• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Gulliver met driehonderd: zwaartekracht

18 april 2026 door Robbert-Jan Henkes 5 Reacties

Tot nu toe is het verhaal, en ik wil de nadruk daarop leggen, zeer levensecht. De bijzonderheden die Gulliver vertelt zijn bijzonderheden die iedereen zou vertellen die in Lillipit of Brobdingnag terecht zou zijn gekomen. Noch is het verwonderlijk dat Gulliver altijd aan het koninklijk hof eindigt: hij is een grote en kostbare bezienswaardigheid, een curiosum voor in het rariteitenkabinet van de betreffende volkeren, al heb je daar in Lilliput (en Blefuscu) wel een heel groot kabinet voor nodig. Ik wil maar zeggen: ik heb als lezer het relaas van L. Gulliver geen moment niet geloofd. Ik heb geen moment gedacht: nee, dat kan niet, dat moet verzonnen zijn. Tot hier. Tot het laatste hoofdstuk van het tweede boek, als zijn houten kamer door een roofgierige arend wordt opgetild aan de ring op het dak en door de lucht over zee wordt weggewiekt. De arend wordt aangevallen door soortgenoten – is het vermoeden van Gulliver, een vermoeden dat later min of meer bevestigd wordt door de matrozen die Gullivers kist bergen en die een aantal grote vogels hoog door de lucht zien wegwieken, maar niet zien dat ze gigantisch groot moeten zijn geweest, wat ook weer een realistisch detail is, want dat is moeilijk in één oogopslag te zien als ze zo hoog in de lucht vliegen – en hij laat Gullivers kist los, die door de werking van de zwaartekracht (Newton, 1687) eenparig versneld naar beneden keilt, het zeeoppervlak tegemoet. Gulliver vertelt het incident als volgt:

In a little time, I observed the Noise and flutter of Wings to encrease very fast ; and my Box was tossed up and down like a Sign-post in a windy Day. I heard several Bangs or Buffets, as I thought, given to the Eagle (for such I am certain it must have been that held the Ring of my Box in his Beak) and then all on a sudden felt myself falling perpendicularly down for above a Minute ; but with such incredible Swiftness that I almost lost my Breath.

Het gaat mij om dat laatste stukje: hij valt zo snel, dat hem zowat de adem wordt afgesneden, zegt Gulliver, maar dat is moeilijk voorstelbaar: dat gebeurt alleen maar als je zou vallen zonder behuizing om je heen, want de lucht in de kist valt net zo snel, vergelijk een vliegtuig of een trein. Nu was het vervoer in Gullivers dagen trager dan dat van nu, en Newton had de zwaartekracht ook pas een jaar of dertig eerder uitgevonden, dus Gullivers vergissing is begrijpelijk, maar toch had ik hier voor het eerst het idee dat hij het hele verhaal uit zijn duim zuigt. Hier heeft hij zich een verkeerde voorstelling van de natuurlijke processen gemaakt. De enige manier om Gulliver het voordeel van de twijfel te gunnen is de frase figuurlijk op te vatten: hij valt zo snel dat hij van schrik niet meer kan ademen. Dan zit je met iets als dat het mij de adem benam wel goed, want dat kan zowel figuurlijk als letterlijk worden opgevat. Ik wil heel graag de werkelijkheidsillusie in stand houden!

De eerdere vertalers hebben de zin zo vertaald:

1727: Kort daar na hoorde ik ’t gedruysch en ’t flodderen van de wieken zeer schielyk toenemen, en myn kasje wierd op en neegeslingert, gelyk als een uithangbord wanneer het zeer hard waaid. Zo als ik meende, hoorde ik verscheide dreeven en slagen geven aan mynen arend (want zekerlyk moet het zulken dier geweest zyn, dat den ring van myn kooy in zyn bek had), en daar viel ik plotselyk recht neerwaards, meer dan een minnut des tyds, doch met zulken ongelofelyken gezwindheid, dat ik byna ten eenenmaal buyten myn adem was.

