• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Tunnel en zoeklicht

31 maart 2026 door Arie Pos 1 Reactie

Met het perspectief van een in Nederland geboren en getogen moslim kijkt Lotfi El Hamidi in Stakkers en wolven vanuit het weinig verheffende Gaza-heden terug op de wortels van het huidige antimoslimpopulisme. Die invalshoek komt te schaars aan bod en is broodnodig in een volwassen debat. Lof dus voor zijn boek, met de strekking waarvan ik grotendeels kan meegaan. Zo ook met de oorsprong van het verschijnsel die hij in zijn reactie op mijn stuk aanwijst en situeert in maart 1989, bij de anti-Rushdie-demonstraties – het was er niet een, zoals hij schrijft, maar het waren er twee, op 3 maart in Den Haag en op 4 maart in Rotterdam.

De Nederlandse regering vond deze eerste openlijke uitingen van moordzuchtig moslimradicalisme dermate verontrustend dat de toenmalige minister van binnenlandse zaken Cees van Dijk vertegenwoordigers van een dertigtal Nederlandse moslimorganisaties uitnodigde voor een gesprek om toenemende spanningen in de samenleving te voorkomen. Hij deed dit om hun standpunten te horen en uit te leggen dat openbare oproepen tot het vermoorden van een schrijver en het verbranden van een boek en een pop die de schrijver voorstelde volgens het Nederlandse recht onaanvaardbaar waren. Op het verzoek van de organisaties publicatie van een Nederlandse vertaling van The Satanic Verses te verbieden, antwoordde hij dat dat niet kon omdat er geen preventieve censuur bestond in Nederland.

Geestdriftig

Het was een luidruchtig lokaal voorlopertje van wat later ‘the clash of civilizations’ ging heten. De schok in maart 1989 was groot, evenals de aardbevingsimpact van de beelden die het NOS-journaal uitzond van de demonstraties (zie Andere tijden). El Hamidi reduceert en bagatelliseert een en ander 37 jaar later tot ‘een uit de hand gelopen anti-Rushdie-demonstratie in Rotterdam’. Daar kan ik aanzienlijk minder goed in meegaan.

En nog minder met de wijze waarop hij een citaat uit een column van Gerrit Komrij over die demonstraties gebruikt als titel van zijn boek en als kapstok, beginpunt en rode draad van zijn historische analyse van het Nederlandse antimoslimpopulisme. Dat ‘stakkers en wolven’ lekker ‘bekt’ als titel en vanuit 2026 terugblikkend op 37 jaar ‘moslimdebat’ een pakkende samenvatting is van de steeds terugkerende kern van de kwestie, dat kan ik begrijpen. Maar niet dat hij Komrij op grond van een stukje column in één moeite door neerzet als initiator en inspirator van het antimoslimpopulisme.

El Hamidi licht het mij toe: ‘Mijn punt is dat een hele stoet publicisten en politici heeft bijgedragen aan het huidige racistische klimaat rond de aanwezigheid van inmiddels ruim een miljoen islamitische Nederlanders. Er loopt een lange lijn van Joop Glimmerveen via Hans Janmaat naar Geert Wilders en geestverwanten. En daartussen bevinden zich ook de zogenaamd progressieve denkers die zonder terughoudendheid hun vooroordelen over moslims de vrije loop lieten. Komrij’s geestdriftige column spreekt wat mij betreft het meest tot de verbeelding, met zijn nadruk op “onze” en “ze”.’

Wolven en hyena’s

Even later voegt hij daaraan toe: ‘Je hoeft alleen een blik te werpen op de opiniërende kolommen van De Telegraaf, de berichten op GeenStijl of de uitlatingen van radicaal-rechtse politici om Komrij’s erfenis terug te zien. Een ronduit racistische zin als “we laten hyena’s ons land binnen die vandaag elkaar doodslaan en morgen ons”, afkomstig van ex-PVV’er Gidi Markuszower, rijmt verdomd veel op de wolven-uitspraak van Komrij.’

Vreemd, die erfenis. Een paar zinnen uit een NRC-column uit 1989 die Komrij nooit bundelde zouden de oorsprong en inspiratiebron zijn van 37 jaar gaandeweg toenemende antimoslimretoriek? Dat is echt te veel eer. Maar El Hamidi helpt me gelukkig uit de droom. Het gaat hier namelijk om ‘misschien wel de meest beruchte column uit de recente Nederlandse geschiedenis’. Werkelijk? Stond 37 geleden in een hoekje van de krant, nooit gebundeld, maar kennelijk hebben heel veel mensen het stukje uitgeknipt en bewaard, zoals NRC-columnist Frits Abrahams deed, om een paar weken geleden, gewekt door El Hamidi, Komrij ervan te betichten ‘fel anti-islam’ te zijn, te generaliseren en een ‘tunnelvisie op de islam’ te hebben. Ik schreef er, behalve een mail aan El Hamidi en zijn uitgever, ook een brief over aan NRC en Abrahams. Die werd niet geplaatst en de columnist zwijgt vooralsnog. Ik kan mijn geluk niet op dat El Hamidi wel van zich laat horen.

