• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Kunstmatige intelligentie: papegaai of echo?

14 januari 2026 door Marc van Oostendorp 5 Reacties

Narcissus en Echo. Gérard Audran, Benoît Audran (I), Jean Audran, 1650 – 1756. Collectie Rijksmuseum

De komst van zogeheten grotetaalmodellen en chatbots is sinds de introductie van ChatGPT ruim drie jaar geleden natuurlijk een belangrijk onderzoeksonderwerp voor de taal- en literatuurwetenschap. Ineens bestaat er een ding anders dan een levende mens die teksten weet voort te brengen. Wat betekent dat voor ons begrip van taal? En van verhalen? Allerlei discussies over die onderwerpen komen ineens in een ander licht te staan, en wereldwijd zijn er ook allerlei mensen mee bezig, maar binnen de neerlandistiek blijft het vooralsnog belangrijk rustig.

Een van de uitzonderingen is onze Tilburgse collega Siebe Bluijs. Voor het onlangs verschenen Routledge Handbook of AI and Literature heeft hij bijvoorbeeld een intrigerend artikel over de belangrijke vraag wie of wat er eigenlijk aan het woord is in door kunstmatige intelligentie gegenereerde literatuur – en wat de literatuurwetenschap daarover te zeggen heeft.

Stilistische keuzes

Er wordt door sommige critici van grotetaalmodellen vaak wat minachtend gedaan over AI-teksten. Een bekende metafoor is van de Amerikaanse taalkundige Emily Bender, die het heeft over een stochastische papegaai. Een apparaat dat op basis van statistiek wat voor zich uit bazelt en feitelijk niet echt begrijpt wat het zegt. Dat is misschien een nuttige waarschuwing in de politieke en ethische discussie over kunstmatige intelligentie, maar het gaat, schrijft Bluijs, voorbij aan veel inzichten uit de moderne literatuurwetenschap: dat de betekenis van teksten sowieso niet in de eerste plaats door de auteur wordt bepaald, maar door de lezer. Voor de ‘stem’ van de literaire tekst is helemaal geen spreker nodig – je hoeft als lezer de biografie van de schrijver niet te kennen om je tot de tekst die voor je ligt te verhouden. Of die tekst door een papegaai is voortgebracht is dan ook onbelangrijk, net als de vraag of dit bijvoorbeeld met stochastische methoden is gebeurd.

In plaats daarvan stelt hij het beeld van de echo voor – een echo heeft ook geen enkele bedoeling met wat het echoot, maar het echoot wel dingen die op zich betekenis hebben – eerdere discussies, eerder vertelde verhalen – en het kan tot op zekere hoogte tegelijkertijd een eigen stem hebben, bijvoorbeeld omdat het getraind is om bepaalde stilistische en andere keuzes te maken.

Spannende tijden

Wat je ook verder van die chatbots vindt, ze stellen discussies zo wel op scherp, discussies die in het vak eigenlijk nauwelijks gevoerd zijn. Bender vertegenwoordigt bijvoorbeeld een duidelijke, in bepaalde takken van de taalkunde, gebruikelijke kijk op de relatie tussen taal en betekenis, en Bluijs een uit de letterkunde. (Je kunt er ook nog een derde visie naast plaatsen: een waarbij betekenis altijd door twee mensen in gesprek samen gemaakt wordt; maar die vis ie heeft natuurlijk sowieso niet veel te zeggen over werken van letterkunde.) We kunnen de komst van chatbots nu zien als een grootschalig experiment over wie er gelijk heeft. Als Bluijs gelijk heeft, is er een toekomst voor AI-literatuur, zolang de lezers goed genoeg zijn, maar dat geldt niet voor Bender.

Mijn eigen gevoel is dat zal blijken dat mensen weinig zin zullen hebben om stemmen te interpreteren als er geen daadwerkelijk mens achter zit. Dat weinigen hun leven zullen willen wijden aan het interpreteren aan de vele echo’s die op zullen klinken. Maar bewijzen kan ik dat nu nog niet, dat kan misschien pas over twintig jaar. We gaan spannende tijden tegemoet!

Delen:

  • Klik om af te drukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • Klik om dit te e-mailen naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Klik om te delen op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Klik om te delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Klik om te delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Klik om op LinkedIn te delen (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: chatbots, kunstmatige intelligentie, letterkunde, taalkunde

Lees Interacties

Reacties

  1. Joost van den Buijs zegt

    14 januari 2026 om 10:06

    “Als Bluijs gelijk heeft, is er een toekomst voor AI-literatuur, zolang de lezers goed genoeg zijn, maar dat geldt niet voor Bluijs”. Dat is een tegenspraak 🙂 . Eén van de twee moet waarschijnlijk Bender zijn…

    Beantwoorden
  2. Robert Kruzdlo zegt

    14 januari 2026 om 10:32

    We gaan spannende tijden tegemoet!, dat is zeker. Metabletisch kunnen we veel leren van de verandering mens-machine. Het gehoor van de mens is en blijf vele malen beter dan die van een machine. Biologisch zal die ook ontwikkelen en verfijnen.

