• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Etymologie: stip, stippen, stipt, stippel, stippelen

14 mei 2015 door Redactie Neder-L Reageer

Door Michiel de Vaan


stip zn. ‘punt’
Mnl. mit enen stype … mit twee stypen ‘met een stip … met twee stippen’ m./o. (1408–1414, Rotterdam, een manier om de broodprijs aan te geven), styppen mv. ‘stippen’ (1477). Mogelijk eerder al in de naam Johannes Stip (Wommersom, 1340; Debrabandere 2003: 1171). Vnnl. stip, stup (1599) v./o. ‘stip, klein deeltje’. De samenstelling tijdstip (mv. tytstippen, 1715, Boekzael der geleerde werelt) is, op een enkele vroege uitzondering na (de eene tydstip, 1723), vanaf het begin onzijdig.  Verwanten: Middelfries stippe o. ‘stip’ (Japickx 1681), MoWFri. stip; Mnd. stip o. naast styppe. Uit Westgermaans onzijdig *stippa- naast *stippan-. 
stippen ww. ‘een punt maken’
Mnl. iestept ‘gestipt, stippen op het brood gezet die de prijs aangeven’ (1336, Keure van Hazebroek), instippen ‘indopen’ (1477), Vnnl. int yncket … stippen ‘in de inkt dopen’ (1534), stippen ‘steken, borduren, stippen zetten, druppelen’ (1550). Oudsaksisch steppon ‘tekenen, het vee van een merkteken voorzien’, Mnd. stippen ‘met de punt aanraken; indopen’. Het zn. stip in de betekenis ‘jus, saus’ (Utrecht, Veluwe, Drente) is afgeleid van stippen ‘indopen’.

Voor de etymologie van stip en stippen ligt een verband met stijf (PGm. *stīfa- uit PIE *stéipo-), stiepel ‘schoor, deurstijl’, en dial. stiep ‘stutpaal, Oudfries stīpa ‘paal’ (PGm. *stīpō-) het meest voor de hand. Ze gaan terug op een Indo-Europese wortel *stip- ‘stijf, rechtop’, waarvan o.a. Latijn stips ‘geldstuk, loon’, stipula ‘stengel, riet’, stīpes, -itis ‘boomstam’, en Litouws stìpti ‘stijf worden’, stiprùs ‘sterk’ zijn afgeleid. De pp van Ned. stip kunnen we verklaren als uit een Germaanse assimilatie van PIE *pn volgens het scenario van Kroonen 2011. Dan zou een PIE zn. *stéipōn ‘stengel, stam’, genitief *stipnós hebben bestaan, waaruit klankwettig PGm. nom. *stīfō, gen. *stippaz werd. De genitief (en andere naamvallen) diende vervolgens als basis voor een nieuwe stam *stipp-.

De betekenis van stip ‘punt’ kan niet direct van ‘stam, stengel’ komen. Aangezien stippen, steppen vroeger is aangetroffen dan stip, in meer uiteenlopende betekenissen en met klinkervariatie i/e, neem ik aan dat het ww. ouder is dan het zn. Steppen, stippen kan oorspronkelijk ‘bewerken met een recht voorwerp, steken’ betekend hebben. Daar is stip dan van afgeleid als het resultaat van die handeling, vgl. de steek (bij het naaien) als resultaat van steken.
stipt bn. ‘nauwgezet’
Vnnl. stip bw. ‘nauwkeurig’ (1613). Gedurende de 17e eeuw blijft dit de gebruikelijke vorm van het bijwoord. Als attributief bn. vanaf 1690 (de stippe dagh ‘de exacte dag’). Met paragogische t (onder invloed van strikt?) dan stipt bw. ‘nauwkeurig’ (1691, Bekker, De betoverde wereld), eveneens stiptelijk (1689). Vanaf 1735 wordt stipt ook als bn. aangetroffen.
Onder de oudste gebruikswijzen van stip komt vrij vaak de uitdrukking stip op iets (blijven) staan ‘onverzettelijk bij iets blijven’, mogelijk is het zn. in deze constructie als eerste als bw. opgevat. Dat doet denken aan pal staan bij pal ‘paal’.
stippel zn. ‘puntje’
Mnl. stippel (1485), Vnnl. stippelen mv. (1598), stippel, verkleinw. stippelken (1599), bw. stippelick ‘nauwgezet’ (1644). Verkleinwoord bij stip(pe).
stippelen ww. ‘stippels vormen’
Vnnl. stippelen (1621, Starter, Friesche Lusthof) ‘met de punt drukken’, bestippelt ‘van stippels voorzien’ (1666). Afleiding van stippel.

Lit.: Guus Kroonen. 2011. The Proto-Germanic n-stems. A study in diachronic morphophonology. Amsterdam / New York: Rodopi.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Addenda EWN, etymologie, taalkunde

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Pierre H. Dubois • Moment

Vanwaar gedreven
naar waar?
Even mijn lief, even
zijn wij maar bij elkaar.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

VOORJAAR

Alleen de wind geeft vat op zich,
ik luister aan een stam, ik hoor
boven de dood een stem in hout,
een slag in de lucht, stilte
blijft onbegraven op wind
gedragen in blinkende paniek.

Bron: Uit de hoge boom geschreven, 1967

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

17 april 2026: Proefcollege Ecolinguïstiek

17 april 2026: Proefcollege Ecolinguïstiek

24 maart 2026

➔ Lees meer
29 maart 2026: Colloquium over 50 jaar Uitgeverij In de Knipscheer 

29 maart 2026: Colloquium over 50 jaar Uitgeverij In de Knipscheer 

22 maart 2026

➔ Lees meer
12-14 november 2026: Fostering Dialogue

12-14 november 2026: Fostering Dialogue

21 maart 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1870 Renaat Despicht
sterfdag
1941 Nicolaas van Wijk
➔ Neerlandicikalender

Media

In gesprek met auteur Rob van Essen

In gesprek met auteur Rob van Essen

23 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Doortje Smithuijsen bij Kunststof

Doortje Smithuijsen bij Kunststof

22 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Natuurlijk (Rob van Essen, De grote schoonmaak)

Natuurlijk (Rob van Essen, De grote schoonmaak)

22 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d