• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Inwondig leven

29 juli 2017 door Marc van Oostendorp 3 Reacties

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (134)
Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij

Over de heldere gedachte

Woorden zijn de oogen van de gedachte
en doen ons haar inwondig leven kond;
zij ontsluiten haar aard en of er grond
bestaat diens gebrekkigheid te verachten
dan of zij deugd’lijk blijkt, te weten: rond,
dat is: in zich volkomen; zaad en krachten
bevattend om uit haar nieuwe geslachten
te doen ontstaan; tot op haars harten grond

zoo helder en doorzichtig zijnde dat
men in de diepte hare kern ziet schijnen
gelijk een kleinood in kristal gevat
en mak’lijk als langs weidsche trappen van
paleizen dalende, in haar verdwijnen
en haar fundamenten bereiken kan.

(Henriëtte Roland Hols – Van der Schalk)

Als woorden echt de oogen van de gedachte zijn, hoe zit het dan met de zetfout? Het staat er echt zo, in dit sonnet van Henriëtte Roland Holst <een facsimile bij Het Geheugen van Nederland>: inwondig leven. 

De feilloze patroonherkenner die de menselijke geest is doen ons onmiddellijk vermoeden dat hier een andere ‘oog van de gedachte’ wordt toegeknepen – expres, door de dichter, of per ongeluk, door de zetter: het oog van het inwendig leven. Maar diezelfde patroonherkenner ziet onmiddellijk dat inwondig ook een echt woord zou kunnen zijn, een manier om het leven te beschrijven dat broeit in iedere wond. En bovendien levert die vreemde vorm ook nog eens een binnenrijm op.

De metaforiek wordt, ook zonder die wond, sowieso duizelingwekkend diep, een beetje zoals in sommige kinderliedjes (‘onze kat, wiedewiedewat, heeft een staart en die staart heeft een haar, en die haar heeft een punt’) wel gebeurt. Er is bijvoorbeeld sprake van een gedachte die een hart heeft en die heeft een grond, waarin een kern zit, waarin trappen verstopt zijn zodat men haar fundamenten bereiken kan.

Ja mensen, dan komen we echt wel diep met de gedachteoogen tante Jet!

Het is natuurlijk ook opvallend dat we niet rechtstreeks naar die fundamenten gaan, maar via omwegen. Dat in een gedicht dat de heldere gedachte wil beschrijven en de manier waarop woorden daar ons een blik op gunnen, de dichteres zich twee keer achter elkaar herneemt: “te weten: rond, dat is“. Zo precies geeft een enkel woord ons dus geen inzicht aan het gebied onderaan de trappen van de kern in de grond van het hart van de gedachte.

 

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 196 sonnetten, 19e eeuw, Henriëtte Roland Holst - Van der Schalk, sonnet

Lees Interacties

Reacties

  1. Erik de Smedt zegt

    29 juli 2017 om 10:19

    1. Dat H. R.-H. ‘inwondig’ als neologisme zou hebben bedoeld, lijkt me in de context van dit gedicht onwaarschijnlijk. Natuurlijk zit er ook in een wonde leven – zelfs nog in een lijk buitelen de bacteriën over elkaar – de gevoelswaarde is m.i. te negatief om te passen in de op het kitscherige af idealiserende, euforische gedachtegang. Alleen v. 4 heeft het over de gebrekkige gedachte, minstens negen verzen daarentegen (versterkt door de titel) verheerlijken de volkomen, transparante en vruchtbare gedachte. Is het geen té moderne reflex, H. R.-H. zo’n dwarse, ambivalente woordschepping toe te schrijven – in een gedicht dat toch volgzaam in de traditie staat van ‘De ogen zijn de spiegel van de ziel’ en ‘Ce que l’on conçoit bien, s’énonce clairement’ (Boileau, ‘Art poétique’, 1674)?

    2. Opvallend bij een dichter die de verheven taal (intussen ronduit archaïsch) in de vingers heeft, is de grammaticale fout ‘diens’ gebrekkigheid (v. 4) i.p.v. ‘dier’ of ‘haar’. Hoewel het formeel past, zou ‘dier’ waarschijnlijk een ongewenste connotatie met ‘dierlijk’ oproepen, veel te laag-bij-de-gronds voor de hoge vlucht die hier wordt genomen.

    Beantwoorden
  2. HC zegt

    29 juli 2017 om 12:26

    Zou je dat ‘inwondig’ kunnen associëren met inwinden, m.a.w. de gedachte die is ‘ingewonden’ in de ziel en die je moet ‘ont-winden’ of afwikkelen om haar diepgang en ten slotte fundamenten te ontdekken? Het is overigens ook de beweging die bij wenteltrappen hoort.

    Beantwoorden
  3. Gert de Jager zegt

    29 juli 2017 om 13:17

    Even googlen leert dat aan het eind van de negentiende eeuw ‘inwondig’ vaker voorkwam, steeds als een synoniem van ‘inwendig’. Vooral in kranten uit Zuidwest-Nederland.

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Evi Aarens • Fausta

Het is nog vroeg als ik mijn huid opraap, de trap
Af wentel en de deur uit gaap. Het voorjaar heet mij welkom
Met een welbekend geluid. De wind ruist westzuidwest.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

LATE VORST

Wind, alle wind is beeldspraak van hun zwijgen.

De bomen schuilen in een bast van ijzel,
appelaar, den en ijle es,
engelenhulst, plataan in onschuld;
voelsprieten van de ruimte, vonken zijn
iedere tak en elke kleine twijg.

Bron: Spinroc en andere verzen, 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

20 maart 2026: Landjuweel

20 maart 2026: Landjuweel

3 maart 2026

➔ Lees meer
10 maart 2026: Marjoleine de Vos over Ik ben hier liever niet alleen

10 maart 2026: Marjoleine de Vos over Ik ben hier liever niet alleen

2 maart 2026

➔ Lees meer
15 maart 2026: Antisemitisme in het woordenboek

15 maart 2026: Antisemitisme in het woordenboek

1 maart 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1988 Wim Caron
➔ Neerlandicikalender

Media

Wat als de Nederlandse taal verdwijnt?

Wat als de Nederlandse taal verdwijnt?

3 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Bonusauteurs: Cornelia Teellinck, Maria Petyt en Sibylle van Griethuysen

Bonusauteurs: Cornelia Teellinck, Maria Petyt en Sibylle van Griethuysen

3 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Annelies Verbeke over Charmolypi

Annelies Verbeke over Charmolypi

2 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d