• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Sprekend proefschrift

4 februari 2026 door Louise Cornelis Reageer

Ik heb het hier eerder gehad over het onderzoek van Geerke van der Bruggen naar begrijpelijkheid en acceptatie van rechterlijke uitspraken. Vorige maand promoveerde ze; haar proefschrift heet Sprekende uitspraken. We hadden elkaar net ervoor gesproken bij een bakje koffie in Utrecht en afgesproken proefschriften uit te wisselen. Ik heb het net gelezen, nouja, zeker niet alles. Dat is bij proefschriften sowieso niet helemaal realistisch, zal ik maar zeggen, en bovendien kende ik een deel van het boek al, want het is een verzameling van enkele andere publicaties van haar. Zo staat het cirkelmodel er ook weer in.

Van der Bruggen houdt zich bezig met een ander genre dan ik, maar er zijn wel overeenkomsten. Dat cirkelmodel herken ik bijvoorbeeld heel goed van mijn opdrachtgevers bij de overheid en ze onderzocht onder andere of ‘hoofdboodschap voorop’ de begrijpelijkheid bevordert. Desalniettemin moet ik oppassen om het proefschrift te lezen met mijn genre, adviesrapporten, in mijn achterhoofd, want dat zijn echt andere teksten. Toch ga ik er twee dingen uit op mijn eigen werk betrekken:

  • Geerke zei het al toen we elkaar spraken: als nou iets de begrijpelijkheid bevordert, is het extra uitleg van de vaktermen en andere moeilijke begrippen. Dat ga ik onthouden. Ik vind mezelf regelmatig terug in discussies over jargon, en dan ga ik dit onderzoeksresultaat in de strijd werpen: als je dan geen gewoner woord kunt bedenken, leg het jargonwoord dan tenminste uit!
  • De resultaten voor ‘hoofdboodschap voorop’ zijn niet eenduidig. In een experiment ging het om twee teksten; bij de ene verbeterde had vooropplaatsing van de conclusie een positief effect op het begrip van leken, bij de andere niet. Van der Bruggen geeft als verklaring (p. 152) dat bij die eerste tekst vraag en antwoord beter (meer intuïtief) op elkaar aansluiten dan bij de tweede. In die tweede staat de vraag centraal of de gedaagde een rekening moet betalen aan een derde partij. Het antwoord is dat de vordering van de derde partij ‘onvoldoende onderbouwd’ is. Daar zit een gat tussen, ja. Als het een adviesrapport zou zijn, zou ik zeggen: dat gat is te dichten door de ‘so what’ te expliciteren: wat betekent dat antwoord nou precies? Moet de gedaagde die rekening wel, niet of misschien later betalen? Als je die strekking verwoordt, sluit het antwoord wel goed aan, met mogelijk beter tekstbegrip als gevolg. Maar misschien kan dat juridisch niet. 

Ongebruikelijk

Dan nog iets wat te maken heeft met vorm en inhoud én met mijn eigen proefschrift. Aan het eerdere contact met Geerke hield ik verdiept inzicht over in de achtergrond van de tekstconventies die naast het juridische en adviesdomein ook het wetenschappelijke schrijven bepalen.  Ik schreef ook daar eerder over: eraan ten grondslag ligt het instandhouden van de modernistische mythe van objectiviteit. In Sprekende uitspraken gaat het daar ook weer over en ik las dat met plezier (paragraaf 3.5). Sprekende uitspraken doorbreekt zelf die mythe met een formuleringskeuze: voor een proefschrift staat er vaak ik in. Dat is nogal taboe, maar niet voor mij. Ik heb me in het vermijden van ik verdiept voor mijn proefschrift, want veel schrijvers kiezen dan maar voor lijdende vormen, een van de conventionele stijlkenmerken in de wetenschap. Daar wordt de tekst bepaald niet leesbaarder van, en het is ook weer zoiets dat die mythe in stand houdt: alsof je er als onderzoeker zelf niet toe doet. Ik heb zelf dus ook I gebruikt in mijn Engelstalige proefschrift, vooral in de rol van ‘regisseur’ van de tekst: ‘I will introduce/discuss… ‘ enzovoort. Daarnaast veel meervoud we, bijvoorbeeld als ik onderzoek samen met scriptiestudenten had gedaan. 

