Uit Liederen uit het oerbos, de debuutbundel van Adriaan Krabbendam (gister jarig). Woudlied stronkel niet het woekert van welig en welste over de vloerdripdrapt van druiphars en gekeept is het stammentalom schorswater vogellijm ochtval en voorvocht(het meeste is melk) er dwalen verdoolde stammen van boogpijl voorziene componistenooit achtergelaten door euvel … [Lees meer...] overGedicht: Adriaan Krabbendam • Woudlied
Gedicht: Els Moors • Hoe heter hoe beter: klimaatlied
Els Moors (vandaag jarig) was van 2018-2020 Dichter des vaderlands van België. De gedichten die ze ambtshalve schreef, zijn nu gebundel in Knalpatronen, waarin de gedichten ook in het Frans en Duits zijn opgenomen, en soms in het Arabisch en Afrikaans. Hoe heter hoe beter: klimaatliedauto’s die drijven op een zee van plastieknaar hete planeten vandaag ben ik ziekik heb … [Lees meer...] overGedicht: Els Moors • Hoe heter hoe beter: klimaatlied
Gedicht: Hans Andreus • het midden van het lichaam
Gedichten van Hans Andreus uit de derde jaargang (1958) van Gard Sivik. het midden van het lichaam In het midden van het lichaam staat het leven stil;daar beweegt niets; misschien een grashalm;misschien een weinig muziek; een paar wolken. Daar woont ook de kleine god van het geduld.Hij knielt en kijkt over de aarde;hij zit met over elkaar gevouwen benenen volgt een … [Lees meer...] overGedicht: Hans Andreus • het midden van het lichaam
Gedicht: P.A. de Génestet • Epikurisch feestgezang
Epikurisch feestgezang Ruischende wanden, en schittrende zalen,Bruisende bekers en ramlende schalen,Blinkende toortsen in flonkrend kristal,Klinkende kelken en jubelgeschal!Schaatrende buien van lachen en zingen,Klaatrende stroomen en kurken aan 't springen;Spreien van dons voor het uitgerekt lijf,Reien van vrinden in 't zalig verblijf! Blazende wangen en smakkende … [Lees meer...] overGedicht: P.A. de Génestet • Epikurisch feestgezang
Gedicht: C.B. Vaandrager • (1962-)
Uit de zesde jaargang van Gard Sivik. (1962-) Er is iets gebeurdmet mijn dromen.Was er van 1935-1962voornamelijk een chaos van rupsbanden, bagagedragers(spitsuren?), zodra ik mijn ogen sloot,nu kijk ik, zodra ik mijn ogen sluit, uitover een boulevard,waar zo goed als geen hond te zien is.Ik vermoed mensen in de huizendie hun redenen zullen hebbenom niet op straat te … [Lees meer...] overGedicht: C.B. Vaandrager • (1962-)
Gedicht: C.B. Vaandrager • 58253
Uit de zesde jaargang van Gard Sivik. (?) In café ‘De Kroonkurk’ in Rotterdam Zuidlees ik op het herentoilethet volgende: GELUID VAN BABYALS GROOTMOEDERSPELDJE IN KONTJE STEEKT Opeens denk ik:Is dit de concrete poëziewaar Sybren Polet over geschreven heeft? Achteraf denk ik:We zouden het verleden toch laten rusten? … [Lees meer...] overGedicht: C.B. Vaandrager • 58253
Gedicht: C.B. Vaandrager • Tijd voor teenagers
Uit de zesde jaargang van Gard Sivik. (Tijd voor teenagers) Simon Vinkenoog was hier.‘Wat een gekke week, hè?’ Op zoek naar een passend aandenken(Het affiche?Een EP-tje van Chubby Checker?Of een strip van Flipje,het fruitbaasje van Tiel?)vind ik een luchtpistool.Ik heb er in maanden niet mee gespeeld.Ik stel voor om te schietenmet als doelwit het affiche vanVINCE … [Lees meer...] overGedicht: C.B. Vaandrager • Tijd voor teenagers
Gedicht: C. Buddingh’ • ars poetica
Gedichten van C. Buddingh’ uit de zesde jaargang van Gard Sivik. ars poetica ik weet het nog als de dag van gisteren(ik was misschien 22): ik zatte broeden op een gedicht, en mijn moederzat bij het raam de aardappels te schillenhet vers wilde maar niet lukken: het zweetstond op mijn rug en vol ergernis dacht ik:hoe kan men in godsherenaam dan ookpoëzie schrijven in een … [Lees meer...] overGedicht: C. Buddingh’ • ars poetica
Gedicht: Annemarie Estor • Kosmologie