Maar die ‘meest beruchte column’ – hoe en waar dan? Wordt hij voortdurend geciteerd op plekken waar ik nooit kom? Onder radicale antiracisten was Komrij niet populair, mede dankzij de lastercampagne tegen hem van Teun A. van Dijk, begin jaren negentig van de vorige eeuw. In zijn terugblik daarop, De Rasoel-Komrij affaire (2003), citeerde Van Dijk regelmatig uit de Rushdie-column. El Hamidi’s splijtende inzicht over de onmiskenbare band tussen Komrij’s ‘wolven’ en, zo’n 35 jaar later, Markusowers ‘hyena’s’ rijmt wonderwel met de methode-Van Dijk. Zou het daar vandaan komen? Op die achtergrond doelde ik toen ik schreef: ‘Knap dat hij [El Hamidi] die [column] heeft opgevist, kennelijk met een vooringenomen visie erbij tegen Komrij als vermeende moslimhater.’

Die ‘vooringenomen visie’ schoot El Hamidi in het verkeerde keelgat, alsof ik hém die visie verwijt: ‘Ik was drie jaar oud toen de gewraakte column verscheen, waardoor Pos uitgaat van een “vooringenomen visie”. Alsof ik als historicus nooit heb gehoord van standplaatsgebondenheid.’

Context, meneer

De ene noch de andere ‘alsof’ bedoelde ik. Het is volkomen duidelijk dat Lotfi El Hamidi zich van zijn standplaatsgebondenheid bewust is, met zijn subjectiviteit en persoonlijke context en al. Jammer is alleen dat hij als historicus in Stakkers en wolven opvallend weinig interesse toont voor de historische context, niet alleen van Komrijs column, maar ook van de ontwikkeling van het antimoslimdiscours in Nederland. Na de ophef over Mohamed Rasoels De ondergang van Nederland – vermeende auteur veroordeeld, boek uit de handel – was het antimoslimdiscours in Nederland tot 9/11 vrijwel inexistent – alleen Wilders, toen nog VVD’er, riep vanaf 1999 af en toe iets over radicaal moslimgevaar. Kort na 9/11 begonnen Fortuyn en Wilders zich als moslimcritici te manifesteren en de bloedige reeks jihadistische aanslagen in West-Europa vanaf 11 maart (Madrid) en 2 november 2004 (moord op Theo van Gogh) tot nu heeft het antimoslimpopulisme gaandeweg steeds verder versterkt. Daar had Gerrit Komrij bij mijn weten niets mee te maken. Ook voor hun antimoslimretoriek hadden de steeds extremer rechtse populisten diens voorbeeld niet nodig. Die hadden daarvoor een veel giftigere literatuurlijst, met als verplicht nummer – daar is ie weer – De ondergang van Nederland, waar Komrij ondanks Van Dijks schrijverij ook al niets mee te maken had. Ik wil nog wel geloven dat Komrij’s polemische stijl enige invloed kan hebben gehad op Martin Bosma en enkele GeenStijl-auteurs, maar die lijken me toch echt zelf verantwoordelijk voor hun standpunten.

Dus: El Hamidi’s toelichting op zijn keuze voor Komrij als kop van jut overtuigt mij helemaal niet. En evenmin overtuigt hij door nu te zeggen dat Komrij ‘in 1989 lang niet de enige schrijver [was] die zich liet gaan’. Hij noemt en citeert Jan Blokker en Rinus Ferdinandusse, en er waren er inderdaad meer. Toch een beetje context. Maar deze verdunnende en verzachtende (?) omstandigheid ontbreekt in Stakkers en wolven, waarin Komrij als enige wordt genoemd en geciteerd, terwijl onvermeld blijft dat hij een enkele stem was uit een breed aantal journalisten en commentatoren in kranten en weekbladen en op radio en tv die verontwaardigd reageerden op de anti-Rushdie-demonstraties. En daar was alle reden toe. Historische context, meneer. Khomeini’s fatwa had gevolgen. De Nederlandse vertaalster van The Satanic Verses kreeg in 1989 politiebescherming, de Japanse vertaalster werd in 1991 vermoord, er werden mislukte aanslagen gepleegd op Rushdie, die moest onderduiken, en op de Italiaanse en Noorse uitgever. In augustus 2022 bracht Hadi Matar Salman Rushdie alsnog vijftien messteken toe, die de auteur ternauwernood overleefde.

