• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Nederlandse plaatsnamen vóór 1200

21 december 2020 door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

door Arend Quack

Het ‘Lexicon van Nederlandse toponiemen tot 1200’ (LNT) is een nuttig handboek voor de naamkundige, waarin de meeste Nederlandse plaatsnamen die vóór 1200 zijn aangetroffen zijn opgenomen. Toch zijn er soms nog buitenlandse bronnen, waarin vindplaatsen van zulke plaatsnamen voorkomen, die niet in LNT staan. De Oudhoogduitse glossen zijn hier een voorbeeld van.

In het zogenaamde ‘Summarium Heinrici’, dat in de eerste helft van de 11e eeuw, mogelijk in het klooster Lorsch, is ontstaan, bevinden zich onder de ‘Nomina civitatum nobilium Regni Francorum’ ook twee Nederlandse plaatsnamen: Utrecht en Deventer. De naam deventer (e uit a verbeterd) verschijnt echter alleen in een Praags handschrift uit de 13e eeuw. De naam uztrieht ‘Utrecht’ duikt echter al op in handschriften uit de 12e eeuw: München Clm. 2612, Wenen, ÖNB 2400, Einsiedeln 171 en Schlettstadt (Steinmeyer-Sievers: III,125,46; 208,31; 611,40).

Het opvallende is, dat de toevoeging ūt- ‘stroomafwaarts gelegen’ aan het oudere Treht (uit lat. trajectum ‘oversteekplaats’) ter onderscheiding van Maastricht in de volkstalige bronnen eerder in Duitsland lijkt voor te komen dan in Nederland. LNT noemt weliswaar Uttret en Utrect uit de 11e eeuw, maar die staan in oorkonden die in de 12e eeuw zijn vervalst. Verder verschijnen in LNT twee vormen met uz- in Keulen [ca. 1159-1169]. Ook in de Vroegmiddelhoogduitse ‘Merigarto’ [2e helft 11e e.] staat in strofe 11 uztrehte en in 12 uztriehte.

Uit de Latijnse vormen in LNT blijkt, dat de toevoeging Ulterius ‘verderaf gelegen’ in 1052-56 voor het eerst voorkomt en Ultra- met dezelfde betekenis begin 12e eeuw. De Hoogduitse attestaties lijken dus gelijktijdig te zijn en dat is misschien begrijpelijk, omdat vanuit Duitsland gezien het voor de hand ligt de steden Maastricht en Utrecht op deze manier uit elkaar te houden.

Bronnen

Reiner Hildebrand (Hg). Summarium Heinrici. Band 1. Textkritische Ausgabe der ersten Fassung Buch I-X (QF NF 61 (185), Berlin/New York 1974.
E. Steinmeyer & E. Sievers, Die althochdeutschen Glossen. Bd. I-V. Berlin 1879-1922.
N. Th. J. Voorwinden, Merigarto. Eine philologisch-historische Monographie. Leiden 1973.

  1. ‘Merigarto’; 2. ‘Summarium Heinrici’

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel, Naamkunde

Lees Interacties

Reacties

  1. Berthold van Maris zegt

    21 december 2020 om 19:41

    Komt ut- van ulterius en ultra? Lijkt toevallig op elkaar?

    Beantwoorden

Laat een reactie achter bij Berthold van MarisReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

J.C. van Schagen • Narrenwijsheid

Ge breiddet de armen uit om het Al te omvatten,
Maar trok toen niet een trek van wrevel over Uw gelaat,
Wijl juist Uw buurman’s phonograaf te wauwelen begon?

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

LATE VORST

Wind, alle wind is beeldspraak van hun zwijgen.

De bomen schuilen in een bast van ijzel,
appelaar, den en ijle es,
engelenhulst, plataan in onschuld;
voelsprieten van de ruimte, vonken zijn
iedere tak en elke kleine twijg.

Bron: Spinroc en andere verzen, 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

10 maart 2026: Marjoleine de Vos over Ik ben hier liever niet alleen

10 maart 2026: Marjoleine de Vos over Ik ben hier liever niet alleen

2 maart 2026

➔ Lees meer
15 maart 2026: Antisemitisme in het woordenboek

15 maart 2026: Antisemitisme in het woordenboek

1 maart 2026

➔ Lees meer
14 maart 2026: Parelduikermiddag in de OBA

14 maart 2026: Parelduikermiddag in de OBA

1 maart 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1988 Wim Caron
➔ Neerlandicikalender

Media

Annelies Verbeke over Charmolypi

Annelies Verbeke over Charmolypi

2 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
‘Etiquette’ door Olga van Veen – Weijers

‘Etiquette’ door Olga van Veen – Weijers

2 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Voor wie zouden we nog sterven?

Voor wie zouden we nog sterven?

1 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d