Uit De bruidsvlucht, de nieuwe bundel van Annemarie Estor. Kosmologie Het universum is een fles Beaujolaismet onderin een paysage,wat schaapjes en gras,gestippelde paarden in een grot,en wij op de péage langs een dorp,in deze nacht, zoevend langs de bijna-tijd,de mogelijkheid tot vuurwerk,manden vol ambachten,keukens met koperen pannen,en op de fles hebben de … [Lees meer...] overGedicht: Annemarie Estor • Kosmologie
Gedicht: Paul Snoek • een mergpijp + noodbrug
Twee gedichten van Paul Snoek uit de eerste jaargang van Gard Sivik. een mergpijp het was de goedgeefse regenbuigzaam als een buideldier,die het kleilichaam streeldevan de hond van vanmorgen. toen de goochelaars van vannachthet mengelwerk van de huizenachterlieten in het achterland,waar orgelmergpijpen speeldenstaalmagere koudmuziekuit de tijd der weduwen. uit … [Lees meer...] overGedicht: Paul Snoek • een mergpijp + noodbrug
Gedicht: H.C. ten Berge • Szymborska
Uit In tongen spreken, de nieuwe bundel van H.C. ten Berge. Szymborska Wat had ik graag nog eens met u gepraat, mevrouw Wisława.Gepraat, maar liever nog gedronken – Poolse thee of uitgelezen wodka – en geluisterd naar uw taal vol ironie, uw humor en vlijmende mildheid om het ontoereikende bestaan te verdragen. ‘Jakhalzen met zelfkritiek zijn onbestaanbaar,’ … [Lees meer...] overGedicht: H.C. ten Berge • Szymborska
Gedicht: P.A. de Génestet • Waar en hoe
Waar en hoe Niet in de scholen, neen, heb ik gevonden,En van geleerden, och, weinig geleerd;Wat ons de wijzen als waarheid verkonden,Straks komt een wijzer, die 't wegredeneert. 't Leven alleen is de school van het leven,Levens-ervaring het heilige boek,God! door Uw wijzenden vinger geschreven,Daar ik niet vruchtloos de waarheid in zoek. Zelf moet gij 't zoeken en zelf … [Lees meer...] overGedicht: P.A. de Génestet • Waar en hoe
Gedicht: Truus Gerhardt • De Twentsche hoeve
De Twentsche hoeve De zachte vensters vrij naar zon en regen openen naar de onmeetlijkheid van ’t rustloos barend landligt ze, in de ommanteling der ruige roggehoopen,warm als een nest gedoken aan den akkerrand. Zachtaardig beeld van vrede, waar een ziel in droomtdie zich in eenvoud voegt naar ’t goddelijk bestel:Het knoestig erf, door sleedoorn wit bezoomd;de zwarte … [Lees meer...] overGedicht: Truus Gerhardt • De Twentsche hoeve
Gedicht: Truus Gerhardt • De hofstede
De hofstede Rechtschapen is 't gelaat van Holland's trotsche hoeve,waar zich het leven van een land in samentrekt;rechtschapen is de strengheid van haar stroevebeslotenheid en rust, beheerscht en overdekt door de gespierde dijk, die haar in de armen kneltmet 't driftig ongeduld van wie naijvrig zijn. -De stugge horren, stuursch ter vensters opgesteldtot een vierdubb'le … [Lees meer...] overGedicht: Truus Gerhardt • De hofstede
Gedicht: Drs. P • ollekebollekes
Schokkende voorvallen!Koning terechtgesteldSchip van Van Speyk ontploftPost bezorgt oor Verder het bloedigeHaarlemmerstraatoproer(Moet nog gebeuren –Bereid u maar voor) ** Hoeveelste eeuw nu al?O, eenentwintigste …Steeds meer problemenEn minder gerief Voer ons terug naar hetPaleozoïcumNiks evolutieGewoon primitief … [Lees meer...] overGedicht: Drs. P • ollekebollekes
Gedicht: Mea Verwey • Het veertje
Mea Verwey (dochter van dichter Albert Verwey) was uitgeefster en letterkundige. Het veertje Aan de haven vond mijn lief een veertje:aan de haven waar de grootste sluisdeurvan de wereld, glijdend in zijn kassen,maakt ruim baan voor overzeese schepen,waarop mensenmenigt uit en thuis vaart.Daar op ’t duinzand vond mijn lief een veertjevan een meeuw, een zacht en sneeuwwit … [Lees meer...] overGedicht: Mea Verwey • Het veertje
Gedicht: Roelof ten Napel • twee sonnetten
Twee ‘sonnetten’ uit In het vlees, de nieuwe bundel van Roelof ten Napel. (Voorproefje). Sonnet CXXI (liedje) mijn vriend bekijkt de klerenkastin onze tijdelijke kameren herhaalt, zingend,het woord mottenballen — mottenballen mottenballen mottenballen,alsof het ietste betekenen heeft, ik weet niet wat, dusik glimlachom mijn hachje te redden enhem niet te … [Lees meer...] overGedicht: Roelof ten Napel • twee sonnetten
