• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Mensen die ‘alleraffreust’ zeggen, deugen niet

7 augustus 2014 door Marc van Oostendorp Reageer

Door Marc van Oostendorp

In de negentiende eeuw spraken straatjongens zo: “Dat eerste huis met dat platte stoepie, de tweede verbij den spekslager, naast dat huis, daar die spiegeltjes uitsteken.”

Althans wanneer we de schrijver Nicolaas Beets (1814-1903) moeten geloven, die in zijn Camera Obscura (om precies te zijn in Hoe warm het was en hoe ver) een jongen zo laat praten. Dat is om een aantal redenen niet zo erg geloofwaardig: vooral dat zo’n straatjongen wel de klinker in voorbij tot een stomme e maakt maar tegelijkertijd de naamvalsuitgang op het lidwoord van den spekslager keurig respecteert, is weinig waarschijnlijk. (Ik weet ook niet zeker of mensen in spreektaal toen nog daar zeiden in plaats van het modernere waar, maar dit terzijde.)

Schrijvers van alle tijden gebruiken eigenaardigheden in het taalgebruik om personages te karakteriseren. De studie daarvan zou je literaire sociolinguïstiek kunnen noemen. Dat lijkt me dan een interessant vak, maar het wordt in het Nederlandse taalgebied bij mijn weten door niemand beoefend. (Ik ken alleen een dertig jaar oud artikel van Jo Daan over Bredero.)

Beets’ boek heeft sowieso de ambitie om een soort staalkaart te zijn van de Nederlandse samenleving, maar dan wel gezien door een Leidse student: de lagere klassen zijn er vooral om meewarig om te glimlachen. Het zijn dan ook de dienstmeiden, de arme lui, de straatjongens die de meest afwijkende taal in de mond krijgen gelegd.

Kondelteur

Terwijl de studenten en hun families allemaal een keurige negentiende-eeuwse standaardtaal spreken – wanneer Suzette Noiret wordt aangerand, zegt ze (met ‘eene zachte vrouwenstem’) ‘Laat me los, mijnheer! of ik schreeuw’, wijken die lagere klassen daar allemaal vanaf.

De meeste verhalen spelen zich af in, niet altijd duidelijk benoemde Hollandse provinciestadjes, en het taalgebruik bestaat dan ook uit algemeen-Hollandse verschijnselen. Arbeiders zeggen niet, net als Suzette mijnheer maar menheer of meheer, zoals ze sowieso altijd me zeggen in plaats van mijn, en profester en kondelteur (conducteur). Er zijn her en der ook wel wat grammaticale verschijnselen te vinden, zoals deelwoorden zonder ge- (ik heb niet zongen), maar het opvallendst is de uitspraak.

Alleraffreust

De enige persoon die niet uit de lagere klasse komt en een sterk eigen taalgebruik heeft is de zeer onsympathieke, ‘charmante’ muziekleraar Van der Hoogen – de man die uiteindelijke Suzette zal aanranden. Van der Hoogen spreekt zo:

‘Er presenteert zich eerstdaags eene charmante gelegenheid om iets naar de West te verzenden. Een jong mensch aan een der bureaux zal zich waarschijnlijk décideeren er heen te gaan.’

of:

‘Dérangeer je niet, lieve mevrouw; dankje, mijnheer Van Kegge. Een zeer ongelegen uur, inderdaad! Mijn boodschap was aan juffrouw Van Kegge; het is alleraffreust, ik ben desperaat!’

Al zeg ik het zelf

Met andere woorden, Van der Hoogen gebruikt verdacht veel Franse woorden, waaraan je eigenlijk meteen al kunt horen dat de man niet deugt.

Want dat is de taalboodschap die de Camera Obscura heeft: beschaafde mensen spreken beschaafd Nederlands. Ze hebben misschien een eigenaardigheid (Pieter Stastok heeft als stopwoord waaratje, zijn vader al zeg ik het zelf), maar verder zorgen ze ervoor dat ze mijnheer met alle volle klinkers uitspreken. Wie afwijkt van die norm, die hoef je niet helemaal serieus te nemen óf daar moet je juist vreselijk voor oppassen.

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 19e eeuw, literaire sociolinguistiek, sociolinguïstiek, taalkunde

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Sara Mychkine • Mijn moeder droomde niet

De tranen van mijn moeder zou iedereen moeten huilen, dushi,
de tranen van de wanhoop, de hikkende revolte die werd
verzwegen.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

EIKJE

De kou heeft hem verschroeid, maar hij,
ontplooid, bleef aan de zomer trouw,
open en strak,

een eikje dat zijn blad behield,
bruin en verdord, maar eetbaar bruin
en leefbaar dor.

Bron: Het Zinrijk, 1971

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

7 maart 2026: Themadag Standaardnederlands

7 maart 2026: Themadag Standaardnederlands

1 februari 2026

➔ Lees meer
11 maart 2026: ‘Tussen oorlog en cultuur. Ede, 1600-1800’ 

11 maart 2026: ‘Tussen oorlog en cultuur. Ede, 1600-1800’ 

31 januari 2026

➔ Lees meer
23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

31 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1929 Rudy Cornets de Groot
➔ Neerlandicikalender

Media

Feitenvrij: wat is de macht van de pen?

Feitenvrij: wat is de macht van de pen?

2 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Waar komen spreekwoorden vandaan?

Waar komen spreekwoorden vandaan?

1 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Maud Vanhauwaert en Nina Geerdink over Johanna Hobius

Maud Vanhauwaert en Nina Geerdink over Johanna Hobius

31 januari 2026 Door Fleur Speet Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d