• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Dierentaalwetenschap

21 maart 2026 door Marc van Oostendorp 20 Reacties

Baltsgedrag van kraanvogels. Bron: Wikimedia

Een van de interessantste nieuwe ontwikkelingen in de taalwetenschap van de afgelopen vijftien jaar is die van de dierentaalwetenschap. Er zijn mensen die denken dat voor die tijd taalkundigen dierentaal beneden hun waardigheid achtten, maar naar mijn overtuiging is het anders. Natuurlijk erkennen taalkundigen al heel lang dat er een relatie moet zijn tussen dierentaal en mensentaal, maar de instrumenten van de taalwetenschap waren lang nog niet verfijnd genoeg om enerzijds recht te kunnen doen aan de verschillen tussen mensentaal en dierlijke communicatie en anderzijds aan de overeenkomsten.

Inmiddels wordt er zowel door taalkundigen als door biologen hard gewerkt om een en ander in kaart te brengen. Vaak doen ze dat in nauwe samenwerking. De meest productieve en interessante geleerde, in ieder geval aan de taalkundige kant, is hier de Fransman Philippe Schlenker. Hij is iemand die een brede kennis van de literatuur – omdat er zo verschillende vakken bij betrokken zijn, moet je veel literatuur bijhouden – paart met een helder overzicht over het geheel.

Kreet

Recentelijk publiceerde hij samen met een groep medewerkers een kort artikel waarin hij de contouren uiteenzet van een nieuw vakgebied, de dierentaalkunde. Dat bestaat volgens hem uit maar liefst vier. Ik geef steeds een van de karakteristieke vragen voor zo’n deelgebied.

  • Formele dierentaalkunde: die beschrijft wat de kleinste bouwstenen (‘woorden’) zijn van dierentaal en op wat voor manieren die kunnen worden samengevoegd (‘grammatica’s) tot grotere gehelen (‘zinnen’), en wat voor betekenissen er aan die bouwstenen en grotere gehelen verbonden zijn.
  • Vergelijkende dierentaalkunde: die de verschillende vormen dierencommunicatie met elkaar vergelijkt: zijn er overeenkomsten in hoe pakweg dolfijnen en wolven elkaar roepen?
  • Dierenpsycholinguïstiek: wat zijn de cognitieve en andere vaardigheden waarover dieren moeten beschikken om de communicatiesystemen te kunnen gebruiken zoals die in de formele en de vergelijkende dierentaalkunde in kaart hebben gebracht? Het is (bij mijn weten) duidelijk dat dieren die gebruik maken van longen met complexere geluiden kunnen communiceren dan dieren zonder longen. Maar er zijn natuurlijk veel subtielere voorbeelden, ook over de bouw van de hersenen.
  • Evolutionaire dierentaalkunde: hoe zijn de communicatiesystemen ontstaan? Als er overeenkomsten zijn tussen hoe pakweg paarden en vogels communiceren, komt dit dan doordat de gemeenschappelijke voorouder van paarden en vogels al zo communiceerde? Of hebben ze op verschillende momenten een soortgelijk systeem ontwikkeld?

Mij lijkt dit een degelijk kader voor dit zich nu zo snel ontwikkelende vakgebied. Er zijn natuurlijk nog wel andere manieren van naar (menselijke) taal kijken, zoals een historische (hoe ontwikkelt een taal zich in de tijd) of een sociologische (hoe gebruiken mensen taal in onderlinge relaties), maar ook voor voor de studie van menselijke taal leunen die zwaar op deze eerdere stappen. Aan de andere kant heeft een onderzoeker als Michael Tomasello carrière gemaakt met proberen de verschillende vormen communicatie van dieren (inclusief mensen) te begrijpen uit hun verschillende sociale vermogens.

