• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

‘Het moest precies zó zijn, dat wist men meteen!’

3 maart 2021 door Marc van Oostendorp 6 Reacties

Pronomina in de Nederlandse lyriek (14)

Door Marc van Oostendorp

Hoewel ik in deze reeks en overal objectief ben, mag er natuurlijk af en toe Een van mijn favoriete gedichten over taal, en uberhaupt, is Inspiratie van Mark Boog, uit diens bundel De encyclopedie van de grote woorden, waarvan de dichter onlangs een uitgebreide nieuwe editie aankondigde: in eigen beheer. Het bevat onder meer een subliem gebruik van het onpersoonlijk voornaamwoord men.

In het gedicht wordt beschreven hoe de taal eigenlijk de baas is over ons. We kunnen weliswaar van alles zeggen, maar de spreker wikt en de taal beschikt:

Inspiratie 

Men gaat naar de bakker en men zegt: ‘Een halfje wit, graag.’   
Men had kunnen zeggen: ‘Mag ik van u een half gesneden wit?’ 
of: ‘Een half witbrood, en snel!’ of: ‘Heeft u voor mij 
een halfje van uw niet onterecht beroemde wittebrood, bakker?’   

Dat had men allemaal kunnen zeggen, maar men zegt, onvoorbereid, 
als uit het niets: ‘Een halfje wit, graag,’ en zie: het werkt.   

Ineens was het daar! Het moest precies zó zijn, dat wist men meteen! 
Het bestond al, hing in de lucht, het gebruikte ons slechts om 
ter wereld te komen, wij zijn weinig meer dan een nederig medium!

Precies men laat je voelen hoe weinig mensen eraan te pas gaat. Je wordt ook wel een onpersoonlijk voornaamwoord genoemd, maar het zou hier toch beter werken:

Je gaat naar de bakker en je zegt: ‘Een halfje wit, graag.’   
Je had kunnen zeggen: ‘Mag ik van u een half gesneden wit?’ 
of: ‘Een half witbrood, en snel!’ of: ‘Heeft u voor mij 
een halfje van uw niet onterecht beroemde wittebrood, bakker?’   
(enz.)

In dit geval zou het gedicht over een concreet persoon kunnen gaan, ja zelfs, over de dichter zelf, maar bij men is die afstand veel groter.

Aan het eind van het gedicht verandert men ineens in ons, misschien omdat men geen lijdend voorwerp kan zijn (‘het gebruikte men slechts’ is geen grammaticaal Nederlands), maar uiteindelijk wordt het ook wij – een wij dat ook weer onpersoonlijk is, maar dan omdat het eigenlijk alleen de hele mensheid kan omvatten, medium voor dat wonder van de taal.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Mark Boog, Pronomina in de lyriek

Lees Interacties

Reacties

  1. Luc zegt

    3 maart 2021 om 09:41

    In een interview vertelde Gerrit Kouwenaar dat hij om soortgelijke redenen vaak voor “men” opteerde. Niet iedereen hecht geloof aan die bewering, zoals blijkt uit dit stukje uit 2014: https://neerlandistiek.nl/2014/09/men-is-ikzelf/#more-1864.

    Beantwoorden
  2. Knut zegt

    3 maart 2021 om 11:11

    “maar bij men is die afstand veel groter”: in de zin van ‘het ik distantieert zich van zichzelf’? Is er onderzoek naar gedaan, wat de motivatie is, afstand te creëren / te vergroten?

    Ik ben toevallig op dit moment bezig met onderzoek hoe het zit in het Duits, waar ‘man’ o.a. nog steeds een erg vaak gebruikte ‘ik-vervanger’ is. Bijvoorbeeld in recensies. Ik werd zelfs eens door een redactie gevraagd, in een door mij geschreven recensie liever geen ‘ik’ te gebruiken – en het dus te vervangen.

    De grote woordenboeken zoals Duden, Gebr. Grimm, Pons enz. zijn meer of minder eens dat ‘man’ als ‘ik-vervanger’ wordt gebruikt om ‘verbinding met het algemene en/of de gemeenschap te houden’. Dus het gaat kennelijk om distantiëring van (te veel) subjectiviteit. Maar over de achterliggende motivatie kon ik nog niets vinden. Zeker moeten we bijvoorbeeld in de wetenschappen proberen, objectief te zijn, maar aan de andere kant zijn o.a. esthetische oordelen in recensie en dergelijke teksten nog steeds vrij subjectief. En dan klinkt (lijkt mij) een ‘ik-vervanger’ soms als of een recensent probeert, zijn subjectiviteit te vermommen.

    Beantwoorden
  3. tsead zegt

    3 maart 2021 om 15:02

    Prachtige bundel! Bij het lezen van ‘men’ ontsterft de poëzie van Gerrit Kouwenaar bij mij altijd een beetje.

    Beantwoorden
  4. Robert zegt

    3 maart 2021 om 15:53

    (…) wij zijn weinig meer dan een nederig medium. klopt.

    Ik las vandaag: ‘Alle literaire journalistiek is gebouwd op een grote hoeveelheid impertinentie en de eerste valkuil waar je als schrijver in valt is het verhullen daarvan’, Janet Malcolm.

    Door die ‘men’ wordt het nog duisterder dan het al was.

    Beantwoorden
  5. Mark Boog zegt

    4 maart 2021 om 11:51

    O jee, in de nieuwe versie is het ‘ik’ geworden…

    Beantwoorden
    • Marc van Oostendorp zegt

      4 maart 2021 om 12:28

      Hoe moet men nu verder!

      Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Willem de Mérode • De visch

De vis was giftig, ik moet sterven.
De vis groeit in mij, ik verminder.
Zijn bek bijt en zijn vinnen steken.
Ik ving de vis, de vis ving mij.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

LENTEKOU

Er is niets dan de wind.
De tuinen zijn doorzichtig,
men ziet hun achterkanten leven. [lees meer]

Bron: Spinroc en andere verzen, 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

22 februari 2026

➔ Lees meer
6 maart 2026: Indische detectives en misdaadromans

6 maart 2026: Indische detectives en misdaadromans

20 februari 2026

➔ Lees meer
15-17 april 2027: Achter de verhalen

15-17 april 2027: Achter de verhalen

20 februari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1930 Dana Constandse
sterfdag
2007 Bert Vanheste
➔ Neerlandicikalender

Media

De Twintigers: Juicy

De Twintigers: Juicy

22 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Safae el Khannoussi Translation Project

Safae el Khannoussi Translation Project

21 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Lange lijnen 5: Met Gaea Schoeters

Lange lijnen 5: Met Gaea Schoeters

20 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d