Ik zou graag een integrale heruitgave van deze vertaling zien: hij is geweldig. En dan niet hertaald svp, hoogstens zetfouten verbeterd, zoals het minnut, waar kennelijk een verkeerde loden letter in de zetregel is geraakt, omdat de zetter alles in spiegelbeeld moet lezen, en de u een n op zijn kop is.

1792: Kort hierop bemerkte ik dat het geruisch en geklapper der vleugelen veel sterk werd, als het voorheen geweest was, terwyl myn kasje heen en weder slingerde, even als een wimpel door een stormwind gedaan werd : en ik hoorde zee dikwyls op den Adelaar poffen, welke myn kasje in zyn bek hield, (want een Adelaar was het zeker) en te gelyk voelde ik, dat ik lynrecht nederstortte, en wel met zulk een snelheid, dat ik byna myn adem verloor.

Deze vertaling is wat slordiger, maar ook nog steeds goed te genieten.

1862: Het duurde niet lang of ik bemerkte dat het leven en het geklapwiek sterk toenam, en mijn doos werd nu heen en weer geslingerd, als een uithangbord op een winderigen dag. Ik hoorde dat de arend (want het dier dat den ring der doos in zijn bek hield kan niets anders geweest zijn) verscheidene stompen en stooten kreeg, en voelde mij toen eensklaps loodrecht naar beneden vallen, meer dan een minuut achtereen, en zoo ongeloofelijk snel, dat ik haast mijn adem verloor.

Deze vertaling is al bijna hedendaags Nederlands en is bovendien vaak uitstekend van woordkeus. Op verkeerd begrip van het Engels is 1862 zelden te betrappen.

1940: Na eenige tijd werd ik gewaar, dat het wiekend vleugelgeklap in snelheid toenam en dat mijn kist heen en weer slingerede als een uithangbord in winderig weer. Ik hoorde ettelijke doffe en beukende slagen boven mij, alsof de arend – want, dat het een arend was, daar was ik wel zeker van – in gevecht was. En toen voelde ik plotseling, dat ik werd losgelaten en ik meer dan een minuut met zulk een duizelingwekkende snelheid naar beneden viel, dat mijn adem werd afgesneden.

 Mooi is het wiekend vleugelgeklap, en ook de doffe en beukende slagen. Ook dat Gulliver er wel zeker van was, klopt. Maar dan heb je toch die fysisch onwaarschijnlijke afgesneden adem.

1974: Na een korte poos merkte ik, dat het gedruis en geklapwiek zeer sterk toenam, en mijn doos werd heen en weer geslingerd als een uithangbord op een winderige dag. Ik hoorde, dat de arend (want ik ben er wel zeker van dat het een arend moet zijn geweest die de ring van mijn doos in zijn bek hield) verscheiden klappen of stompen kreeg, en toen voelde ik mij eensklaps loodrecht naar beneden vallen, wel langer dan een minuut, en met zulk een ongelofelijke snelheid dat ik er helemaal van buiten adem was.

   Deze vertaler lijkt zich niets voor te stellen bij de scènes of bij de woorden die hij gebruikt: merkte is raar; moet zijn geweest is dubbelop als je ben er wel zeker van gebruikt, waardoor de zin onaangenaam woordrijk wordt; van buiten adem was ten slotte is helemaal bevreemdend: loopt hij hard of zo?

1979: Korte tijd later hoorde ik het geluid en geflap van de vleugels toenemen en mijn doos werd heen en weer geslingerd als een uithangbord op een winderige dag. Ik meende te horen hoe er verschillende klappen of stompen werden uitgedeeld aan de arend (want ik ben er wel zeker van dat het een arend geweest moet zijn die de ring van mijn doos in zijn snavel hield) en voelde toen plotseling hoe ik loodrecht naar beneden viel, langer dan een minuut, maar zo ongelofelijk snel dat mijn adem bijna stokte.

