• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

‘Eigenlijk’ is eigenlijk best nuttig

5 september 2018 door Redactie Neerlandistiek Reageer

 (Persbericht Max Planck Instituut)

Woorden als ‘inderdaad’ en ‘eigenlijk’ hebben geen inhoudelijke betekenis en roepen daardoor bij veel mensen irritatie op. Toch hebben ze nut, zo laten onderzoekers van het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek zien. Deze zogenaamde ‘discoursemarkeerders’ vergemakkelijken de taalverwerking en maken zo communicatie efficiënter.

Bij de jaarlijkse verkiezing ‘Weg met dat woord!’, georganiseerd door het Nederlandse instituut voor de Nederlandse Taal, eindigde eigenlijk in de top 10 van meest irritante woorden van 2017. Zonde, volgens Geertje van Bergen en Hans Rutger Bosker, onderzoekers aan het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek in Nijmegen. Zij onderzochten het effect van inderdaad en eigenlijk op luisteraars en zagen dat die na het horen van een van deze woorden hun verwachtingen over het verdere verloop van het gesprek direct bijstellen. Hun bevindingen worden begin september gepubliceerd in het Journal of Memory and Language.

Het gebruik van inderdaad en eigenlijk is een vorm van verwachtingsmanagement, zo concluderen de onderzoekers. Inderdaad werkt als een bevestiging: de luisteraar weet direct dat het gesprek verder zal verlopen zoals hij al verwachtte. Eigenlijk heeft daarentegen het effect van een waarschuwingssignaal: let op, ik ga je nu iets vertellen wat je niet ziet aankomen! “Deze woorden zijn voorbeelden van discoursemarkeerders, woorden die geen inhoudelijke betekenis, maar een meta-functie hebben: ze zeggen iets over dat wat we zeggen”, aldus Van Bergen. “Ze maken het verwerken van de rest van het gesprek makkelijker en daarmee de communicatie efficiënter.”

Het onvoorspelbare minder onvoorspelbaar

Voorbeelddialoog

Context: Ondanks haar angst voor dieren is Irene naar het circus geweest.

Vraag: “Je vond de slotact zeker doodeng?”

Antwoord: “Ik schrok inderdaad/eigenlijk/heel erg van de rondrennende … aan het eind.”

Afbeeldingen als antwoordopties: een leeuw (voorspelbaar), een clown (onvoorspelbaar), een postbode en een bruid (beide ongerelateerd)

Van Bergen en Bosker lieten 40 proefpersonen luisteren naar korte dialogen, die bestonden uit een korte inleidende context, een vraag en een antwoord. In het antwoord zat steeds inderdaad, eigenlijk of een controlewoord verwerkt, waarna een inhoudswoord werd weggepiept. De taak van de proefpersoon was om uit vier afbeeldingen te kiezen welk woord ontbrak: een voorspelbaar woord, een onvoorspelbaar woord of een van twee ongerelateerde woorden.

De onderzoekers keken niet alleen naar welk antwoord de proefpersonen kozen en hoe snel zij dit deden. Ze volgden ook waar zij tijdens de gehele dialoog naar keken, met behulp van oogbewegingsregistratie. “Zodra luisteraars inderdaad hoorden, keken ze meer, en klikten ze vaker en sneller op de meest voorspelbare afbeelding”, vertelt Van Bergen. “Zodra ze eigenlijk hoorden, keken ze juist minder, en klikten minder vaak en langzamer op de meest voorspelbare afbeelding.” Na eigenlijk was de onvoorspelbare optie minder onvoorspelbaar. Zo sturen inderdaad en eigenlijk de luisteraar naar de juiste interpretatie van de zin, nog voordat die zin helemaal is uitgesproken.

Sociaal ongewenst

Waar inderdaad altijd op dezelfde manier werd geïnterpreteerd, merkten de onderzoekers bij eigenlijk iets bijzonders op. Van Bergen: “We vonden daar veel variatie, zowel tussen proefpersonen als tussen dialogen. Sommige proefpersonen waren veel sterker geneigd dan andere om het gesprek af te maken met een minder voorspelbaar woord. Tegelijkertijd was in bepaalde dialogen de voorkeur voor een minder voorspelbaar woord veel minder sterk dan in andere.” Het volgende voorbeeld toont zo’n dialoog.

