Nooit meer slapen van Willem Frederik Hermans (1921-1995) werd in 1966 vrijwel eenparig door de literaire kritiek verwelkomd als een meesterwerk. Volgens Hugo Brems realiseerde Hermans met dit boek volledig zijn ideaal van de klassieke roman: ‘Er is eenheid van handeling, alle gebeurtenissen zijn doelgericht en ondersteunen het pessimistische thema.’ Brems vat de thematiek van de roman als volgt samen: ‘Al die gebeurtenissen en motieven spiegelen elkaar en versterken dezelfde idee: de mens is onmachtig en blind. Hij klampt zich vast aan de illusies van menselijke relaties in familie en vriendschap, aan kunst en wetenschap. Maar die illusies worden één voor één ontmaskerd.’ (Brems, 2016, p. 339.) Overigens is niet alleen de roman Nooit meer slapen als ‘klassiek’ bestempeld, ook Hermans’ definitie zelf van de klassieke roman is ‘klassiek’ geworden, en dan met name deze zin: ‘Een roman waarin alles wat gebeurt en alles wat beschreven wordt, doelgericht is; waarin bij wijze van spreken geen mus van het dak valt, zonder dat het een gevolg heeft en waarin dit alleen geen gevolg mag hebben, wanneer het de bedoeling van de auteur geweest is, te betogen dát het in zijn wereld geen gevolg heeft als er mussen van daken vallen. Maar alleen dan.’ (Zie W. Smulders in Neerlandistiek, 2021.) Nooit meer slapen is dan ook uitstekend geschikt om te laten zien, dat structuuranalyses nuttig kunnen zijn, met name om aan te tonen dat in waardevolle romans en verhalen ‘alles met alles samenhangt’.

Mede dankzij de goedkope editie in de serie Grote Lijsters (in 1999) is Nooit meer slapen al minstens 25 jaar een vast nummer in de verplichte boekenlijsten op school. De roman werd in 1966 bekroond met de Vijverbergprijs en in 2007 als nummer 6 opgenomen in de lijst van de beste Nederlandstalige boeken aller tijden. Het boek is bovendien in dertien talen vertaald, verfilmd in 2016 en inmiddels ook al twee keer opgenomen in de canon van de Nederlandse literatuur van de KANTL, en wel in 2015 en in 2025. Het is bekend dat Hermans zijn romans bij elke herdruk placht te herzien. In het nawoord bij de vijftiende druk van Nooit meer slapen (1978) is zelfs sprake van ‘tweehonderdvijftig veranderingen’. In het leermiddel gaan we daar niet nader op in.
Didactische verantwoording
In de didactiek van het lezen wordt er aan literaire of fictionele leesvaardigheid vaak minder aandacht besteed dan aan de leesvaardigheid van zakelijke teksten. Elke D’hoker (2025) onderscheidt vier aspecten van de literaire leesvaardigheid: de beleving (affectieve respons), de interpretatie, de analyse en de beoordeling. Deze vier aspecten komen in onze benadering aan bod, zij het niet helemaal in dezelfde volgorde. We beginnen wel met de tekstbeleving of tekstervaring, die in dit leermiddel ‘tekstbegeleiding’ wordt genoemd. Na een korte aanknopingsfase lezen de leerlingen de roman zelfstandig. Tijdens hun lectuur krijgen ze af en toe wat zakelijke informatie, die onmisbaar is voor hun tekstbegrip. Maar in deze fase stimuleren de vragen en opdrachten toch vooral de tekstbeleving, de wisselwerking tussen de tekst en de eigen kennis, ervaringen en waarden. Na deze affectieve respons volgt de tekstbestudering of tekstanalyse. Maar in deze fase komt de analyse vóór de interpretatie en niet omgekeerd. Met behulp van een model van structuuranalyse voor verhalende teksten krijgen de leerlingen een globaal inzicht in de wijze waarop de roman is opgebouwd. Daaruit volgt de interpretatie, die zowel op tekstuele als op intertekstuele elementen is gebaseerd. Een voorbeeld: bij de analyse van het vertelperspectief in Nooit meer slapen zul je constateren, dat het gaat om een ik-vertelsituatie en bij de interpretatieve fase zul je je moeten afvragen welk beeld de lezer daardoor van de hoofdfiguur krijgt. (Zie G.F.H. Raat, 1989.) De interpretatie maakt bovendien ook gebruik van andere elementen. De hamvraag is: hoe kunnen we de tekst interpreteren op grond van zowel de tekstuele analyse als van allerlei intertekstuele gegevens uit de maatschappelijke, literaire, literair-historische en biografische context. Daarna komen de leerlingen tot de tekstbeoordeling, een verantwoorde evaluatie van de roman, die gebaseerd is op alle aspecten van de vorige fasen: de eigen ervaringen en het eigen wereldbeeld, de tekstuele kenmerken en een aantal contextuele gegevens. Op grond van dit alles zouden de leerlingen in staat moeten zijn om een gefundeerd en beargumenteerd waardeoordeel uit te spreken.
