• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Groslijst: Marente de Moor, De bandagist

23 januari 2026 door Jos Joosten 3 Reacties

Laverend tussen clichés en onwaarschijnlijkheden

Over De bandagist van Marente de Moor

Natuurlijk overdrijven flapteksten van romans. Maar je kunt ook het overdrijven overdrijven. Zo staat achterop De bandagist te lezen: ‘Marente de Moor is een van de belangrijkste schrijvers van Nederland’. Marente de Moor? Echt? ‘Je moeder’, zou ik zeggen, ‘en dan nog minstens zo’n tien, vijftien andere Nederlandstalige auteurs’.

De bandagist, De Moors nieuwste roman, draagt ook al niet bij tot deze vermeende status. Het boek behelst het verhaal van ene Joost, die te Amsterdam zijn brood verdient als ‘bandagist’, dat wil zeggen: hij komt aan huis bij, voornamelijk welgestelde, bejaarden met wonden en andere problemen aan hun benen. Deze Joost is een onwaarschijnlijke lamlul die wat bijbeunt in de muziek, en een nogal oppervlakkig vriendinnetje heeft met golddigger-trekken, met wie hij desondanks wanhopig een soort relatie probeert in stand te houden. Joosts andere obsessie is dat hij een huis zoekt.

Een wat karige verhaallijn inderdaad, maar dat zegt natuurlijk niks. In feite behelst de hele Odyssee niet veel meer: man wil zijn vrouw terug en is op zoek naar een woning. Daarmee is de enige overeenkomst met De bandagist intussen wel meteen genoemd. Want dit boek heeft werkelijk qua stijl of strekking niks dat het maar enigszins opzienbarend maakt. De Moor grijpt terug op een heel arsenaal aan clichés uit de laat negentiende-eeuwse roman, om te beginnen de vertelvorm, namelijk die van het teruggevonden manuscript, waarin met regelmaat de lezer expliciet (en in dit geval vaak nogal dreinerig) wordt aangesproken door Joost:

Eigenlijk zou ik dit allemaal moeten opschrijven. Als dit een roman was, zou u dan de tijd nemen om hem te lezen?

Over die tweede zin kun je, met de roman in je hand, twisten, maar die eerste zin is natuurlijk flauwekul, want we weten dan immers allang (en anders zeker bij tweede lectuur) dat Joost juist alles wat we lezen noteert in zijn noodgedwongen ondergrondse verblijf.

En, aha, daar hebben we nog een referentie aan de grote negentiende-eeuwers: een tekst geschreven in een souterrain! Voelt u hem? We waren natuurlijk al gewaarschuwd, want De Moor ontleent het motto van De bandagist aan Ondergrondse notities, een van Dostojevski’s klassiekers, waarin we De Moors zich expliciet tot de lezer richtende auteur ook al tegenkomen:

Summa summarum, mijne heren: het is beter om niks te doen! Bewust inertie is beter! Dus lang leve het ondergrondse hol! Ik mag dan gezegd hebben dat ik groen en geel van nijd word over een normaal persoon, maar toch zou ik niet graag in zijn schoenen willen staan (hoewel ik niet zal ophouden hem te benijden. Nee, geef mij mijn hol maar!) [Fjodor Dostojevski, Ondergrondse notities, vert. Gerard Cruys]

Voor alle zekerheid laat De Moor Joost zelf later ook nog citeren uit Dostojevski (daarvoor gebruikt zij, net als bij het motto, de oudere vertaling van Monse Weijers). 

In vergelijking met Ondergrondse notities pakt De Moors roman ronduit schraal uit, om niet te zeggen onbegrijpelijk. Ze doet dus allerlei pogingen negentiende-eeuws te zijn – vanaf die nuffige titel De bandagist: de ouderwetse term voor wat tegenwoordig ‘orthopedisch technoloog’ heet. Maar zo zou Dostojewski een roman natuurlijk nooit noemen, dus gekozen werd voor een geparfumeerde variant.