De vertaling lijkt soms te zijn overgenomen, in aangepaste vorm, van 1974, maar ik kan me vergissen. Is mijn adem bijna stokte, of mijn adem stokte te gebruiken? Een stokkende adem gebruik je doorgaans als je ergens heel erg ergens van schrikt, en dat zit er hier wel in. Maar kun je langer dan een minuut schrikken? Er blijft iets wringen.

2004: Even later hoorde ik het lawaai en geklapper van vleugels heel snel toenemen en werd mijn kist als een uithangbord op een winderige dag op en neer gesmeten. Ik hoorde dat de adelaar verschillende klappen of stoten kreeg (want ik wist zeker dat het een adelaar was die de ring van de kist in zijn snavel hield) en voelde dat ik opeens langer dan een minuut loodrecht omlaag viel, maar met zo’n ongelofelijke snelheid dat me bijna de adem werd benomen.

Een heel bleke, machine-achtige, rammelende vertaling (mijn exemplaar ziet zwart van de potloodstrepen), maar dat benemen van de adem – o wonder – is bruikbaar! Ik hou het voorlopig op dit:

En zo kan ik vrijwel iedere regel in deze aanfluiting van commentaar voorzien. Mijn exemplaar ziet zwart van de potloodaantekeningen. Een leerzaam lesje in hoe het niet moet.

En gij anders? En gij dan? Ik hou het voorlopig op dit:

2026: Korte tijd later hoorde ik het geruis en het klapwieken zeer in snelheid toenemen, en mijn kist werd op en neer geslingerd als een uithangbord op een winderige dag. Ik hoorde verschillende stompen of stoten worden uitgedeeld aan de arend (want dat moet het wel geweest zijn met de ring van mijn kist in zijn snavel) en toen voelde ik mij plotseling loodrecht naar beneden vallen, langer dan een minuut, maar met zo’n enorme snelheid dat het mij bijna de adem benam.

Met mij de adem benam kun je het ook opvatten als een natuurlijke paniekreactie; met mij de adem afsneed, wat waarschijnlijk Gullivers idee was, kun je het alleen natuurkundig foutief begrijpen. En dan stort de illusie in elkaar.

Hoewel, ik kan dat wel zo zeggen, dat ik hier pas dacht dat Gulliver het misschien allemaal uit zijn duim had gezogen, maar eerder al ontstak er ook al een vonkje twijfel, toen Gulliver beweerde dat bij de Brobdingnaggers of Brobdingnagianen (ik ben er nog niet uit) de woensdag hun Sabbath was. Gulliver – flitste het door mijn achterhoofd – moet de Europse tijdrekening daar op zijn reizen goed bijhouden, als hij weet altijd weet welke dag van de Europese week het is. Zo’n beetje als gevangenen de dagen bijhouden door dagelijks een kerf in de muur te maken. Want anders is het vrij onwaarschijnlijk dat Gulliver kan uitrekenen dat de vrije dag in Brobdingnag, zeg maar hun zondag, op een Europese woensdag valt. Eveneens onwaarschijnlijk is het eigenlijk ook, maar minder opvallend, dat dit reuzenvolk het natuurlijke tijdverloop precies op dezelfde, au fond toevallige en historisch gegroeide Europese leest schoeit – al schijnt in het Japans zondag ook zon-dag te zijn (nichiyoubi) en maandag maan-dag (getsuyoubi); dinsdag heet dan weer vuur-dag (kayoubi), woensdag water-dag (suiyoubi), donderdag hout-dag (mokuyoubi), vrijdag metaal-dag (kinyoubi) en zaterdag aarde-dag (doyoubi). (Zulke dingen moet je weten als vertaler.)

Dus dat was een momentje dat mijn hersenen ook moesten proberen Gulliver te volgen, wat ze deden door aan te nemen dat hij inderdaad in Brobdingnag heel goed bijhield wat voor dag het op dat moment in Engeland was, en dat ze op dat eiland inderdaad in zevendaagse weken rekenden. Oeff, illusie gered.

