• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

De punt (2/2)

3 november 2018 door Redactie Neerlandistiek Reageer

Nultaal (7)

Door Jan Renkema

Zonder nul is er geen wiskunde. Zonder niets is er geen communicatie. Want niets in taal is niet niets, maar iets. In deze serie een verkenning van onder meer: de stilte, de spatie, de betekenis van de punt, wat er gebeurt tussen ‘navel’ en ‘truitje’, het inhoudsloze gesprek, ‘Dat hebt u mij niet horen zeggen,‘E 621’ op een verpakking en verbale reddingsvlotten. Niets?zeggend, nee: Iets!zeggend.

In de vorige aflevering ging het over de punt als betekenisdrager tussen twee zinnen. De punt als aanduiding van nultaal, die minieme pauze tussen twee uitingen in gesproken taal. Die punt is de grootste betekenisdrager in tekst.

Niet te geloven? Straks misschien wel, na een taalspelletje. Ik zeg wel ‘spelletje’, maar het is meer dan dat. Eigenlijk gaat het over ons voorstellingsvermogen, en hoe dat geprikkeld wordt door het niets van de punt. Neem de volgende combinatie van zinnen. Kan die wel of kan die niet?

  • Onze taal heeft meer dan 300.000 woorden. Jij krijgt van mij een fles wijn.

Nee, dat kan niet, zul je zeggen. Is dat het spelletje dat je uit verschillende kolommen van een krant een zin haalt? En die dan achter elkaar plakt, en dan lachen om de gekke combinaties? Nee, dat heeft er niets mee te maken. Wat we hier zien, wordt met een moeilijke term wel een non sequitur genoemd, Latijn voor ‘het volgt niet’. Dus de tweede zin kan niet volgen op de eerste. Meestal gaat het bij non sequiturs over onlogische redeneringen of humoristische gevolgtrekkingen zoals:

Mensen houden ervan om over het strand te lopen. Strand bestaat uit zand. Dus laten we in onze huiskamers de vloer bestrooien met zand.

Het voorbeeld met de twee zinnen over taal en een fles wijn lijkt ook een non sequitur. De tweede zin kan niet volgen op de eerste zin. Maar nu komt het. Als het om de punt gaat bestaat er geen non sequitur, hoe vreemd of ongerijmd een combinatie ook lijkt. Die punt is zo machtig dat er uit het niets altijd een betekenis kan oplichten die het verband tussen de twee zinnen logisch of begrijpelijk maakt. Stel dat wij een weddenschap hebben over het aantal woorden in onze taal. Jij zegt meer dan 300.000; ik zeg minder. De inzet is een fles wijn. Ik zoek het op, en moet concluderen dat jij gelijk hebt, dan kan ik zeggen:

  • Onze taal heeft meer dan 300.000 woorden. Jij krijgt van mij een fles wijn.

Nu kun je tegenwerpen: Ja hèhè, nu is de situatie duidelijk. En dan iedereen uiteraard op of rond die punt die betekenis ‘leggen’. Er zijn toch wel zinsparen te bedenken die echt niet bij elkaar passen.

Dat vroeg ik aan lezers. Ik vroeg naar zinscombinaties waartussen echt geen ‘zinnig’ verband is te leggen. Ik vroeg dus technisch geformuleerd om voorbeelden met een non sequitur als vervolgzin. En ik kreeg onder andere dit voorbeeld:

  • Onze taal heeft meer dan 300.000 woorden. En ik heb zelfs geen rijbewijs.

Met deze combinatie was ik snel klaar. Neem de situatie dat de ik-persoon last heeft van minderwaardigheidsgevoelens, en zich zelfs minderwaardiger vindt dan de taal. Dan is de zinscombinatie wel begrijpelijk. Natuurlijk, het blijft een gezochte combinatie, maar tussen de twee zinnen kun je toch een verband leggen. En dat verband ontstaat door de betekenis die oplicht uit het niets van de punt. Dit voorbeeld was trouwens des te gemakkelijker omdat er al een verbindingswoordje staat, en, en ook een ander signaalwoord, zelfs. Zo was al een tipje van de sluier opgelicht. Dus vroeg ik verder naar non sequiturs zonder enige verwijzing tussen de zinnen. Ik kreeg onder andere de volgende combinatie:

  • Onze taal heeft meer dan 300.000 woorden. Sinterklaas bestaat.

Deze is ook niet zo moeilijk. Twee mogelijkheden. De persoon die dit zegt, gelooft niet dat onze taal zoveel woorden heeft, en geeft uiting aan zijn ongeloof door iets te zeggen wat ook niemand gelooft. Of de spreker is helemaal verrast over de rijke gift van onze taal, en roept uit dat hij echt verwonderd is.

Samenvattend: Een punt tussen twee zinnen heeft altijd betekenis. En die betekenis zorgt voor een zinvol verband tussen de zinnen. Dus, in plaats van ‘punt uit’ is het altijd, zal ik maar zeggen, ‘punt met’, behalve natuurlijk bij de slotpunt. Het niets van die punt is zo diep dat, ook al zou je in eerste instantie niets zien, je uiteindelijk toch betekenis kunt ontwaren. Vandaar mijn stelling. Er bestaan geen non sequiturs als het om zinnen gaat. En deze stelling blijf ik verdedigen tot ik voorbeelden ontvang van zinsparen zonder betekenisrelatie. Want dan hebben we inderdaad een punt die niets betekent: iets dat niets is.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: interpunctie, Nultaal

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Gwy Mandelinck • Soms gaat zij reeds

Het onverteerde ligt haar op de maag;
in de geluiden van de hik groeit zij
met schokken naar de grond.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

’s Avonds hadden we ontbijt,
o, wat leuk was het altijd
als mijn vierkant bordje kwam
met mijn ronde boterham.

Bron: Willem Wilmink

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

27 november 2026: Tweede dag van de historische letterkunde

27 november 2026: Tweede dag van de historische letterkunde

19 april 2026

➔ Lees meer
7 mei 2026: Boekpresentatie Het vervlechten van hoop  

7 mei 2026: Boekpresentatie Het vervlechten van hoop  

18 april 2026

➔ Lees meer
25 april 2026: Constantijn Huygens in de Waalse Kerk

25 april 2026: Constantijn Huygens in de Waalse Kerk

18 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1887 Frank Baur
1932 Rein Bloem
➔ Neerlandicikalender

Media

Oratie Dirk van Miert: Brontekst en context

19 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Het monster schuilt in iedereen

Het monster schuilt in iedereen

18 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Wannie Carstens bij Taaldinge

Wannie Carstens bij Taaldinge

16 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d