    Beantwoorden
  3. Peter Motte zegt

    14 januari 2026 om 12:38

    “Een apparaat dat op basis van statistiek wat voor zich uit bazelt en feitelijk niet echt begrijpt wat het zegt. Dat is misschien een nuttige waarschuwing in de politieke en ethische discussie over kunstmatige intelligentie, maar het gaat, schrijft Bluijs, voorbij aan veel inzichten uit de moderne literatuurwetenschap: dat de betekenis van teksten sowieso niet in de eerste plaats door de auteur wordt bepaald, maar door de lezer. ”
    ->
    Dat kan wel waar zijn als je de tekst vanuit een bepaald standpunt bekijkt, maar het gaat volgens mij toch volledig voorbij aan het feit dat die onbegrepen tekst hoe dan ook door een auteur met een bepaalde bedoeling is opgesteld.
    Dat inzicht uit de literatuurwetenschap wordt hier veel te eng geïnterpreteerd. Het is het zoveelste inzicht dat bij het doorgeven vervalt tot een slogan, waar je dan mee kunt doen wat je wilt. En waar sommigen dan ook graag hun propagandamachine ondersteund door miljoenen euro’s op los laten, om het ons te laten zien zoals zij willen dat we het zien. Zoals bv. dat lerende AI “hetzelfde doet als mensen die teksten lezen en daardoor leren schrijven.”
    Nope. Dat is niét hetzelfde. Om te beginnen ken ik niet eens mensen die duizenden boeken hebben moeten lezen voor ze er eindelijk een konden schrijven. Sterker nog: er zijn mensen die boeken schrijven zonder er veel te hebben gelezen. En dat is omdat een mens nu net géén machine is.
    Maar het idee dat mensen leren schrijven door te lezen wordt door AI-propaganda versimpelt om hun eigen plagiaat goed te praten. En als je honderden miljarden in AI stopt (tegenwoordig schijnt het al meer dan een biljard te zijn), dan heb je natuurlijk wel een investering te verdedigen, maar ook het geld om ons denken erover aan te passen.
    En doen ze dat?
    Ja, ze doen dat.
    Net zoals ze mensen hebben doen vergeten wat de oorspronkelijke betekenis van “delen” en “to share” was: iets weggeven aan iemand anders, waardoor je het zelf niet meer hebt. Dat is er ook de verdienste van. Maar Facebook en C° hebben de betekenis veranderd in “meedelen”, “communiceren”, waarbij nota bene vaak een kopie van iets wordt gemaakt (legaal? die vraag horen we niet te stellen), waarbij wie “deelt” niets verliest. Dat is geen delen meer, maar krijg dat meer eens aan het verstand van het huidige publiek. Ik moet er altijd woordenboeken van voor 2000 bijhalen om te bewijzen dat de IT-industrie de betekenis van die woorden heeft veranderd.
    En hetzelfde is IT nu aan het doen met de betekenis van het woord “creativiteit”: ze veranderen het van “originele ideeën krijgen en uitwerken” in “bestaande zaken opnieuw mengen”. En dan wordt elke hutspot een creatieve verwezenlijking.

    Beantwoorden
    • Peter Motte zegt

      17 januari 2026 om 10:36

      Maar ja, luistert er eigenlijk wel iemand als ik dat zeg?

      Beantwoorden
  4. Wiljan zegt

    16 januari 2026 om 11:38

    Goed stuk weer, Marc. Dit soort informatie zou ook richting informateur moeten gaan (in eenvoudiger en daadkrachtiger termen).

    Beantwoorden

Laat een reactie achter bij Peter MotteReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Sara Mychkine • Mijn moeder droomde niet

De tranen van mijn moeder zou iedereen moeten huilen, dushi,
de tranen van de wanhoop, de hikkende revolte die werd
verzwegen.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

EIKJE

De kou heeft hem verschroeid, maar hij,
ontplooid, bleef aan de zomer trouw,
open en strak,

een eikje dat zijn blad behield,
bruin en verdord, maar eetbaar bruin
en leefbaar dor.

Bron: Het Zinrijk, 1971

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

7 maart 2026: Themadag Standaardnederlands

7 maart 2026: Themadag Standaardnederlands

1 februari 2026

➔ Lees meer
11 maart 2026: ‘Tussen oorlog en cultuur. Ede, 1600-1800’ 

11 maart 2026: ‘Tussen oorlog en cultuur. Ede, 1600-1800’ 

31 januari 2026

➔ Lees meer
23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

23 febrewaris 2026: Nordfriesland in Kiel III: Wissenschaftliche Perspektiven auf eine vielfältige Region

31 januari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1929 Rudy Cornets de Groot
➔ Neerlandicikalender

Media

Feitenvrij: wat is de macht van de pen?

Feitenvrij: wat is de macht van de pen?

2 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Waar komen spreekwoorden vandaan?

Waar komen spreekwoorden vandaan?

1 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Maud Vanhauwaert en Nina Geerdink over Johanna Hobius

Maud Vanhauwaert en Nina Geerdink over Johanna Hobius

31 januari 2026 Door Fleur Speet Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d