• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

De ander is een verhaal

1 mei 2026 door Jan Renkema 1 Reactie

Tekstportret Katja Tereshko

In de serie Tekstportretten laat Jan Renkema iemand poseren in zijn tekstatelier, ter gelegenheid van een bijzondere aanleiding. Katja Tereshko, Russische immigrante, is werkzaam bij de afdeling Taal, Literatuur en Communicatie van de Vrije Universiteit. Zij heeft zojuist een onderzoek naar ‘leesmotivatie en inburgering’ afgerond. Ook verzorgt zij als zzp’er taalonderwijs aan o.a. Russen, Oekraïners en Armeniërs die in Nederland een nieuwbestaan willen opbouwen.

Altijd ben ik bezig met mensen en taal, of met taal en mensen. Ik weet niet in welke volgorde. In de academische wereld heb ik een zoekend perspectief ontwikkeld. Ik ben een spelende onderzoekster. Ik vind het leuk om niet volgens strikte regels te analyseren, en zoek de grenzen op van wat er allemaal mogelijk is, vooral in NT2/NVT-onderwijs.

Het halve haantje

Verhalen, voor mij draait alles om verhalen. Verhalen in boeken en verhalen van mensen om mij heen. Hoe je in een verhaal een rol kunt krijgen, en hoe je daarin eigen ervaringen een plaats kunt geven. Verhalen lezen of schrijven, voor mij is dat altijd de manier geweest om elkaar te leren begrijpen. Ik heb een heel bijzonder verhaal. Ken jij het verhaal van het haantje dat door midden werd gesneden? Ik geef hier de kortst mogelijke eigen navertelling. Beter is het natuurlijk om even tien minuten te luisteren naar iemand anders die het echt vertélt.

Twee zussen erfden een haantje. Het ene zusje wilde het haantje delen en braden. Oké, zeiden ze beiden, dan delen we hem middendoor. Het andere zusje verzorgde haar halve haantje heel goed. Ze zorgde voor de lekkerste graankorrels voor in zijn halve snavel. Op een dag scharrelde het halve haantje wat rond en pikte op goudstukken in de grond en verborg die in haar (halve) maag. ‘Die goudstukken zijn van mij!’, riep een boze man. ‘Nietes, die heb ik gevonden!’ ‘Dan moeten we samen naar de rechter in de stad waar ik woon’, zei de boze man, ‘ik ga alvast.’ Het halve haantje fladderde op één vleugel langzaam achter hem aan naar de stad.

Het dappere haantje kwam een wolf tegen. ‘Waar ga jij naar toe?’, vroeg de wolf. ‘Ik moet naar de rechter in de stad’. ‘Mag ik mee? ‘Ja, kom maar in mijn kont.’ Even later kwam er een vos aan. ‘Waar ga jij naar toe, mag ik mee?’ ‘Ja, kom maar in mijn kont.’ Het haantje moest een rivier oversteken. De rivier wilde ook mee. ‘Kom ook maar in mijn kont’. Daarna kwam er een zwerm bijen aanvliegen, en die wilden ook allemaal mee. ‘Komen jullie ook maar’, zei het halve haantje.

Verbazing of herkenning

Na een paar dagen kwam het haantje heel moe aan bij het huis van de boze man in de stad om te vragen waar de rechter woonde. ‘Je kunt eerst wel bij mij overnachten, zei de boze man. In de schaapsstal is nog wel een plekje.’ En de boze man dacht: Haha, de schapen gaan dat halve haantje wel opeten. In het donker drongen de schapen op het haantje aan. Maar het haantje riep: ‘Wolf, help mij!’ En de wolf beet alle schapen dood. De volgende dag deed de boze man net of er niets aan de hand was, en zei: ‘Je kunt nog wel een nacht logeren. Er is nog plaats in het kalkoenenhok.’ De boze man dacht: dit redt het halve haantje niet tegen die grote kalkoenen. Maar ’s nachts riep het dappere haantje: ‘Vos, help mij!’ En de vos verslond de kalkoenen.

Weer deed de boze man of hij niets gemerkt had, en zei: ‘De rechter is nog even de stad uit. Je kunt de komende nacht ook wel binnen slapen, op een plank boven de oven.’ ’s Nachts stookte hij het vuur hoog op zodat het haantje lekker zou braden. Maar het dappere haantje riep: ‘Rivier help mij!’ En de rivier overstroomde met veel geraas de oven en zelfs de hele vloer van het huis. De volgende dag zei de boze man weer niets. Maar nu zei zijn boze vrouw: ‘Ach jij bent zo zielig, Je mag vannacht wel aan het voeteneinde in ons bed slapen.’ Ze dacht: dan gaan we dat dappere haantje samen doodtrappen. In de nacht gingen de boze man en de boze vrouw plotseling trappen met hun gemene voeten. Maar het dappere haantje riep: ‘Bijen, help mij!’ En de bijen kwamen uit het haantje en staken het gemene echtpaar overal waar ze maar konden. Het was zo erg dat de boze man en de boze vrouw beiden dood gingen. Daarna ging het dappere halve haantje weer terug met een schat aan gouden munten.

Bijzonder vind ik dat het haantje niet direct om hulp roept, en niet zelf in gevecht gaat met de dief, maar heel netjes naar de rechter stapt. Dat geloof in een rechtvaardige staat vind ik sprekend voor de Nederlandse cultuur. Als ik zo’n verhaal lees in een taalcursus met migranten, dan gebeurt er veel meer dan onderwijs in NT2. Er komt dan iets los: verbazing of herkenning, en dat werkt heel goed voor echt contact over het leven in een vreemde omgeving.

