/ zwaar is de wortel van licht (laotse) Zo doorzichtig enerzijdsmaar ondoordringbaar duister tevensdit beurtelingsen tevergeefsen veelbewogenleven Geen koude kunstgeen waartoe dienende geruchtenverbreken met een slagdit zwijgen Sprak ik reedsover de kracht van water weldoendkopschuw en in onminmet de oorlog? Ook te verwerpen is dit: mijn zaadvoortaan in water … [Lees meer...] overC.B. Vaandrager • zwaar is de wortel van licht
A. van Collem • Als gij mij leest, dan moet gij mededichten
Als gij mij leest, dan moet gij mededichten Als gij mij leest, dan moet gij mededichten,En algeheel in mijn gedicht opgaan,Het moet gelijken op een zelf-verrichten,Alsof niet ik, maar gij het hadt gedaan. Gij zult tevreden zijn, en ziet het aan,En blijdschap zal uw dichtend oog verlichten; —Het is een kleinigheid, een vers te dichten,Al lezende, is het in u … [Lees meer...] overA. van Collem • Als gij mij leest, dan moet gij mededichten
Ed. Hoornik • Afscheid & Illusie
Afscheid Lang blijft zij aan het hek staan wuiven.Dan voelt zij, hoe, met vochte snoet,de herder aan haar rok komt snuiven. Nadagen blinken in de ruiten;de wingerd aan de muur verbloedt;de witte tuinbank staat nog buiten. •• Illusie Niet om er afscheid te nemen,of om mij op reis te begeven,ben ik het station ingegaan,maar om tussen mensen te staandie voor een … [Lees meer...] overEd. Hoornik • Afscheid & Illusie
Jacques Perk • Mijmering
Mijmering Voor ik haar had gezien was dof en koudDe zomersche natuur, zoo warm en licht, -In 't beekgeruisch hoorde ik geen stillen kout,Voor mij was bloem noch star een zoet gedicht; Haar lief te hebben werd mij tot een plicht,Toen ik haar 't eerst en lang had aangeschouwd, -Elke ademtocht was slechts aan haar gericht, -Zij scheen me éen enkel wezen, duizendvoud: Zij … [Lees meer...] overJacques Perk • Mijmering
Jacques Perk • Aan Mathilde
Aan Mathilde Aanbidt de mensch een afgod hem gelijk?'k Aanbad. Gij hebt mij tot u opgeheven,En 't arme hart werd duizend levens rijk:Want, waar ik leven zag, schonk ik mijn leven; En voor uw blik nam engte en tijd de wijk, —Driest moest mijn ziele in de eindeloosheid zweven,En rustig werd ze als 't blauwe hemelrijk,Waarachter duizend starren wentlend streven: De vogel … [Lees meer...] overJacques Perk • Aan Mathilde
Raymond Herreman • De gisanten
De gisanten Zij liggen in de steen verkild,elkaar nabij voor duizend jaar,van hart en mond en hand gestild,maar toch nog eeuwen bij elkaar. Zij hebben naakt elkaar bemind,en zijn in marmer nu gekleed,dat nooit een dij een dij meer vindt,en toch nog voor elkaar gereed. Hoe rijk van vreugd, zij kenden welde snelle brand van hun schoon vuur,maar speelden toch het innig … [Lees meer...] overRaymond Herreman • De gisanten
Alfred Schaffer • Twee gedichten
Alfred Schaffer krijgt vanavond de P.C. Hooft-prijs voor poëzie. Ter gelegenheid hiervan verscheen het lijvige ,zo heb ik u lief. — zijn verzameld werk tot nu toe. Genade en gezag Dit is niet wat je denkt. Het zonlicht prikkelt, stemt totvrolijkheid. Lucht en wolken als bij toverslag. Wetten. Geen benul van deze schaalvergroting, de raadsels, wiede verkeerde route … [Lees meer...] overAlfred Schaffer • Twee gedichten
Jac. van Hattum • Soldaat
Soldaat Ze namen mij toen in hun midden mee;ik wilde niet; verweerde me; riep: nee;ze dwongen me; ze schreeuwden luid: het moet;dan tot de knieën klom het mensenbloed. Na jaren zag ik weer dit vaderland,margrieten-wit; rood van papaver-brand;een nieuw geslacht wees mij zijn opbouwwerk:een beursgebouw, een bank, een christenkerk. Jac. van Hattum … [Lees meer...] overJac. van Hattum • Soldaat
Maxime Garcia Diaz • slijm winter water