Van der Bruggen schrijft bijna overal ik als uitvoerder van het onderzoek: ‘Omdat… deed ik een vervolganalyse’ (p. 119) of ‘Voordat ik stellingen over de tekst aan de procespartijen voorlegde, vroeg ik ze om een rapportcijfer voor de tekst…’ (p. 123). Dat zijn heel willekeurige voorbeelden, zulke formuleringen staan overal. De tekst wemelt van ik. Dat is echt ongebruikelijk. Ik waardeer de doorbreking van de mythe.

Mythe

Wel gaat dat me af en toe te ver: te veel ik. Nouja, de ik‘en zijn nog tot daaraan toe, maar ik zou mijn in bijvoorbeeld ‘Hiervoor heb ik mijn vier hypotheses (…) gepresenteerd’ en ‘Voor mijn experimenten gebruikte ik twee relatief korte rechterlijke uitspraken…’ (p. 136) vervangen door een lidwoord: de hypotheses/experimenten. Makkelijk te realiseren, en net wat neutraler. Naar mijn smaak staat anders te zeer de persoon van de onderzoeker centraal. Maar ik realiseer me wel: dat is dus een kwestie van smaak, en het kan ook gewenning zijn. Als meer wetenschappers zo zouden schrijven, zou het minder opvallen. Zou ik het dan wel okee vinden? Leuk als een proefschrift dat soort bespiegelingen oproept.

Nog eentje dan. Mij valt ook nog op dat er af en toe juist wel een passief staat – iets wat mij ongetwijfeld veel meer opvalt dan een willekeurige lezer. Bijvoorbeeld op p. 112: ‘De constructen uit het model zijn in de vragenlijst geoperationaliseerd als sets van stellingen’. Dat is typisch academisch proza, zal ik maar zeggen – hoezo daar wel zo? Twee zinnen in dezelfde alinea later staat er wel weer ik – een alinea met een perspectiefbreuk dus. Net als waar het op p. 114 gaat over de brieven die bij de vragenlijsten stonden: het specifieke doel ‘werd niet vermeld’ en ‘in de brief werd gesproken’. Twee vage lijdende vormen: ze laten in het midden wie dat heeft gedaan. De versturende partijen, twee rechtbanken? Distantieert Van der Bruggen zich daar zo net een beetje van? Dat zou namelijk passen bij mijn visie op de lijdende vorm: dat geeft meer distantie ten opzichte van de handelende persoon (het is de opeenstapeling van distantie die teksten met veel passieven zo slecht te pruimen maakt). 

Maar goed, dat is wel erg in detail op een klein aspect van de vorm. Terug naar de inhoud van Sprekende uitspraken: dit boek inspireert mij om vraagtekens te blijven zetten bij de mythe van objectiviteit, in elk geval omwille van de lezer (ik denk dat het belang groter is dan dat). Hopelijk geldt dat voor meer vakgenoten.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: dissertatie, recht, taalbeheersing

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Dean Bowen • een leugen doorspookt …

een leugen doorspookt de welving waarin je jezelf thuis waant, dus verlaat je het huis in een poging terug te vinden wat je in kinderlijke onschuld moest achterlaten.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

UITZICHT

Het uitzicht is een landschap takken en een grijze lucht
met plekken licht weerspiegeld in een ruit waarop ik kijk
en echte lucht daarboven, strook waarin een vogel vliegt.
In het weerspiegelde vliegt het donker. [lees meer]

Bron: Hollands Maandblad, februari 1974

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

27 februari 2026: Vriendenlezing – Leren met boeken

27 februari 2026: Vriendenlezing – Leren met boeken

24 februari 2026

➔ Lees meer
1 maart 2026: Voorleesmarathon uit het oeuvre van Astrid H. Roemer

1 maart 2026: Voorleesmarathon uit het oeuvre van Astrid H. Roemer

24 februari 2026

➔ Lees meer
27 maart 2026: Culturele verbeeldingen van het Waddengebied

27 maart 2026: Culturele verbeeldingen van het Waddengebied

23 februari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1770 Adam Simons
➔ Neerlandicikalender

Media

Sinte Franciscus Leven van Jacob van Maerlant

Sinte Franciscus Leven van Jacob van Maerlant

24 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Waarom voelt prima zo passief aggressief?

Waarom voelt prima zo passief aggressief?

23 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

➔ Lees meer
De Twintigers: Juicy

De Twintigers: Juicy

22 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d