En er zijn nu al allerlei heel ingewikkelde puzzels. Eén ervan is die van de evolutie. Het is als je erover nadenkt lastig te begrijpen hoe een communicatiesysteem ooit kan ontstaan. Stel dat er in een apensoort nog niet echt met tekens gecommuniceerd wordt. Nu bedenkt een aap een kreet die waarschuwt voor een slang (dat is een echt bestaande kreet in bepaalde apensoorten). Zij kan die kreet dan wel slaken, maar die andere apen begrijpen dat dan toch niet? Dat geldt nog sterker als er tekenen zijn dat aspecten van de communicatie aangeboren zijn: apen van dezelfde soort gebruiken overal dezelfde kreet voor die slang. De genetische aanpassing voor communicatie vindt dan toch eerst plaats in één aap – maar die heeft daar dan helemaal niets aan.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: biologie, dierentaal, taalkunde

Lees Interacties

Reacties

  1. Gijs zegt

    21 maart 2026 om 05:56

    Die eerste pratende aap moet zich heel miskend en eenzaam gevoeld hebben. Dat is misschien de evolutionaire oorsprong van de poëzie.

    Beantwoorden
  2. Lalagè zegt

    21 maart 2026 om 09:02

    Dit is zo interessant! Het boek Dierentalen van Eva Meijer is een aanrader als je hier meer over wilt weten.

    Beantwoorden
    • Robert Walter Joseph Kruzdlo zegt

      21 maart 2026 om 09:20

      Eva Meijer is leerling van Jakob von Uexküll, schatplichtig en steekt- zoals zo vaak in de wetenschap – zijn theorie in een nieuw vel! In haar boeken wemelt het van filosofische krenten waardoor je het brood mist. Haar favoriete theorie is: alles breder maken dan het is!

      Beantwoorden
  3. Robert Walter Joseph Kruzdlo zegt

    21 maart 2026 om 09:10

    Genetische veranderingen bij een soort gebeurt nooit individueel. Toen de vis Tiktaalik roseae het land opkroop was hij niet de enige. Er zijn, denk ik, genetische tussenvormen die niet worden opgemerkt. Ik vraag mij af waarom de Umwelt van zeg een hond nog niet geëvolueerd is tot het nabootsen van de menselijke stem. Er is geen genetische behoefte voor een hond om iets terug te zeggen. (Honden.)

    Beantwoorden
    • Peter Motte zegt

      21 maart 2026 om 10:01

      De hond is nog maar een paar tienduizend jaar of zo gedomesticieerd. In zo’n korte tijd kun je niet van een “wolventaal” naar een “mensentaal” evolueren. En soms proberen honden wel degelijk met mensen te communiceren, maar het is een soort die behalve klank ook lichaamstaal gebruikt. Hij kan zich bv tussen twee mensen wringen om ze uit elkaar te houden. Meestal is dat uit een vorm van jaloezie.

      Beantwoorden
  4. Robert Walter Joseph Kruzdlo zegt

    21 maart 2026 om 10:36

    Peter, lichaamstaal bestaat uit twee woorden. Het is voor mij geen taal maar gedrag. Ik heb een mooi voorbeeld: In de Pyreneeën ergens in de buurt van Portbou zag ik een magere kalf. De kudde was vetrokken. Ik maakte contact met het kalf en wist gaar baar een waterbron te leiden. Ze dronk niet. Plotseling schuurde het kalf tegen mij aan. Ik ken dit gedrag. Ik was nu haar herder. Ik wilde mijn weg vervolgen en ha hoor ze jammer achter mij aan. Ik kon met haar naar het dorp wandelen als Fernández en de koe. Tot hier het verhaal. Honden doen dit ook: aanschuren, schuren maar om dit nu een taal te noemen?

