• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Het is mijn prachtige, mijn hondse baan

24 maart 2018 door Marc van Oostendorp 3 Reacties

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (168)
Het Nederlandse sonnet bestaat 453 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij

Tussenuur

Midwinterdag. – De geur van oude jassen,
de gang met kalken licht om in te dwalen;
een schateren – grindstorting– uit een klasse;
en dan hoort men de school weer ademhalen.

Dit is mijn land. Ik zal niet meer verkassen:
Dr. I.G.M. Gerhardt, oude talen.
Vergeef mij, God, mijn duizendvoudig falen.
Ik kon dit nimmer in mijn schema passen.

En rebelleerde.– Maar ik ben gezwicht:
Te sterk zag mij mijn werk in het gezicht.
Het is mijn prachtige, mijn hondse baan.

Waar staat van ‘wandelen voor Uw aangezicht?’
Een tussenuur. In deze geur, dit licht.
Het is mijn arbeid, en Gij ziet mij aan.

(Ida Gerhardt, Sonnetten van een leraar)

Behalve het zogeheten prozagedicht bestaat ieder gedicht uit een aanatal regels. Die regels organiseren de woorden in het gedicht in een structuur die parallel is aan die van de ‘gewone’ zinsbouw. Zeker in de twintigste eeuw begonnen dichters te spelen met spanning tussen de twee lagen: zinnen of zelfs zinsdelen liep over twee regels heen – het zogeheten enjambement.

Ida Gerhardt is daar nooit een groot liefhebber van geweest. Zij heeft juist effectief gebruik gemaakt van de kunst om de zin en de regel zoveel mogelijk te laten samenvallen.

In dit sonnet is het einde van iedere regel ook het einde van een zin, een afgeronde mededeling. Soms staan er twee zinnen op een regel (“Een tussenuur. In deze geur, dit licht”), en sommige regels eindigen op een ander leesteken dan een punt. Maar ook dat betreft allemaal aaneenschakelingen van hoofdzinnen, al dan niet met een werkwoord. Het feit dat in de eerste drie regels alle werkwoorden ontbreken, geeft het gedicht meteen het karakter van een opsomming. En daarna “hoort men de school weer ademhalen”.

Het hele gedicht heeft een kortaffe, zakelijke toon, terwijl er een religieus karakter aan het vak van leraar gehecht wordt die misschien een beetje over the top is. Juist het zakelijke van de zinnen die zich keurig houden aan de grenzen van de regels en omgekeerd, het raster waar de dichter Ida Gerhardt net zo strak in zit als de leraar Dr. I.G.M. Gerhardt, maken dat het gedicht door die verwijzingen naar de Goddelijke opdracht niet topzwaar wordt. Je ziet haar voor je, die strenge dr. I.G.M. Gerhardt, de schrik van wie zijn huiswerk niet heeft gemaakt, en die ineens, in een tussenuur een religieuze gewaarwording heeft.

 

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 196 sonnetten, 20e eeuw, Ida Gerhardt, sonnet

Lees Interacties

Reacties

  1. Wouter Steenbeek zegt

    24 maart 2018 om 10:27

    Het gedicht doet me een beetje denken aan Nijhoff, door zijn combinatie van het doodgewone met het religieuze.

    Beantwoorden
    • Marc van Oostendorp zegt

      24 maart 2018 om 17:35

      Ja! Interessant. Tegelijkertijd denk ik niet dat Nijhoff ooit in een gedicht letterlijk over Nijhoff zou hebben geschreven.

      Beantwoorden
      • Koen Rymenants zegt

        3 april 2018 om 21:13

        Nee, dat laatste was meer iets voor Greshoff (“Er is geen kleine achterdeur meer open/ Ik kan den heer J. Greshoff niet ontloopen,/ Ik ben aan hem gekluisterd tot mijn dood.”) of Van Nijlen (“’t Is Jan van Nijlen niet/ die zijn gedichten schreef,/ ik ben de dichter/ van de verzen die hij schreef.”)

        Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Sara Mychkine • Mijn moeder droomde niet

De tranen van mijn moeder zou iedereen moeten huilen, dushi,
de tranen van de wanhoop, de hikkende revolte die werd
verzwegen.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

EIKJE

De kou heeft hem verschroeid, maar hij,
ontplooid, bleef aan de zomer trouw,
open en strak,

een eikje dat zijn blad behield,
bruin en verdord, maar eetbaar bruin
en leefbaar dor.

Bron: Het Zinrijk, 1971

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

7 maart 2026: Themadag Standaardnederlands

7 maart 2026: Themadag Standaardnederlands

1 februari 2026

➔ Lees meer
11 maart 2026: ‘Tussen oorlog en cultuur. Ede, 1600-1800’ 

11 maart 2026: ‘Tussen oorlog en cultuur. Ede, 1600-1800’ 

31 januari 2026

➔ Lees meer
23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

31 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1929 Rudy Cornets de Groot
➔ Neerlandicikalender

Media

Feitenvrij: wat is de macht van de pen?

Feitenvrij: wat is de macht van de pen?

2 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Waar komen spreekwoorden vandaan?

Waar komen spreekwoorden vandaan?

1 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Maud Vanhauwaert en Nina Geerdink over Johanna Hobius

Maud Vanhauwaert en Nina Geerdink over Johanna Hobius

31 januari 2026 Door Fleur Speet Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d