niet kunnen beïnvloeden. Van hoe glossy en wervend SLO publicaties uitgeeft tot hoe de wetgeving in Nederland in elkaar zit. Bovendien is het proces in Nederland net afgerond.

      Ik denk dat daarom energie beter kan zitten in het concreet maken van hoe die hogere/bredere taaldoelen bereikt kunnen gaan worden. En daar geven de kerndoelen alle ruimte en gelegenheid voor.

      Beantwoorden

Laat een reactie achter bij Els StronksReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Jacques Perk • Een handkus

Gedoog, dat aan die sneeuw mijn wang zich koele,
En dat mijn lippen ’t warme dons beroeren,
En dat ik dan nog eens mijn straf gevoele!

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

Het bloesemt en het sneeuwt,
de angst dat je, al ben je jaren
dood, zou kunnen sterven,
leeft.

Bron: Uit de hoge boom geschreven, 1967

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

8 januari 2026

➔ Lees meer
17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

7 januari 2026

➔ Lees meer
16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

4 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1969 Frank Baur
➔ Neerlandicikalender

Media

Anne Frank, schrijfster

Anne Frank, schrijfster

9 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Hélène Swarth (1859-1941) – Vaders vioolspel (1927)

Hélène Swarth (1859-1941) – Vaders vioolspel (1927)

8 januari 2026 Door Rolf den Otter 1 Reactie

➔ Lees meer
In gesprek met uitgever Marc Vleugels

In gesprek met uitgever Marc Vleugels

7 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d