1727: anoniem [Dr. Cornelis van Blankesteijn]; 1792: anoniem; 1862: J.W.N. Mosselmans; 1940: G. Blom; 1974: Mr. S[em] Davids; 1979: Arjaan van Nimwegen; 2004: Paul Syrier. Zie ook blog 565 en 566 voor een inleiding op deze serie vertaalproblemen. Illustratie: Lemuel Gulliver in zijn bibliotheek, voor de wand met schilderijen van zijn lotgevallen. Dit stuk verscheen eerder op VandaagsVertaalProblemen.
Een doorlopend bijgewerkt register op alle VandaagsVertaalProblemen staat in blog 345.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Jonathan Swift, vertalen

Lees Interacties

Reacties

  1. Robert Walter Joseph Kruzdlo zegt

    18 april 2026 om 10:15

    Je schreef: (…) omdat de zetter alles in spiegelbeeld moet lezen, en de u een n op zijn kop is. Was dat toe zo? Ik ben, in een drukkerij in de Warmoesstraat te A* een tijdje zetter geweest. Daar ging het van links naar rechts.

    Beantwoorden
    • Robbert-Jan Henkes zegt

      18 april 2026 om 10:26

      A ja, spiegelbeeld natuurlijk! Hangt er ook van af waar je staat, in elk geval is een letterverwisseling snel gemaakt. (Ik zou inmiddels “minnut” gewoon laten staan in een heruitgave: voor de sfeer.)(Maar goed, wie gaat dat doen, heruitgeven.)

      Beantwoorden
      • Robbert-Jan Henkes zegt

        18 april 2026 om 10:36

        (de loden letters komen ook wel eens in de verkeerde bakjes terecht, b’s bij d’s en u’s bij n’en, dat is denk ik de oorzaak)

        Beantwoorden
        • Robert Walter Joseph Kruzdlo zegt

          18 april 2026 om 14:31

          Nadat ik een proefdruk met de hand had gemaakt, ging de gedrukte tekst naar de corrector. Geduldig las hij het en als hij een zucht liet horen, wist ik het al: je hebt een verkeerde kwadraatje gebruikt. Of iets anders dat de tussenruimte tussen letters niet correct was, onderkast omgedraaid. Één letter verkeerd geplaatst dan mocht je de Heidelberg drukmachine van iemand anders schoonmaken. (Degelpers)

          Beantwoorden
  2. Irma Pieper zegt

    18 april 2026 om 14:03

    Misschien heeft de auteur er niets mee bedoeld maar toch is het jammer dat je Swiftness niet kan meenemen naar het Nederlands.

    Beantwoorden

Laat een reactie achter bij Robbert-Jan HenkesReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Hans Vlek • Geranium

Geranium, prachtige bloem
die niet mooi is, wijn
van de kruidenier, kip
tussen de vogels, sieraad
van alles wat arm en goedkoop is.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

De reiziger reist heen en weer
van Amsterdam naar Wormerveer
en ook wel eens naar Krommenie
naar Beetsterzwaag en Middellie.

Bron: Jopie Breemer

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

16 mei 2026: Hommage In de Knipscheer

16 mei 2026: Hommage In de Knipscheer

22 april 2026

➔ Lees meer
15-16 October 2026: LiME Conference on Language Variation (LiCLA 2)

15-16 October 2026: LiME Conference on Language Variation (LiCLA 2)

21 april 2026

➔ Lees meer
13 mei 2026: 50 jaar Het mes in het beeld

13 mei 2026: 50 jaar Het mes in het beeld

21 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1953 Dick Welsink
sterfdag
1868 Lamert te Winkel
➔ Neerlandicikalender

Media

In gesprek met literaire duizendpoot Jonathan Van Der Horst

In gesprek met literaire duizendpoot Jonathan Van Der Horst

22 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
The perks of literature – with Jeroen Dera

The perks of literature – with Jeroen Dera

22 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
In gesprek met auteur Joke van Vliet

In gesprek met auteur Joke van Vliet

20 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d