• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

’t Dialectenbureau (en ik), afl. 4

18 juli 2017 door Jan Stroop 1 Reactie

door Jan Stroop

Tekenaar De l’ Orme, juffrouw Francken, juffrouw Nieuwkerk, mijn vrouw en mijn zoontje, én de stoel van mevrouw Daan.

De afdeling Dialectologie telde eind 1966 vier vaste medewerkers: mevrouw Daan, hoofd van de afdeling, Henk Heikens en ik, beiden wetenschappelijk ambtenaar, en Reimer van der Schaaf, die de administratie deed. Af en toe kwam er ook wel eens een student wat werk verrichten. Daarnaast waren er twee dames die part time werkten: Juffrouw Francken, oud-onderwijzeres, die mevrouw Daan assisteerde bij haar werk aan de ANKO (de Atlas van de Nederlandse Klankontwikkeling) en ook dialectopnames maakte, en juffrouw Nieuwkerk, die correctiewerk deed.

Wat mijn werk aan de Taalatlas betreft: ik begon steeds meer plezier te krijgen in ’t voorbereiden en tekenen van proefkaarten. Zelfs ’t overnemen van de gegevens uit de vragenlijsten was verre van saai, omdat de correspondenten hun antwoorden vaak toelichtten met interessante informatie. Bij ’t een voor een aanbrengen van de symbooltjes op de invulkaart zag je gaandeweg verspreidingspatronen ontstaan, die weer verschilden van alle vorige. Dat vond ik spannend. Geen twee kaarten zijn ook ’tzelfde. Zie de proefkaarten op mijn website. Je had bij ’t invullen van zo’n kaart ook alle tijd om je ideeën te vormen over de geografische spreiding van de benamingen en hoe je die zou kunnen verklaren.

Tegenwoordig gaat ’t allemaal sneller: met een druk op de knop plaats je alle symbolen tegelijk op de kaart. Dat is efficiënter maar ’t inspireert niet. Woordkaarten zoals die in de Taalatlas opgenomen werden, worden tegenwoordig nauwelijks nog gemaakt. De Taalatlas zelf is in 1989 stopgezet. Jammer, want voor woordonderzoek, woordgeografie en woordetymologie bestaat in de samenleving juist veel belangstelling.

Voor de gegevens in ’t Vlaamse deel van ons taalgebied waren we aangewezen op de Instituten in Gent en Leuven, die hun eigen correspondentennet hadden. Over en weer stelden we elkaar ons materiaal ter beschikking. Om de samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland te vergemakkelijken werd later, op 1 september 1967,  Ernest Eylenbosch bij ’t Dialectenbureau in dienst genomen. Hij bleef overigens wel in België wonen en kwam af en toe naar Amsterdam voor overleg.

Vergaderen deden we trouwens zelden, aan de Nieuwe Hoogstraat. We waren maar met ons vieren en we zaten in dezelfde ruimte. We waren dus feitelijk permanent vergaderd. Wat ik deed, mocht ik in hoge mate zelf bepalen. Zo kon ik, toen ik dat artikel over de namen van de ponderboom wilde schrijven, naar mevrouw Daan toe gaan en haar dat voorstellen. “Moet je doen, als ’t maar niet ten koste gaat van je werk aan de Atlas”, was ’t antwoord. ’t Schrijven van artikelen hoorde daar strikt genomen aanvankelijk nog niet bij.

Aan mijn ambulante bestaan, tussen Nijmegen (weekend)  en Amsterdam (door de week), kwam al gauw een einde, want we hadden een woning toegewezen gekregen. Dat kon omdat de KNAW (de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen), waar ’t  Instituut onder ressorteerde, in Amsterdam over een contingent woningen voor medewerkers kon beschikken. Midden december (1966) konden we al verhuizen.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Dialectenbureau, dialectologie, geschiedenis van de neerlandistiek, geschiedenis van de taalkunde

Lees Interacties

Reacties

  1. WebredMiet zegt

    18 juli 2017 om 11:24

    Wat je schrijft over proefkaarten met de hand maken en op pc herken ik helemaal. Toen ik bij de woordenboeken in Leuven begon, werden de kaarten al helemaal op pc gemaakt. Daarvoor moesten we een speciaal tekstbestand maken, dat we dan in de cartografiesoftware openden. Dankzij de speciale tekentjes herkende de software dan de verschillende trefwoorden. Dat tekstbestand was een ‘uitgeklede’ versie van een lemma.
    Maar soms maakte ik zelf proefkaarten, als voorbereiding voor een artikel bijvoorbeeld. Dan had ik geen lemma ter beschikking en moest ik die tekstbestanden ook eerst volledig intikken. En dus tekende ik snel eerst met de hand een kaart, om te zien of die de moeite waard was. En ja, dan zie je ze inderdaad groeien.
    Ik vind het ook jammer dat er tegenwoordig amper nog woordkaarten worden gemaakt. Net omdat je ze nu naast de oude kaarten zou kunnen leggen en er dus de diachrone ontwikkeling in zou kunnen verwerken. Ach ja, dan doen we het maar op eigen houtje, he 🙂

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Willem de Mérode • De visch

De vis was giftig, ik moet sterven.
De vis groeit in mij, ik verminder.
Zijn bek bijt en zijn vinnen steken.
Ik ving de vis, de vis ving mij.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Agenda

28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

22 februari 2026

➔ Lees meer
6 maart 2026: Indische detectives en misdaadromans

6 maart 2026: Indische detectives en misdaadromans

20 februari 2026

➔ Lees meer
15-17 april 2027: Achter de verhalen

15-17 april 2027: Achter de verhalen

20 februari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
2022 Stijn De Paepe
➔ Neerlandicikalender

Media

De Twintigers: Juicy

De Twintigers: Juicy

22 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Safae el Khannoussi Translation Project

Safae el Khannoussi Translation Project

21 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Lange lijnen 5: Met Gaea Schoeters

Lange lijnen 5: Met Gaea Schoeters

20 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d