Uit Het is warm in de hivemind, de debuutbundel van Maxime Garcia Diaz. slijm winter water(Lichaamssappen, Vol. 1) dit is grenspolitiek ♡ik verschijn in de openbare ruimteen het woord verlaat mijn mond als een rookwolkjeik hul mezelf in nevelgewaden: ziekte, dood, etc. biopower is available in cream, pill, and vaporizer form het tehuis voor orphaned references:ooit … [Lees meer...] overMaxime Garcia Diaz • slijm winter water
Hans van Zijl • Verdrietig liedje voor Carolien
Hans van Zijl, 'pennelikster van het derde plan' (volgens eigen zeggen), en 'een van die vele literaire randfiguren die door de mazen van het net van de officiële literatuurgeschiedschrijving glippen maar die stuk voor stuk een onmisbare schakel vormen in het literaire ecosysteem'. Verdrietig liedje voor Carolien Hij heeft je laatste woorden voorgelezen,de kamer was in … [Lees meer...] overHans van Zijl • Verdrietig liedje voor Carolien
Truus Gerhardt • De hofstede
De hofstede Rechtschapen is 't gelaat van Holland's trotsche hoeve,waar zich het leven van een land in samentrekt;rechtschapen is de strengheid van haar stroevebeslotenheid en rust, beheerscht en overdekt door de gespierde dijk, die haar in de armen kneltmet 't driftig ongeduld van wie naijvrig zijn. -De stugge horren, stuursch ter vensters opgesteldtot een vierdubb'le … [Lees meer...] overTruus Gerhardt • De hofstede
Truus Gerhardt • Ik kan niet zingen sinds je mij verliet
Ik kan niet zingen sinds je mij verliet:in ieder woord voel ik mijn onvermogen.'t Voltooid gedicht blijft kil en onbewogen,'t is als mijn hart: het leeft, het ademt niet. O rijkdom, toen de lichte stift, bevlogen,'t papier bebloesemde met lied op lied!Er scheen geen eind aan het vervoerd vermogen:jij was de wind, ik 't winddoorstroomde riet. De cèllo was ik, jij de … [Lees meer...] overTruus Gerhardt • Ik kan niet zingen sinds je mij verliet
Sonja Prins • Komt er een dag
komt er een dag komt er een daghet is niet moeilijk te voorzieneen wit schip in de haven ligthet water langs de stenen schuurtkomt er een dag dat hij beweegt komt er een dag komt er een dageen grote tent een circustenthet paard met schone benen renteen vrouw naast mij applaudisseertkomt er een dag dat zij mij kent komt er een dag komt er een dagde straten in de buitenwijk … [Lees meer...] overSonja Prins • Komt er een dag
Folgóre da San Gimignano • September
Uit de maandencyclus van Folgóre da San Gimignano, plus het ‘tegensonnet’ van Cenne de la Chitarra, beide vertaald door Frans van Dooren. September En in september zal ik je behagenmet buizerd, havik, sperwer en smerlijn,slechtvalken op de hand en aan de lijn,en brakken die het bange wild opjagen; kruisbogen die de lucht met verre vlagenvan pijlen vullen, en het … [Lees meer...] overFolgóre da San Gimignano • September
Willem Frederik Hermans • Straattoneel & Suzanne
W.F. Hermans 100 Straattoneel Te steil die brug. De voerlui slaan het paardMet ijzren buizen galmend op de rug.De moeder ijlt haar dochter na op straat,Een mes valt als een noodkreet uit een raam.Te steil die brug. Van olie glanst het asfaltEn bloed omspoelt het dode paard dat valt.Het mes staat siddrend in een dorre boom.Er klinken schoten ergens onder mij.Er rijdt een … [Lees meer...] overWillem Frederik Hermans • Straattoneel & Suzanne
Hugo Raes • 3 gedichten
zilverpiraat hij leeft edelmetalenen ademend te ruiterhij vaart en te lijf schuimendzijn bronstige paargetijdenzijn landelijke bladregenzijn canadese populiereno smalle zeestraat engstigdraven over winnende passaatmoesson rifzo een zilver een orgasme zo een kaap •• een oude beschaving eens zal je een fenixvogel wordendie pianola zal heten en vuur vattenmatamorfosen in … [Lees meer...] overHugo Raes • 3 gedichten
Jan Huygen • Op het uurwerk
Niets snelder als de tijd,Die onherhaallijk slijtEn zachtjens hene glijdt Op het uurwerk Elk slagje dat het onrust slaatKnipt iets af van mijn levensdraad:Elk is een stap als na het graf:Zo kort mijn tijdelijk leven af,En spoedt zich na de eeuwigheid.Dies wenst mijn ziel, wanneer zij scheidtVan 't lijf, dat z' eeuwig leven mag,Daar duizend jaar is als een dag;Daar tijd, … [Lees meer...] overJan Huygen • Op het uurwerk