    Beantwoorden
    • Robert Walter Joseph Kruzdlo zegt

      21 maart 2026 om 10:38

      Tikfouten komen door de kleine lettertjes van mijn telefoon. …begeleiden haar baar…

      Beantwoorden
    • Peter Motte zegt

      21 maart 2026 om 12:17

      Dat is de hele discussie over wanneer je iets een “taal” kunt noemen, en ik ben niet van plan die over te doen. Feit is dat honden vanalles uitdrukken met geluid (grommen, blaffen, janken etc) maar ook vaak gedrag vertonen (kwispelstaarten, door hun poten zakken, tegen je aanleunenen…) Het blijft hoe dan ook communicatie, en je kunt het ene niet los zien van het andere, want dan verminder je de communicatiemogelijkheden.
      Overigens: de reden dat veel mensen goede vertellers maar slechte schrijvers zijn, is precies dat het lichamelijke deel bij het schrijven wegvalt, en niet alleen maar dat wat aan de gesproken taal vasthangt, zoals intonatie.
      (kijk, in nu ben ik toch in de val getrapt om het over lichaamstaal als taal te hebben, maar ik vind het uitsluiten van de lichaamstaal als onderdeel van de taal van de hond een typisch symptoom van het “mensen zijn superieur”-fenomeen)

      Beantwoorden
  5. Gaston Dorren zegt

    21 maart 2026 om 12:21

    Dat onbegrip kan veranderen in begrip als de ontvanger (toehoorder) dezelfde informatie ook langs een ander kanaal ontvangt, pakweg visueel. Ze ziet de slang, hoort de kreet en (dit is cruciaal) legt de link. Dat laatste verbetert haar overlevingskansen. Het ene individu zal dat beter kunnen dan het andere. Wie dat beter kan, heeft evolutionair voordeel. De snelle snappers zullen de tragen-van-begrip wegconcurreren.

    Beantwoorden
    • Peter Motte zegt

      21 maart 2026 om 15:01

      Ja, dat is een mogelijkheid.
      Wat hier ook soms verkeerd wordt gezien, is dat het ontstaan van die kreet iets is dat eigenlijk alleen maar mogelijk is als er al een aantal andere mogelijkheden zijn: zicht, geheugen, stem… etc. Alle elementen die nodig zijn om de kreet op te wekken, te doen uitstoten, en om de link tussen de kreet en de slang te leggen – al die bouwsteentjes – moeten aanwezig zijn voor de kreet een “waarschuwingswoord” kan worden. Als die bouwsteentjes er zijn, dan zijn die ontstaan door evolutie, en is elke willekeurige aap in dat geval in staat om de volgende stap in de evolutie te zetten: het uitbrengen van een klank die een betekenis heeft en die door andere apen als een klank met die specifieke betekenis kan worden begrepen.
      Het is dus niet zo dat er plots een sprong wordt gemaakt van helemaal geen taal zonder mogelijkheden tot taal, naar wél een taal.

      Beantwoorden
    • Marc van Oostendorp zegt

      21 maart 2026 om 19:41

      De evolutionaire puzzel is: waarom zou de zender een boodschap zenden als de meeste hoorders haar niet begrijpen. Ja, die hoorders ondergaan natuurlijke selectie, maar ondertussen is die zender energie aan het verspillen, dus waarom wordt er dan niet tegen dat zinloze zenden geselecteerd? Een communicatiesysteem heeft pas zin als er voldoende zenders en ontvangers de code begrijpen.

      Beantwoorden
      • Peter Motte zegt

        21 maart 2026 om 21:03

        De kreet kan ook een poging zijn om de slang weg te jagen.
        Als de anderen dan beginnen te begrijpen dat het betekent dat iemand een slang probeert weg te jagen, dan kan de kreet een vaste betekenis krijgen.

        Beantwoorden
  6. LDK zegt

    21 maart 2026 om 20:44

    ‘Nu bedenkt een aap een kreet die waarschuwt voor een slang (dat is een echt bestaande kreet in bepaalde apensoorten). Zij kan die kreet dan wel slaken, maar die andere apen begrijpen dat dan toch niet?’

    De kreet is wellicht een affectief schrikgeluid die niet voor communicatie bedoelt was. Wel kan zo’n geluid positieve effecten hebben (kreet > iets langer leven) en zich dan door evolutie stabiliseren.

