
Misschien kun je Elisabeth Maria Post (1755-1815) wel een stoïcijn noemen. Alle kenners zullen nu luid roepen dat dit volslagen onzin is – dit is tenslotte een auteur uit de Verlichting, uit de periode waarin de meeste tranen vergoten zijn uit de hele literatuurgeschiedenis. Het was emotie troef, op het larmoyante af worden de intense gevoelens prijsgegeven. Sentimentalisme noemen we dat, precies het tegenovergestelde van stoïcisme. Maar geef me even.
Elisabeth Maria Post leidde een gefnuikt leven, al kwam er grootse literatuur uit voort. Ze woonde in de omgeving van Epe en wilde het liefst in de natuur rondstruinen, ‘s nachts over de Veluwse hei wandelen was het summum. Ze eiste de nacht op in de achttiende eeuw. Volgens Post-kenner en emeritus hoogleraar Bert Paasman – die u volgende week kunt horen in de podcast – dééd ze dat ook: ze liep daar. Ze wilde vrij zijn, in alle opzichten. Maar toen ze trouwde, veranderde haar bestaan. Ze werd net als Betje Wolff een domineesvrouw en diende zich daarom te beheersen. Niks niet in de natuur rondbanjeren in het holst van de nacht. Maar doordat ze zich continue zo moest inhouden en afremmen – ze had ook een afkeer van melancholie en onoprecht voelen – werd ze ziek. Ze kreeg letterlijk astma: ze had geen adem meer. Ze stierf aan haar huwelijk, aan de knellende banden, zo suggereert Bert Paasman in de podcast. Hoe dat precies zat, hoort u in de aflevering.
Ik denk dat het daarom is dat ik in haar toon een vorm van gelatenheid bespeur: “Het is nu eenmaal zo, ik verdraag het leven maar.” En: “Ik verdraag de dood”. Hoofdpersoon Emilia uit Posts brievenroman Het land, in brieven (1788) is niet bang voor de dood. Sterker, ze weet al precies waar ze begraven wil worden en hoe. Middenin het bos, met mos op de bult aarde waar ze dan onder ligt. (En laat Post nou precies op zo’n manier begraven zijn op Landgoed Tongeren!)

Wikipedia leert me dit:
De kerngedachte van de Stoa is dat ware vervulling (eudaimonia) wordt bereikt door in overeenstemming met de natuur te leven, wat neerkomt op het leiden van een deugdzaam leven.
De hoofdpersoon van Post scoort op twee punten. Check 1: in overeenstemming met de natuur leven – ze verwondert zich over elk bloempje dat opkomt, ziet daar de voortreffelijke, goddelijke hand in (geheel in lijn met de natuurlijke theologie die zo populair was die dagen) en past haar ritme en leven aan naar gelang de lengte van de dagen of de kou van het seizoen. Letterlijk leeft ze in overeenstemming met de natuur. Check 2: streven naar een deugdzaam leven – dat is haar ingegoten, zij het vanuit de ethiek van het christendom en niet vanuit de natuurfilosofie van de stoïci. De christelijke deugd hield menslievendheid in en mededogen voor mens (de eenvoudige boer) en natuur.
Het werk van Post vormt volgens mij een interessant snijpunt, waar stoïcisme, natuurlijke theologie en sentimentalisme samenkomen.
Maar ik zal u niet langer vermoeien met uitweidingen: centraal staan de hertalingen die Sanneke van Hassel van het werk van Elisabeth Maria Post heeft gemaakt. Zij vatte de hele roman van Elisabeth Maria Post, oorspronkelijk 336 pagina’s, samen in tien pagina’s prachtig proza, hier te lezen.
Het boek zit ingenieus in elkaar: het is een brievenboek van twee vriendinnen. De een woont in de stad, de ander op het platteland. Het is winter en alles draait om hun ontmoeting in de zomer, wanneer Eufrozyne naar het platteland zal komen, waar Emilia haar eigen huis heeft, met tuin en een hondje. Hier spelen wat verhaallijnen doorheen, waardoor uiteindelijk een derde brievenschrijver ten tonele wordt gevoerd. En dan, net als in de natuur, groeit er weer iets, een nieuwe vriendschap gloort. Er is ongelooflijk veel over Het land, in brieven te zeggen, die in mijn studententijd, toen ik het boek las in de editie van Bert Paasman, enorme indruk op me maakte. Hier op de DBNL kunt u de hele roman downloaden. Of u leest deze mini-roman gemaakt door Sanneke van Hassel.

Daarbij – omdat Van Hassel het niet kon laten – hertaalde zij nog twee fragmenten uit een andere roman van Post: Reinhart, of natuur en godsdienst (1791). Ook een brievenboek, nu van twee mannen die elkaar schrijven, vanuit Nederland en Guyana (Zuid-Amerika). De man in Guyana – rein van hart – keurde de slavernij altijd af toen hij nog in Europa woonde, maar nu hij zelf een plantage heeft met slaven, draait hij zijn zienswijzen bij. Hij praat het goed. Post bekritiseert daarmee de christelijke moraal, zonder een oordeel te geven over haar hoofdpersoon.
Het was ook nog mooi geweest om een vrij vers te hebben kunnen hertalen (zoals hier op Neerlandistiek), maar die Reinhart-fragmenten zijn al bonusmateriaal. Post was een van de eersten die een niet-rijmend vers schreef en die daarmee het vaste stramien van het gedicht op de schroothoop gooide. Hoe heerlijk eigenwijs.
Want: laat u geen loer draaien. Dit werk lijkt braaf, zoet, deugdelijk. Maar er woedt een veenbrand onder.
Hier vindt u de hertalingen en bewerkingen van Elisabeth Maria Post door Sanneke van Hassel.
Volgende week vrijdag, 24 april, vindt u de podcast over Elisabeth Maria Post, met Sanneke van Hassel en Bert Paasman, in uw favoriete podcast-app.
Laat ons vooral weten wat u ervan vindt! Een duimpje maakt de podcast voor anderen zichtbaarder, zodat de vrouwen uit Historische Klassiekers steeds bekender raken en niet meer kunnen worden overgeslagen.
Met dank aan Bert Paasman, die voorstelde een pelgrimage te houden naar het graf en monument van Elisabeth Maria Post.

Laat een reactie achter