• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Lezen is denken

6 oktober 2019 door Marc van Oostendorp 2 Reacties

Wat zou het handig voor ons vak zijn als je van lezen een beter mens werd! Stel je voor: je overhandigt je buurjongetje dat op school niet wil deugen een exemplaar van De nachtstemmer, en zie: ineens kan hij wél meekomen. Of plaagt hij in ieder geval zijn zusje niet meer. Neerlandici als wonderdokters – de salarissen zouden razendsnel stijgen en als gevolg daarvan daarna al even vliegensvlug de studentenaantallen.

De gedachte dat lezen op de een of andere manier ‘nuttig’ is, is niet helemaal vreemd aan onze cultuur. In 2012 schreef een Belgische politierechter aan een verkeersovertreder voor dat hij Tonio moest lezen, A.F.Th. van der Heijdens boek over het dodelijke ongeluk van zijn zoon.

Algemene waarheden

Maar als het lezen nuttig is, waar is het dan nuttig voor? Wat leer je precies van literatuur? Ik vermoed dat we het er vrij snel over eens kunnen zijn dat tegen je zin een boek als Tonio lezen niet noodzakelijkerwijs het gewenste resultaat heeft. En zelfs mensen die zo’n boek met hun zin lezen, kunnen weleens tot heel verschillende conclusies komen.

Wat is het nut dan wel? Daarover gaat een lucide boekje van de jonge Antwerpse filosofe Leen Verheyen: Wat de lezer leert.

De ondertitel van het boekje is: ‘Filosofen over het nut van de literatuur’, maar dat is te bescheiden. Verheyen bespreekt weliswaar in het bestek van ongeveer 60 pagina’s de belangrijkste stromingen in het denken over dat ‘nut’ van literaire fictie, maar ze komt vervolgens vooral met een verhelderende eigen synthese. Ze had zich heus niet zo achter die ‘filosofen’ hoeven te verschuilen.

Er zijn, schrijft ze, al sinds Plato en Aristoteles twee opvattingen over de zin van de letteren.

Ulysses

De eerste opvatting is dat je uit literatuur allerlei dingen kunt leren; dat er waarheden zijn die je óók, of zelfs exclusief, uit fictie kunt leren. Soms zijn dat misschien feiten, maar vaker nog zijn het bijvoorbeeld algemene waarheden over hoe het leven in elkaar zit, of over hoe andere mensen denken. Dat het wereld een schouwtoneel is, bijvoorbeeld, of dat alle gelukkige gezinnen op elkaar lijken.

In de eerste opvatting gaat het dus primair om de inhoud en niet om de vorm, die misschien een aantrekkelijk omhulsel is voor de lessen die je kunt leren.

In de tweede opvatting heeft de literatuur geen nut, want ze is ‘autonoom’. Met de werkelijkheid heeft ze niet zozeer te maken. De nadruk ligt daardoor in deze literatuuropvatting veel meer op de vorm in deze opvatting. Van literatuur geniet je om esthetische motieven, maar je wordt er op geen enkele manier een beter mens van.

De tweede gedachtegang kwam ongeveer op in de tijd dat in de literatuur het modernisme ontstond. De ‘betekenis’ van modernistische romans als Ulysses is notoir lastig vast te stellen en dan ligt het voor de hand om je exclusief te richten op de vorm.

Heen en weer springen

Dit laatste standpunt gaat voorbij aan het feit dat ook modernistische literatuur natuurlijk een uitspraak doet over de werkelijkheid. Alleen wordt die bijvoorbeeld als verbrokkeld ervaren, zodat deze alleen in een eveneens verbrokkelde vorm kan worden uitgedrukt.

Vorm en betekenis hangen dus samen – op het eerste gezicht een vrij triviale observatie, maar een die het nut van de literatuur in een nieuw daglicht stelt. Literatuur laat in een steeds nieuwe vorm steeds nieuwe werelden zien, steeds nieuwe inzichten. Lezen is een ingewikkeld proces van steeds heen en weer springen tussen vorm en betekenis om zo tot een interpretatie te komen.

Meetbaar

Zo komt Verheyen dan uiteindelijk uit bij haar eigen opvatting van het nut van literatuur. Die ligt volgens haar niet zozeer in het vinden van een of andere waarheid, maar in het denken. De complexiteit en meerlagigheid van literatuur zet je aan het denken, en dan met name over de grote vragen: wat moet je aanvangen met je leven? Hoe denken andere mensen? Wat is eigenlijk de zin van dit alles?

Het zijn vragen waarop vermoedelijk geen ‘waar’ antwoord te vinden is, terwijl mensen wel degelijk behoefte hebben aan antwoorden, al is het maar tijdelijke. Je moet in zulke gevallen dus niet zoeken naar de waarheid, je moet nadenken. En literatuur is bij uitstek geschikt om te dienen als een voertuig voor zulk nadenken.

Literatuur heeft dus wel degelijk nut – ook als dat een nut is dat bijna per definitie niet meetbaar is.

Leen Verheyen. Wat de lezer leert. Filosofen over het nut van literatuur. Borgerhout: Letterwerk, 2019. Bestelinformatie bij de uitgever.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: filosofie, literatuurtheorie

Lees Interacties

Reacties

  1. Rob Duijf zegt

    6 oktober 2019 om 11:11

    ‘het boeken van lezen’ is een hele leuke… 😉

    Beantwoorden
  2. Berthold van Maris zegt

    6 oktober 2019 om 15:42

    Een andere en heel actuele vraag is: of goed literatuuronderwijs het lezen van literatuur bevordert. Bestaat daar een antwoord op?

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Willem de Mérode • De visch

De vis was giftig, ik moet sterven.
De vis groeit in mij, ik verminder.
Zijn bek bijt en zijn vinnen steken.
Ik ving de vis, de vis ving mij.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Agenda

28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

22 februari 2026

➔ Lees meer
6 maart 2026: Indische detectives en misdaadromans

6 maart 2026: Indische detectives en misdaadromans

20 februari 2026

➔ Lees meer
15-17 april 2027: Achter de verhalen

15-17 april 2027: Achter de verhalen

20 februari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
2022 Stijn De Paepe
➔ Neerlandicikalender

Media

De Twintigers: Juicy

De Twintigers: Juicy

22 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Safae el Khannoussi Translation Project

Safae el Khannoussi Translation Project

21 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Lange lijnen 5: Met Gaea Schoeters

Lange lijnen 5: Met Gaea Schoeters

20 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d