• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

’t Dialectenbureau (en ik), afl. 11

8 december 2017 door Jan Stroop Reageer

door Jan Stroop

De verhuizing naar de Keizersgracht bracht een ingrijpende verandering met zich mee in ’t koffiegebeuren. Aan de Hoogstraat was dat nauwelijks een ’gebeuren’ geweest: de koffie werd door de conciërge rondgebracht en geserveerd. In ’t nieuwe gebouw werd koffiedrinken een gezamenlijke aangelegenheid. De tweede hal kreeg de functie van ‘koffieruimte’. Twee keer sochtends  verzamelden de medewerkers van de drie afdelingen zich daar. Ze konden hun koffie ophalen aan een doorgeefluik, dat in ’t verleden dienst gedaan had als loket; bedenk onze nieuwe behuizing  Keizersgracht was een voormalig bankgebouw.

Smiddags was er collectieve thee. Één keer maar.  Daar kwamen altijd maar een paar mensen.

Niet iedereen was blij met deze nieuwe praktijk. Je zat daar telkens een beetje geforceerd bij elkaar. Wie zegt er ’t eerste wat? Al gauw ontstond er een soort onderscheid tussen zwijgzamen en praters. Die laatsten hadden ’t over ’t nieuws van de dag. Vooral ’t kiezen van ’t juiste moment om weer naar je werkplek te gaan was een delicate aangelegenheid. Je had toen nog niet die handige afstopper OK, waarmee je je tegenwoordig ongegeneerd  aan een gezelschap kunt onttrekken of een gesprek kunt afkappen.

En dat lastige moment had je twee keer per dag, want er waren twee  koffiepauzes. De eerste was om half 10 en de tweede al om half 11, als je nog nauwelijks bijgekomen was van de eerste. Maar je kon er natuurlijk een overslaan.

Jo kwam er nooit. Ze nam de koffie liever mee naar d’r kamer. Je kon daar trouwens altijd terecht, ook voor je lief en je leed. Mensen op ’t matje roepen kenden we niet. Wel moest ze soms haar ongenoegen over iets kwijt. Dan werd ze boos, of liever dan zei ze dat ze boos was. Dat had op sommigen geen enkel effect. Ab Spaargaren was zo iemand waar Jo d’r boosheid op af gleed. En ze moest nog wel eens boos zijn op Ab, want die was behoorlijk eigengereid en deed vaak dan dingen die niet tot zijn taak behoorden en die hij van Jo dan ook niet mocht doen. Zoals ’t opbellen van nabestaanden van geïnterviewde personen.

Als Ab uit Jo’s kamer kwam, na ’t zoveelste ‘functioneringsgesprek’, was ie niet bedrukt of timide, maar verbaasd, over Jo. “Ik snap niet wat er met Jo aan de hand is. Ze deed zo vreemd, toen ik nog eens zei dat ik ’t deed om ’t wetenschappelijk personeel te ontlasten van zo’n onbelangrijk werkje. “Ik verbied ’t je”, zei ze en ze roffelde tegelijk met d’r vuisten op  ’t bureau”. Dat laatste was blijkbaar haar ultieme poging om haar betoog tot Ab te laten doordringen, toen woorden alleen geen uitwerking bleken te hebben.

Jo had een Renault 16. Dat was in die tijd, de jaren 70, een luxe auto. Ze kon goed rijden, resoluut ook. Dat bleek ons toen ze mijn vrouw en mij mee uitnam voor een tripje  naar Enkhuizen. Ze had dat voorgesteld omdat ze merkte dat wij onze draai nog niet gevonden hadden in de Randstad. Ze vond dat we wel eens een verzetje mochten hebben. Jo was een sociaal voelend persoon, met belangstelling voor ’t wel en wee van haar medewerkers. En ze handelde daar ook naar.

Op 1 juli 1970 kregen we er een medewerker bij, Jaap de Rooij. Hij zou zich gaan bezighouden met onderzoek van vormleer en zinsbouw van de streektalen. Dat laatste was zijn specialisme, want ook zijn proefschrift, ‘Als, of , dat’ (1965) ligt op dat terrein. Ook Jaap de Rooij had net als Jan Berns en ik in Nijmegen gestudeerd.  “”Ik heb de indruk dat met de komst van De Roode de sfeer op Volkstaal enigszins veranderd is”, zei Bart”, nadat  de vier medewerkers van Volkstaal hem in een uitgelaten stemming met z’n verjaardag waren komen feliciteren (B II, 403), maar of hij daarmee op onze joligheid doelde, blijft onduidelijk.

En elk jaar op oudejaarsdag smiddags kwam de oliebollenboot langs varen om in de kantoren aan de gracht oliebollen te verkopen voor een of ander goed doel. Onze portier kocht er wat van en die charitatieve bollen werden dan door ons voor ’t goede doel geconsumeerd, bij de thee, in de koffieruimte. Met velen waren we dan niet, want de meesten hadden vrij genomen.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Dialectenbureau, dialectologie, geschiedenis dialectologie, geschiedenis van de neerlandistiek, geschiedenis van de taalkunde

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Alfred Kossmann • Feestdag

De kinderen bliezen kartonnen trompetten
(Wie een toeter heeft op een feestdag moet
Aan één stuk toeteren – geen mens kan ’t beletten –
Tot hij gaar in het hoofd wordt en raar ter been)

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

Met een snotneus
kun je geen bier halen

Bron: Joost Broere

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

8 mei 2026: Symposium Onsterfelijke dood

8 mei 2026: Symposium Onsterfelijke dood

26 april 2026

➔ Lees meer
30 april 2026: Kampliteratuur van Charlotte Delbo

30 april 2026: Kampliteratuur van Charlotte Delbo

25 april 2026

➔ Lees meer
16 mei 2026: Hommage In de Knipscheer

16 mei 2026: Hommage In de Knipscheer

22 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1854 Johannes Franck
1946 Ton Vallen
1947 Astrid Roemer
sterfdag
1936 Frederik Stoett
➔ Neerlandicikalender

Media

Sanneke van Hassel en Bert Paasman over Elisabeth Maria Post

Sanneke van Hassel en Bert Paasman over Elisabeth Maria Post

26 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
In gesprek met literaire duizendpoot Jonathan Van Der Horst

In gesprek met literaire duizendpoot Jonathan Van Der Horst

22 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
The perks of literature – with Jeroen Dera

The perks of literature – with Jeroen Dera

22 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d