De bandagist wordt, naast Joost en zijn vrouwelijke protagonist, bevolkt door louter cliché-personages: zijn hippiemoeder met soepjurken, rinkelende sieraden en gratuit engagement, een gay-stel dat uiteraard een obsessief smetteloos gehouden etage bewoont met erotische plaatjes aan de muur, de bejaarde Jordanese kroegbaas die zijn even bejaarde echtgenote zijn ‘meisje’ noemt, of de muzikanten met wie Joost optrekt. Daar wordt het zelfs een beetje vreemd, wanneer De Moor muzikant Joost ook een beetje eigentijds beoogt te laten praten:

Dat nummer dus speelde ik in een of andere afgeragde tent aan de Marnixstraat, waar ik mijn gear aan het inpakken was na een gig […]’.

Net zo raar is trouwens dat Joost steeds spreekt over ‘mijn Gibson’, als hij het gewoon over zijn gitaar heeft. Da’s ongeveer zo natuurlijk als iemand die het consequent over ‘mijn Volkswagen’ heeft, als-ie z’n auto bedoelt. En ik kan me ook al weinig voorstellen bij ‘een mooie Fender Stratocaster met bijpassende buizenversterker.

Bijpassend? Qua vorm of kleur?

Dit alles werpt al snel de vraag op wat De Moor eigenlijk wil met dit boek. Is het een pastiche op het naturalisme? Het lijkt inderdaad of ze Anbeeks klassieke lijst met de zeven kenmerken van de naturalistische roman bij de hand heeft gehouden en netjes afvinkte. Maar als het een eenentwintigste-eeuwse parodie op het genre had moeten voorstellen, dan had het boek toch ergens tenminste geestig of anderszins superieur moeten zijn? Wat dus niet het geval is. Maar serieus te nemen is dit boek tjokvol onwaarschijnlijke personages al evenmin.

De flaptekst probeert er wel nog een diepzinnige draai aan te geven: ‘Zelden is de ontheemding van jongeren in de Nederlandse steden overtuigender onder woorden gebracht dan in deze nieuwe, beklemmende roman van Marente de Moor’. Zelden is in een flaptekst de inhoud van een roman zo bezijden de feiten geformuleerd. De ‘Nederlandse steden’? Het hele boek speelt zich af op een paar vierkante kilometers Amsterdam en Joosts gedachten gaan ook nooit een halve meter buiten die stad. En om de Amsterdamse dwaaltochten van die koekwaus met z’n bordkartonnen medepersonages als representatief voor de ‘ontheemding van jongeren’ te zien, getuigt van allesbehalve een enigszins reële kijk op de jonge generatie in Nederland (zelfs die in Amsterdam).

Het boek eindigt met een malle epiloog van twee pagina’s, waarin iemand anders plots aan het woord is: kelner Dorian, van het tegenover Joosts verblijf gelegen restaurant, beschrijft hoe de woning boven het souterrain wordt ontruimd en verbouwd als de bewoonster ervan weggehaald is. Dorians korte tekst begint met een merkwaardig zinnetje:

Joost heeft u een goed einde beloofd, dus hier komt het.

En dat is gek. Dorian beschrijft hoe Joost wordt ontdekt door de aannemers die hem, nadat ze al twee weken in het huis aan het werk zijn, aantreffen in de kelder. Meer spook dan levend wordt hij, zo ziet Dorian, per ambulance afgevoerd. 

Met de openingszin van zijn epiloog wordt natuurlijk gesuggereerd dat Dorian het manuscript van Joost (van bijna 300 pagina’s in druk) gelezen heeft. Maar… hij laat nergens weten dat hij überhaupt een toch lijvig pak papier heeft weten te bemachtigen, afkomstig is uit het ondergrondse verblijf van Joost. Sterker nog, Dorian meldt, bijna op het einde van de laatste alinea van De bandagist:

Ik ben bovendien helemaal geen lezer; na een drukke avond heb ik er de kracht niet voor.

Kortom: een passende kers op deze taart vol onwaarschijnlijkheden. 