Het spreekt vanzelf dat deze fasen door de leerlingen niet individueel doorlopen worden, maar opgenomen worden in het didactische gebeuren met behulp van gevarieerde werkvormen. Die werkvormen veronderstellen ook de beoefening van een heleboel andere vaardigheden, zoals spreken en luisteren, schrijven, discussiëren en argumenteren. Op die manier wordt het literatuuronderwijs doorlopend gecombineerd met het taalvaardigheidsonderwijs. Per slot van rekening is literatuur een vorm van (gemotiveerd) taalgebruik en daarom draagt het lezen van waardevolle literaire teksten altijd bij tot de taalvaardigheid van de leerlingen.
Ten slotte krijgen de leerlingen nog een lees- en schrijfopdracht: de vergelijking met de roman De donkere kamer van Damokles, waarover we eveneens een leermiddel hebben samengesteld.
Doelstellingen van het leermiddelen
- De leerlingen bereiden zich voor op de lectuur van Nooit meer slapen door een klasgesprek over Noorwegen en over de geologie.
- De leerlingen zijn bereid om de gegeven woordverklaringen tijdens hun lectuur te gebruiken.
- De leerlingen zijn bereid om tijdens hun lectuur affectief te reageren.
- De leerlingen kunnen de vragen over de structuuranalyse beantwoorden.
- De leerlingen kunnen uit de structuuranalyse een interpretatie van de roman afleiden.
- De leerlingen kunnen een aantal gegevens uit de literaire en biografische context gebruiken bij hun interpretatie.
- De leerlingen zijn bereid om de roman te evalueren met behulp van een beoordelingsformulier voor verhalende teksten.
- De leerlingen kunnen hun beoordeling motiveren en beargumenteren.
- De leerlingen kunnen enkele opvallende overeenkomsten en verschillen aanwijzen tussen Nooit meer slapen en De donkere kamer van Damokles.
- De leerlingen zijn bereid om over hun leeservaring en hun beoordeling van de roman met andere leerlingen en met de leraar van gedachten te wisselen.
Het digitale leermiddel over Nooit meer slapen is gepubliceerd op de portaalsite van het Vlaamse Ministerie van Onderwijs KlasCement. Het kan hier gratis gedownload worden.
Referenties
Brems, H., Altijd weer vogels die nesten beginnen. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1945-2005. Amsterdam: Bert Bakker, 2006. Geraadpleegd via: https://www.dbnl.org/tekst/brem012alti02_01/colofon.php
D’hoker, E., ‘Wat is een literair lezen?’. In: Handboek Didactiek Nederlands. Levende Talen Nederlands, 2025. Geraadpleegd via: https://didactieknederlands.nl/2025/12/wat-is-literair-lezen/
Raat, G.F.H., ‘Alfred en zijn spiegelbeeld. Over de vertelsituatie in Nooit meer slapen’. In: W. Smulders (red.), Verboden toegang. Essays over het werk van Willem Frederik Hermans gevolgd door een vraaggesprek met de schrijver. Amsterdam: De Bezige Bij, 1989, p. 204-228.
Laat een reactie achter