    Beantwoorden
  7. Dhr. Helge Bonset zegt

    22 maart 2026 om 11:09

    Als je geloof hecht aan Rupert Sheldrake’s theorie van morfogenetische velden, is het probleem van de apenkreet makkelijk op te lossen. De soort ontwikkelt deze communicatievorm gelijktijdig, over de hele wereld.

    Beantwoorden
    • Robert Walter Joseph Kruzdlo zegt

      22 maart 2026 om 14:57

      Tegelijkertijd ontwikkelde Wallace zijn theorie onafhankelijk van Darwin, terwijl ze elkaar niet eens kende. Een mens die nauwelijks iets afweet van zijn binnenbrein hoe kan die nu superieur zijn aan dieren!?

      Beantwoorden
  8. Hans Broekhuis zegt

    24 maart 2026 om 11:04

    Als een aap door een genetische verandering het vermogen verwerft om alarmkreten te slaken, is het natuurlijk geen probleem als andere apen hem niet “verstaan”. Als het een voordeel oplevert (survival of the fittest), kan de eigenschap zich via het eigen nageslacht snel door de gemeenschap verspreiden. Ik zie het probleem dus eigenlijk niet.

    Beantwoorden
    • Marc van Oostendorp zegt

      24 maart 2026 om 20:06

      Nee, want het slaken van die kreten kost natuurlijk wel energie, die die aap ook aan andere dingen had kunnen besteden.

      Beantwoorden
      • Hans Broekhuis zegt

        24 maart 2026 om 21:56

        Als ik met een hamer op mijn duim sla zeg ik ook “au” of “stommeling”, zelfs als ik alleen ben. Ik denk dat je economisch met energie omgaan wel erg strikt opvat.

        Beantwoorden
        • Marc van Oostendorp zegt

          24 maart 2026 om 22:08

          Dat is dan ook erg onverstandig van jou.

          Beantwoorden
          • Hans Broekhuis zegt

            24 maart 2026 om 23:21

            Dan leggen we de oorsprong bij de tweede generatie. Tenminste een deel van de nakomelingen van de aap waarin de genetische verandering heeft plaatsgevonden heeft deze eigenschap ook en zij vormen een gemeenschap waarin het alarmkreten zinvol gebruikt kunnen worden. De gevormde alarmkreten worden doorgegeven aan de daaropvolgende generaties en de apen die deze kreten niet begrijpen vallen eerder ten prooi aan roofdieren en sterven al snel uit. Kan in een paar eeuwen gebeurd zijn. Mijn suggestie verandert in essentie dus niet.

            Beantwoorden

Laat een reactie achter bij LDKReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Sytske Frederika van Koeveringe • Mocht dat wat om me heen leeft kneedbaar zijn

Weilanden blijven, op hun kleuren na
Wist je dat groen voor veel schilders een ingewikkelde kleur is?
Dan toch liever lavendelpaars, felroze, romig oranje
De slootjes uiteraard lichtgeel

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

Juicht kin- en ouders mede!
Want len- en warmte is daar,
mijn geest stijgt op, naar boven,
’k wil nat- en morgenuur
met vul- en lippen loven!

Bron: Charivarius

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

23 en 24 april 2026: De neerlandistiekdagen

23 en 24 april 2026: De neerlandistiekdagen

14 april 2026

➔ Lees meer
2 mei 2026: voorjaarsbijeenkomst E. du Perrongenootschap

2 mei 2026: voorjaarsbijeenkomst E. du Perrongenootschap

13 april 2026

➔ Lees meer
19 juni 2026: Tiende Indische Letteren-lezing

19 juni 2026: Tiende Indische Letteren-lezing

13 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1919 Frans van Coetsem
➔ Neerlandicikalender

Media

Ted van Lieshout | Het Grote Gebeuren 2026

Ted van Lieshout | Het Grote Gebeuren 2026

12 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
In gesprek met dichter Sophia Blyden

In gesprek met dichter Sophia Blyden

12 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Abdelkader Benali en Marita Mathijsen over Aagje Deken en Betje Wolff

Abdelkader Benali en Marita Mathijsen over Aagje Deken en Betje Wolff

11 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d