• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Index ’t Peerd van Ome Loeks

25 juli 2014 door Bart Droog Reageer

Boek van Ab Visser van online-index voorzien

Door Bart FM Droog
Eind 1970 publiceerde Ab Visser(1913-1982) het boekje ’t Peerd van ome Loeks (De Arbeiderspers). Het bevat de herinneringen van Visser aan het (culturele) leven in Groningen-stad, van circa 1917 tot kort na de Tweede Wereldoorlog.

Het boek is een bijzonder rijke bron over welke kunstenaars en literatoren er zoal in Groningen-stad in die periode verbleven. Van dichters die de stad voor lezingen aandeden, zoals Marsman en Gerard den Brabander, tot de kunstenaars van de Ploeg en auteurs die er woonden en werkten, zoals H.N. Werkman, Jan Altink, Johan Dijkstra, Jan Eekhout, Ferdinand Langen, A. Marja en Hendrik de Vries.

Ook staat Visser uitvoerig stil bijJ.J.A. Goeverneur (1809-1889). Goeverneur is vooral bekend gebleven door zijn Mijnheer Prikkebeen-vertaling (dit jaar nog herdrukt door de KB) en dankzij ‘Toen onze mop een mopje was’. Jammer is dat Visser niet vertelt wie of wat zijn bronnen waren over Goeverneur, zodat de volgende opmerking moeilijk te plaatsen is:

“Er was een geheim in zijn leven dat nooit helemaal opgehelderd is; hij bleef vrijgezel, vermoedelijk omdat hij homoseksueel was, toen nog geen pluspunt voor kunstenaars zoals in onze dagen. Hij hield veel van kinderen en het zal niet toevallig geweest zijn, dat hij een tijd lang kamers bewoonde in een huis waar de kostjuffrouw negen kinderen had, die ‘oom Jan’ op de handen droegen.”

Het Goeverneur-gedeelte in ’t Peerd van Ome Loeks verscheen overigens eerder in Leven van de pen (Kruseman, Den Haag, 1965), een werk dat integraal bij de DBNL te vinden is.

Visser stipt hier en daar het rijke joodse leven in het vooroorlogse Groningen aan. Terloops, want, zo schrijft hij, “ik zou alleen maar kunnen herhalen wat Nico Rost met zoveel sympathie en kennis van zaken heeft verteld in zijn alleraardigste boek De vrienden van mijn vader” (Van Gorcum, Assen, 1956; 3de druk bij Kruseman, Den Haag, 1981).

’t Peerd heeft twee grote gebreken: bronvermeldingen ontbreken en het bevat geen index. Omdat heel veel dichters in het boek aan de orde komen, heeft de NPE daarom een index van het boek gemaakt, met daarbij de leefjaren van vrijwel alle personages:

http://www.nederlandsepoezie.org/jl/1970/visser_peerd_van_ome_loeks_index.html

Zodat het boek voor zowel verder NPE-onderzoek als voor andere onderzoeken efficiënt geraadpleegd kan worden.    

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 19e eeuw, 20e eeuw, 21e eeuw, letterkunde, Nederlandse Poëzie Encyclopedie

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Johannes Antonides van der Goes • Aan juffrouw Suzanna Bormans, ziek zijnde

Waar is dat blozend rood geweken,
Dat aangename rozebloed,
’t Geen eedle zielen kon ontsteken,
Om uwe waarde, in minnegloed?

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

Mijn landgoed is niet groter dan
mijn eigen huid, de omvang van
mijn schoen, de omvang van mijn vuist,
ik gaf het namen in de kleur van regen,
ik keek er dwars doorheen, vluchtige stof
en zag de horizon, de lengte van
mijn armen, van mijn benen.

Bron: Het Zinrijk, 1971

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

8 januari 2026

➔ Lees meer
17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

7 januari 2026

➔ Lees meer
16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

4 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1992 Theo Weevers
➔ Neerlandicikalender

Media

Ik zie op tegen interviews…

Ik zie op tegen interviews…

11 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Buitenleven van Willem Sluiter

Buitenleven van Willem Sluiter

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d