• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Ieder gedicht een klacht over de onmacht van de taal

23 oktober 2017 door Marc van Oostendorp Reageer

Door Marc van Oostendorp

Als willekeurig wie in 1933 een gedicht had geschreven dat eindigde op de regels ‘O jeugd! O tijd van smarten! / Van vreugd en wilde harten!’, dan waren we dat gedicht inmiddels wel vergeten, vooral als het ook nog eens begonnen was met de regels ‘Waar heb ik toch de kracht gehaald / die zo mijn ziele heeft gestaald’.

Maar het was niet willekeurig wie die deze regels schreef. Het was de beroemde romancier Willem Elsschot.

De Antwerpse uitgever Polis is nu het werk van Elsschot opnieuw aan het uitgeven, en het probleem wat te doen met het dichtwerk van Elsschot – het is niet veel, en critici voelen zich er ongemakkelijk bij, hoewel het één zeer bekend gedicht heeft opgeleverd (Het huwelijk) en nog een handjevol citeerbare regels (‘Jongen, met je wankel hoofd’, ‘Dient het wijf dat moeder heet’, ‘Lamme smeerlap, met je baard, / dor van geest maar dicht behaard’).

De redacteuren Koen Rymenants en Carl de Strycker hebben hier een briljante oplossing voor gevonden. Ze hebben de fine fleur van de Vlaamse en Nederlandse literatuurwetenschap gevraagd om ieder één gedicht te becommentariëren. En zo krijg je een staalkaart van allerlei soorten benaderingen: van Anne Decelle tot Yves T’Sjoen en van Wiel Kusters tot Lut Missinne.

Gesproken, geschreeuwd en gevloekt

Dat levert natuurlijk allerlei verschillen op. Waar bijvoorbeeld de meeste auteurs van deze bundel onderstrepen dat de kwaliteit van de gedichten van Elsschot ver achterblijft bij dat van zijn proza, daar noemt Claes hem een ‘meester’, zijn beeldspraak ‘onvergetelijk’ en zijn toon ‘hartbrekend’. Nu mag hij Het huwelijk bespreken en hij vergelijkt het om de kwaliteit aan te tonen met een drietal pastisches, van Adriaan van Dis, Kees van Kooten en Tom Lanoye. Hij verwijt de imitators dan curieus genoeg dat zij hun metriek veel minder serieus nemen en allerlei grappen stellen tegenover de ‘prangende wrangheid en bijtende zeggingskracht’ van het origineel. (En ik maar denken dat dit de bedoeling was van een bepaald type pastiche.)

Maar het interessante is dat uit die veelheid van commentaren toch een duidelijk beeld naar voren komt. In een bespreking van het allereerste gedicht, De zee, legt Kris Steyaert bijvoorbeeld uit dat dit gedicht gelezen kan worden als een klacht over de onmacht van de taal, en dat thema blijkt in tal van besprekingen steeds terug te komen. In Elsschots gedichten wordt eigenlijk altijd gesproken, geschreeuwd en gevloekt, maar hoewel vrijwel alle gedichten iemand lijken aan te spreken is het onduidelijk of er ooit een boodschap wordt overgebracht en of het ‘lyrisch subject’ (de met ik aangeduide persoon) van veel gedichten niet vooral tegen zichzelf aan het praten is.

Duidelijker

Een verhelderend opstel vond ik ook dat van Gilllis Dorleijn, die erop wijst dat de vorm van Elsschots gedichten – de parlando-stijl in een tijd dat andere dichters nog woordkunstig en verheven formuleerden, het aanspreken van personages – voortvloeit uit het feit dat Elsschot vooral in een Franse literaire traditie stond, waarin rond het fin de siècle al veel meer een vorm van dichten bestond die tussen het literaire en het chanson in stond. Die bijzondere lichte, Franse toon die Elsschot aan zijn Nederlands kon geven, komt ook weer in verschillende andere bijdragen aan de orde.

Door een gezamelijke inspanning van tientallen onderzoekers wordt het werk van Elsschot – en niet alleen dat van de dichter, maar ook dat van de romanschrijver – zo ineens een stuk duidelijker. Wie deze schrijver wil lezen, moet voortaan beginnen bij zijn verzen.

 

Koen Rymenants en Carl de Strycker. Willem Elsschot. Dichter. (Alle verzen verzameld en toegelicht).  Antwerpen: Uitgeverij Polis, 2017. Bestelinformatie bij de uitgever.

Externe inhoud van YouTube

Deze inhoud wordt geladen van YouTube en plaatst mogelijk cookies. Wil je deze inhoud bekijken?

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 20e eeuw, poëzie, Willem Elsschot

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Pim Cornelussen • Uit de maat

’s Nachts drijven we weg in het donker,
vloeit de dag over in de zee van verdwenen jaren.
Aan de oevers van de tijd wachten mensen op ons.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

Hoe vlakker
het bestaan

hoe meer
mountainbikes
er de deur uit gaan

Bron: Levi Weemoedt

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

15 mei 2026: Live opname Historische Klassiekers

15 mei 2026: Live opname Historische Klassiekers

8 april 2026

➔ Lees meer
7 mei 2026: Studieavond ‘Taalonderzoek in de klas’

7 mei 2026: Studieavond ‘Taalonderzoek in de klas’

7 april 2026

➔ Lees meer
18 april 2026: Louis Couperus Genootschapsdag 2026

18 april 2026: Louis Couperus Genootschapsdag 2026

6 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1777 Jeronimo de Vries
1884 Cyriel de Baere
1903 Willem Pée
1906 Karel Jonckheere
1921 Ton Leeman
1929 Steven ten Brinke
1940 Jan Kooij
➔ Neerlandicikalender

Media

De butler, de bieb en De Bruin

De butler, de bieb en De Bruin

8 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Hoe snel verandert straattaal?

Hoe snel verandert straattaal?

7 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

➔ Lees meer
In gesprek met auteur Virginie Platteau

In gesprek met auteur Virginie Platteau

6 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d