Terugmeppen

Maar misschien is de standplaatsgebondenheid van El Hamidi de verklaring voor zijn subjectieve kijk op de kwestie. Diens standplaats, verduidelijkt hij aan het eind van zijn reactie, is die van veelgeplaagde moslim die eindelijk eens terugmept en van wie ik geen nuance moet verwachten ‘over een man die van zijn polemische scheldlyriek een handelsmerk maakte.’ Toe maar! Exit de historicus en enter de mepper, gestoken in een Multatuliaans jasje, onder het motto ‘De mohammedaan wordt mishandeld!’. Ik, Lotfi El Hamidi, ‘die veel gedragen heb’, neem de pen op: ‘Hier is dan zo’n moslim die een pen kan vasthouden en zowaar regels aan elkaar kan rijgen, zich engageert en bewust is van de vaderlandse en literaire traditie. In mijn volwassenwording heb ik tot in den treure moeten aanhoren dat moslims maar moeten leren “incasseren”. Nu is het mijn beurt om uit te delen.’

Ja, Komrij’s reputatie kan wel tegen een stootje, maar dat is het punt niet. Dat is dat El Hamidi vanuit het heden met een antiracistisch zoeklicht de benauw(en)de tunnel van de antimoslimretoriek induikt en Komrij – courtesy of Teun A. van Dijk? – triomfantelijk maar zeer onterecht als beginpunt en inspiratiebron bovenhaalt.

Gerrit Komrij had ook wat met Multatuli. In zijn reactie op de kritiek van K.L. Poll op zijn Rushdie-column schreef hij: ‘Ik heb vaak, misschien meer dan mijn lezers lief is, geschreven over racisme en tolerantie in Nederland. Ik zou willen dat ik, als ik zo in één terloopse, lamentabele alinea van Poll voor een verwerpelijk demagoog wordt uitgemaakt, kon doen als Multatuli die in Idee drieduizend-zoveel uitriep: Zie ook mijn Idee 188! Ik verwijs de lezer naar wat ik hierover onder Idee 1215 heb gezegd!’ Dat was inderdaad handig geweest, maar bij ontstentenis van zo’n verwijssysteem ben ik zeer bereid Lotfi El Hamidi wat beter wegwijs te maken in Komrij’s ‘polemische scheldlyriek’ (© 2024 Sjoerd de Jong over W.F. Hermans) betreffende moslims, racisme en tolerantie.

Misschien moeten we elkaar eens persoonlijk spreken of in een debat over het verschil tussen polemiek en politiek en over de technieken en grenzen van het eerste genre. Een interessante leerlijn daarover staat hier en een Polemiekdebat is in voorbereiding. Ook ik juich elk voortschrijdend inzicht toe.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 20e eeuw, 21e eeuw, Gerrit Komrij, letterkunde, Lotfi El Hamidi, polemiek

Lees Interacties

Reacties

  1. Taaldokter zegt

    31 maart 2026 om 21:21

    Ik zie uit naar live-debat.

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Joost Zwagerman • Om te worden

Ik moet mijn kleding verstellen, mijn haar
eens grondig wassen. En dan nog is het niet
mooi en schoon genoeg aan mij om alle angst
te herleiden tot versperringen die pijn doen

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

een ein-de is er aan
aan een ei?
ook aan u en mij? [lees meer]

Bron: Barbarber, november 1963

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

4 april 2026: Finissage-lezingen over Jan Walravens

4 april 2026: Finissage-lezingen over Jan Walravens

31 maart 2026

➔ Lees meer
16 april 2026: Oratie Catherine van Beuningen

16 april 2026: Oratie Catherine van Beuningen

29 maart 2026

➔ Lees meer
18 april 2026: Symposium Stille Steunpilaren

18 april 2026: Symposium Stille Steunpilaren

28 maart 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

Geen neerlandici geboren of gestorven

➔ Neerlandicikalender

Media

SteedsDink met LitNet Akademies: Marni Bonthuys oor haar akademiese navorsing

SteedsDink met LitNet Akademies: Marni Bonthuys oor haar akademiese navorsing

30 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Arrival of The Strangers

Arrival of The Strangers

30 maart 2026 Door Christopher Joby 1 Reactie

➔ Lees meer
In gesprek met auteur/vertaler Manik Sarkar

In gesprek met auteur/vertaler Manik Sarkar

30 maart 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d