Voorbeelddialoog

Context: Vlak voor zijn sollicitatiegesprek heeft Jan een broodje met pesto gegeten.

Vraag: “Heb ik nog iets tussen mijn tanden?”

Antwoord: “Ik zie eigenlijk daar rechts iets in je (mond/haar) zitten.”

“Vrijwel iedere proefpersoon maakte de dialoog af door op het voorspelbare ‘mond’ te klikken”, vertelt Van Bergen. “Eigenlijk werd in dit geval waarschijnlijk geïnterpreteerd als waarschuwing voor een sociaal ongewenst antwoord: Jan hoopt dat zijn gesprekspartner hem geruststelt en nee zegt, maar dat gebeurt niet.”

Mannen vs vrouwen
In een nieuw experiment zochten Van Bergen en Bosker deze variatie verder uit. Daaruit bleek dat de interpretatie van eigenlijkook afhangt van het geslacht van de spreker. Uitgesproken door een man werd eigenlijk vaker gezien als een waarschuwingssignaal voor een onverwachte inhoudelijke wending, terwijl van een vrouwelijke spreker werd verwacht dat zeeigenlijk gebruikte als een seintje voor een onverwachte sociale wending. De onderzoekers vermoeden dat dit onderscheid voortkomt uit het stereotype verschil tussen mannen en vrouwen als het gaat om zich inleven in een ander, waar vrouwen beter in zouden zijn.

“Het lijkt erop dat we van elke eigenlijk die we horen onbewust bijhouden wie het in welke situatie gebruikte, en dat we hierover kunnen generaliseren, bijvoorbeeld dat mannen en vrouwen iets anders bedoelen met eigenlijk”, aldus Van Bergen. “Op basis van onze eerder opgedane ervaringen bepalen we vervolgens hoe we elke volgende eigenlijk die we horen moeten interpreteren.”

Eigenlijk is dus eigenlijk een heel nuttig woord. Waar komt die irritatie dan vandaan? Van Bergen heeft wel een vermoeden: “Onze voorkeuren voor hoe we eigenlijk interpreteren zijn gebaseerd op onze eerdere taalervaringen. Die taalervaringen verschillen van mens tot mens. Als je gesprekspartner eigenlijk om een andere reden gebruikt dan jij als luisteraar verwacht, kan dat leiden dit tot miscommunicatie.” In een vervolgonderzoek hopen de onderzoekers meer inzicht te krijgen in woorden als eigenlijk en zo de bron van irritatie te achterhalen.

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel, Nieuws Tags: bijwoorden, discourse analyse, tussenwerpsels

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Astrid Roemer • Steffi huilt

Het geeft niet Poes
het geeft niet dat we
sterven

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

WINTERMIDDAG

De engelen knopen licht aan elkaar,
de regenboog stijgt uit het dorre hout,
een vuur brandt in een wak boven de duinen.

Overal valt licht – tot witte hagel opspringt
van de met droge bladeren bedekte grond,
geschrokken vleugelloze insecten, engelen –
hun donzen huid smelt blank,
doorzichtig om een wit skelet –
zo straks nog bezig in het licht,
gescheiden nu, snel weggerold,
gekropen onder het gekruld bruin blad.

Bron: De Gids, november 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

25 januari 2026: Wel verdiend, niet ontvangen

8 januari 2026

➔ Lees meer
17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

17 januari 2026: Grondvergadering Jacob Campo Weyerman

7 januari 2026

➔ Lees meer
16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

16 januari 2026: Tweede studiemiddag Forensische taalkunde

4 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1884 Herman Buiskool
1939 Jacques Hamelink
1948 Saskia Daalder
sterfdag
2015 Wam de Moor
➔ Neerlandicikalender

Media

Ik zie op tegen interviews…

Ik zie op tegen interviews…

11 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

Johanna Coomans, Margaretha van Godewyck en Gesina Brit

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Buitenleven van Willem Sluiter

Buitenleven van Willem Sluiter

10 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d