Gedicht: Maria Tesselschade Roemers Visscher • Hoe krachtig ik verpijn
[Eerst het herspelde origineel, daarna de hertaling.] Hoe krachtig ik verpijndoor de waarheid of door schijnte smoren met een koude praat’t geen vurig in mijn hartje staat,het suiend slapen doet vermaên’t sluimerig en ’t soet:een genuchje,een geduchje,een zuchje alsem bitter suikerzoet. De Min mij leren wou,hoe ik best vergeten zou,hetgeen ik niet vergeten kost,dat ik er … [Lees meer...] overGedicht: Maria Tesselschade Roemers Visscher • Hoe krachtig ik verpijn
Gedicht: Hans Sleutelaar • twee gedichten
De vorige week overleden Hans Sleutelaar was dichter van een klein maar veelgeprezen oeuvre. Hemellichamen het uur dat ik de dag heb opengebrokenen de zee in een dauwdruppel samengevatwas ik radeloos was ik vuur was ikeen gat in de huid van de ruimteeen kreet van vreselijke vreugdeeen magere morgen van zand en honger en wist mij later blindgestaard en … [Lees meer...] overGedicht: Hans Sleutelaar • twee gedichten
Gedicht: Tom Naastepad • Dordrecht
Dordrecht Zolang de bomen groen zijn is er hoop.Mijn vaderen hebben het steeds geweten,het hout van bomen bood men hun te koop:koorbanken om het nimmer te vergeten,weerbarstig hout: wie hebben er gezeten,brede rivier, aan uw benedenloop? Hardnekkig hopen als de hoop verdortdeed men in Dordrecht, men maakte er bankendwars tegen de jaarringen, onverkort,van dik dogmatisch … [Lees meer...] overGedicht: Tom Naastepad • Dordrecht
Gedicht: J.W. Schulte Nordholt • Dordrecht
Dordrecht Dordrecht, dat in het goud van Van Goyengehuld is als in een glanzende huid,Dordrecht rijst boven het water uitmet al zijn historie, met al zijn mooie Welvaart en vrijheid. De trotse torensteekt als een vuist het schild van de tijdop in de blauwe oneindigheid,Dordrecht is uit water geboren. … [Lees meer...] overGedicht: J.W. Schulte Nordholt • Dordrecht
Gedicht: Laurine Verweijen • Luister
Laurine Verweijen’s debuutbundel Gasthuis is een van de vier genomineerden voor de C. Buddingh’-prijs. Luister, er gebeurt van alles in deze hoekhet een nog mooier dan het ander,zwart ramt het kartel omver, wit schuurtde harde kanten. Eén vuist slaat voor een anderop tafel, een enkele achtergebleven traanwordt tussen twee wimpers vandaan geplukt.Alles wat ook maar een … [Lees meer...] overGedicht: Laurine Verweijen • Luister
Gedicht: Jens Meijen • Anachronisten
Jens Meijen’s debuutbundel Xenomorf is een van de vier genomineerden voor de C. Buddingh’-prijs, die morgen wordt toegekend. Voorproef hier. Anachronisten Op mijn schermeen dakterras in bijna zomervrienden roken, debatteren soulmates;muziek golft benzine mijn aders binnen.Paul Kalkbrenner. Azure. Verre wolken zouden ons nooit bereiken, druppelen elders uit.Radiator van … [Lees meer...] overGedicht: Jens Meijen • Anachronisten
Gedicht: Iduna Paalman • Audit
Iduna Paalman’s debuutbundel De grom uit de hond halen is een van de vier genomineerden voor de C. Buddingh’-prijs, die komende vrijdag wordt toegekend. Audit Er bestaat een groep riskmanagers, ik ben er een van. We komen graagsamen in een huis met gematteerde ramen, taxeren de dreigingen, verdelenons zorgvuldig over de straten. Al op de eerste hoek weet ik een … [Lees meer...] overGedicht: Iduna Paalman • Audit
Gedicht: Jérôme Gommers • Ik ging z’n lof zingen
Jérôme Gommers’ debuutbundel Momentums laadklep is een van de vier genomineerden voor de C. Buddingh’-prijs, die komende vrijdag wordt toegekend. Hieronder het openingsgedicht. (Uitgebreide voorproef hier). Ik ging z’n lof zingen, want alles was mooi en lelijk. Ik zong,zoals ik gebekt was, veranderlijk, wisselvallig, eigenlijk zonder eigen stem. Nu eens melodisch, bijna … [Lees meer...] overGedicht: Jérôme Gommers • Ik ging z’n lof zingen
