Het allervreemdste rondom De bandagist is misschien nog wel dat het boek zeer welwillend ontvangen werd door de kritiek. Wie weet schopt De bandagist het dus nog wel tot longlist of shortlist van de Librisprijs.

Dat had ik terecht gevonden, als het de Librisprijs van 1897 betrof.

De bandagist, Marente de Moor. Prometheus

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel, Groslijst Libris 2026 Tags: 21e eeuw, Groslijst Libris 2026, letterkunde, Libris Literatuur Prijs, Marente de Moor, roman

Lees Interacties

Reacties

  1. Robert Walter Joseph KruzdloRobert Kruzdlo zegt

    23 januari 2026 om 15:57

    Het lijkt dus op gejatte literaire beelden en tekst. Zien, schrijven en pastiche, gegoten in het jatwerk van de uitgeverij. Stelen uitgevers? Ja. Dat doen ze zo: Ongewild ben ik nu de eigenaar van dit boek geworden. Ik zou liegen als ik zei dat ik niet de oorspronkelijke schrijver ben. Ik heb hier en daar de leesbaarheid, de taal en de stijl verbeterd.

    Geredigeerd wat er niet stond, maar wat wél tussen de woorden te lezen viel.

    ‘Als de bewoonster ervan weggehaald is’… zingen de muizen en de ratten.

    Beantwoorden
  2. Ronald V. zegt

    23 januari 2026 om 22:49

    Een Gibson is een soort Mercedes onder de elektrieke gitaren.

    Bijpassend qua vorm of kleur? Wellicht qua geluid.

    Maar wellicht dat de schrijver veel meer zijn best had moeten doen om het jargon tussen neus en lippen te expliciteren.

    Wat een gig en een gear zijn, weet ik niet. Een gear, een soort voetpedaal waarmee je je gitaar kunt laten janken?

    Een roman opgetrokken in clichés kan op zich een geslaagde roman zijn. Een smeuïge parodie. Maar of de schrijver een soort South Park heeft gewrocht, wens ik gezien uw intelligent overkomende recensie te betwijfelen.

    Bedankt voor uw recensie.

    Beantwoorden
    • Jos Joosten zegt

      24 januari 2026 om 09:41

      Bedankt voor uw reactie!

      Ik ben zelf de blijde bezitter van een Gibson SG, dus ik snap de referentie wel. Het gaat mij er om dat het raar is om te pas en te onpas naar je instrument te verwijzen met z’n merknaam. En die ‘bijpassende’ versterker – allicht ook een Fender – zou je in de omgangstaal ook nooit zo noemen.

      Beantwoorden

Laat een reactie achter bij Robert Walter Joseph KruzdloRobert KruzdloReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

P.C. Hooft • Zal nimmermeer gebeuren

En eer zij kon gedogen
Dat iemand die vertrad,
Ving zij de lauwe traantjes
In een koel rozeblad.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

Een haren rug op takken, een vacht op blaren,
een ijsbeerpels de klauwen uitgestoken,
de bek met rode gipsen tong fel opgesperd,
de ogen dood, zo ligt de sneeuw gestrekt
in tuinen tot het verste veld.

Bron: Uit de hoge boom geschreven, 1967

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

29 januari 2026: Schrijvers over hun vaders

29 januari 2026: Schrijvers over hun vaders

24 januari 2026

➔ Lees meer
30 januari 2026: Symposium Talk-Talk: Duik in de Neerlandistiek

30 januari 2026: Symposium Talk-Talk: Duik in de Neerlandistiek

23 januari 2026

➔ Lees meer
23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

22 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1867 Johan Kern
1940 Fred de Bree
➔ Neerlandicikalender

Media

Julia

Julia

24 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Het ministerie van middeleeuwse zaken

Het ministerie van middeleeuwse zaken

23 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
De Zuid-Afrikaanse taal en geschiedenis

De Zuid-Afrikaanse taal en geschiedenis

20 januari 2026 Door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d