Anoniem • Het nederig hutje
Het nederig hutje Arm en ned'rig is mijn hutje,Maar de rust en eenigheidWoont er in bij elken voetstap,Dit teekent ons tevredenheid,Laat de liefde bij ons wonen,Die ons niet den bloemen biedt,Noodlot! ik benij zelfs vorstenOok hun kroon en glorie niet. Als mijn wijfje aan mijn harteVrolijk als een Engel rust,En zich wiegend in mijn armenNu eens schertst, dan streelt en … [Lees meer...] overAnoniem • Het nederig hutje
Marcel Coole • Graffiti
Graffiti Zij willen zich affirmeren op de murenen schuttingen van de grote stad,als poogden zij hiermede barst en gatte dichten om te zijn, misschien te duren. Het is niet enkel een droom vol organenvan zware jongens, bijna dreigend alsploertendoders, maar ook de ranke halsvan teedre kindvrouwtjes, verwant met zwanen en wezens van een andere planeet.Het zijn nieuwe … [Lees meer...] overMarcel Coole • Graffiti
Herman Heijermans • Café Riche
Café Riche Lodder, klodder*, klodderkop, met dompig grijze ogen,lodder, klodder, klodderwang; lodderneus, kloddersnor,loddermond, lodder, klodder klodder. Jónge heren, met priemel snor en pruime mondje; zewrijven in hun handjes en hebben ’t haar rechtop gekamd.Hun das is van ’n mooie kleur en ze eten broodje met een vleesje.Juffrouw met een stapelhoed van blauw en … [Lees meer...] overHerman Heijermans • Café Riche
Anoniem • De hovenier
De hovenier Gij die behagen schept in bloemen,Treedt binnen in mijn bloemenhof,Ik heb voor aller wensen stof,En mag op keur van schoonheid roemen;Op deze welbeplante grond,Kan men zijn keur de teugel vieren,Men moet op dit benedenrond,Het levenspad met bloemen sieren. ’k Schenk ’t kruidje-roer-mij-niet de fijnen,Deez’ goude knoopjes aan de vrek,Deez’ blaauwe klokjes aan … [Lees meer...] overAnoniem • De hovenier
J.V. Neylen • Ik maak sardines schoon in juli
En niet bij machte, de debuutbundel van J.V. Neylen, heeft de Poëziedebuutprijs 2021 gekregen. Ik maak sardines schoon in julista in de blauwe gedachte en in mij het weten van een vrouwmet het hoofd naar beneden. Ze lacht, trekt aan zenuwen.Ik doe niet mee, grijns niet zoals zij. Zij weet niets van deze klimrozenvan hun groei naar het blauwe zijn. Ik zeg haar: … [Lees meer...] overJ.V. Neylen • Ik maak sardines schoon in juli
Maurits Mok • Jongens en meisjes
Noorse suite (10)Jongens en meisjes De jongens kwamen op hun motorfietsde schuine banen van de zon omlaagen stonden lachend in hun blinkend leerde tintelende meisjes naar het hart. Door ramen, deuren wapperde het witder uitgelatenheid de avond indie met een late knipperoog van lichttegen de dennemuren stond geleund. Daarna, door geur van houtvuur uitgeleid,dwaalden de … [Lees meer...] overMaurits Mok • Jongens en meisjes
Janus Secundus • Negende kusje
Negende kusje Wil mij niet altijd vochte kusjes schenken,En paar niet steeds uw lach met vleiend fluist'ren,Zink ook niet telkens smachtend nederMet uwe armen omstrengelend mijn hals. Voor 't zoetst genot bestaan ook zeekre grenzen;En wat het meest ons harte kan bekoren,Brengt dan ook droeven afkeer medeZoo to nabij die grenzen zijn bereikt. Zal ik niet meer dan negen … [Lees meer...] overJanus Secundus • Negende kusje
Jacobus Bellamy • Aan Filis
Aan Filis Mijn Fillis, zoo mijn hand wat al te dartel speelt,Moet gij die drift betoomen,Zij zou, daar zij uw hals en zagten boezem streelt,Allengskens verder komen.Nooit heeft de min genoeg; zij dorst altoos naar meer:Heur leven is begeeren.Doch 't al te ruim genot slaat heur verlangen neer,En doet haar vuur verteeren.Maar, wilt gij dat dit vuur bestendig gloei' en … [Lees meer...] overJacobus Bellamy • Aan Filis



