Prijs

Ik groeide op in een buitenwijk van Sint Petersburg, in een wijk met de laatste metrohalte. Als veertienjarige schreef ik gedichten, en die wilde ik ook graag publiceren. De redacteur van een lokale krant zei dat hij mijn gedichten alleen wilde plaatsen als ik ook nieuwsberichten schreef. Dat heb ik toen een paar jaar gedaan. Naast mijn school deed ik ook een opleiding muziek. Ik wilde eerst actrice worden, maar ik werd op audities steeds afgewezen. En vaak al in de eerste fase, als ik bijvoorbeeld een gedicht moest declameren. Nooit kreeg je een reden te horen. Ik kwam niet eens toe aan zang of dans. Eindelijk durfde ik naar de commissie te gaan. ‘Je bent niet slecht’, zeiden ze, ‘maar je denkt te veel. Ga jij maar de opleiding tot regisseur volgen. Dan moet je ook met verhalen werken.’ Dat vond ik ook fascinerend, maar ik heb uiteindelijk een ander pad gelopen.

Ik was ook goed in natuurkunde, muziek en talen. Voor de filmacademie werd ik wel aangenomen na een creatief essay over het geluid dat een kindje al hoort in de buik van de moeder. Maar mijn eigen moeder zei: ‘Doe maar normaal. Ga maar, net als ik deed, rechten studeren.’ Nee, dan toch liever een taal. Voor de studie Nederlands kon je aan de Universiteit van Sint-Petersburg een gratis plek krijgen als je hoog scoorde op de examens. Petersburg had al veel banden met Nederland, en de taal leek me gewoon leuk. Bovendien kon ik dan als bijvak ook theaterstudie doen.

Het was een prachtige tijd. Een hechte groep van vijf enthousiaste studentes. De basis was filologie. Het eerste jaar 300 boeken wereldliteratuur. Pas in het tweede jaar kon ik met moeite beginnen aan een Nederlandse roman. We kregen alle kansen. Ik mocht een jaar in Gent studeren. We mochten helpen bij conferenties of rondleidingen verzorgen voor Nederlanders. In het vierde jaar waren we met scripties bezig. Ik zag een overeenkomst tussen Remco Campert’s Het leven is vurrukkulluk, en Jack Kerouac On the Road. Ga je gang, zei mijn begeleidster. Jij bent de eerste die het opmerkt. Ik kreeg een prijs, en mocht naar Amsterdam voor een lezing over mijn analyse. Remco Campert zat op de eerste rij. Ik had ontdekt dat hij in zijn proza ook gedichten schreef. Hij zei dat het niet waar was, maar ik wist het te bewijzen. Daarna zei hij dat hij het zich kennelijk niet bewust was geweest. Zo’n mooi gesprek!

IND-site

Mijn PhD kon ik doen aan de Staatsuniversiteit van Moskou. Daarvoor hield ik me bezig met de vraag hoe mensen de wereld begrijpen via conventionele metaforen. Bijvoorbeeld dat het ‘op maandag’ is in het Nederlands en ‘in maandag’ in het Russisch. Hoe werkt zoiets? Het Russisch heeft een ‘container’-metafoor, en vele westerse talen hebben een ‘draag’-metafoor. In mijn vervolgonderzoek wilde ik me richten op de relatie tussen taal en wereldbeeld. Dus dacht ik aan de archetypen van Jung en zijn leerlingen, en hoe die te herkennen zijn in volksverhalen. Welk wereldbeeld wordt in die verhalen overgedragen aan kinderen, of bijvoorbeeld met spreekwoorden over dieren in verschillende culturen? Wat doe je in een landcultuur met ‘roep geen haring voor die in het net zit’?

In 2022 brak de ‘speciale operatie’ uit. We kregen een brief met het verzoek om steunbetuiging. Niet dwingend of zo, maar toch. Mijn partner had een baan bij een Nederlandse organisatie, en kon daarom hier naar toe. Ik kon mee omdat ik mijn doctorsgraad had gehaald aan een Russische topuniversiteit. Die mogelijkheid vond ik overigens pas na lang zoeken op de Nederlandse versie van de IND-site. Zodoende kreeg ik een ‘zoekjaarvisum’. Ik ben wel een paar keer even terug geweest, en onderhoud ook zoom-contact met mijn moeder. Maar het blijft vreemd voor mij. Als ik hier zeg dat ik Russische ben, kijken ze me soms even vreemd aan als wanneer je in Rusland zegt dat je lesbisch bent. Gelukkig vond ik hier snel werk in de academische wereld.

Verhaalcafé

In het NT2-onderwijs werk ik graag met verhalen. Bijvoorbeeld ‘De man die weer naar buiten wilde’ van Rob van Essen. In dit kafkaëske verhaal gaat een man de deur uit, maar hij denkt dat hij ergens naar binnen stapt. Zo’n verhaal werkt heel goed in onderwijs aan migranten. Die stappen uit hun cultuur en denken dat ze ergens in binnengaan. Die botsing stimuleert hen tot eigen verhalen. Of het verhaal over een onbekende trekvogel van Kader Abdollah waarin een migrant een baantje krijgt waarin hij vogels moet opzetten. Als je dan cursisten vraagt naar een symboolwoord voor dit verhaal dan noteert de ene deelnemer ‘feniks’, en de ander ‘koelkast’. Daarna komen er dan ervaringen los, met daaronder verlangens en ervaringen van opnieuw beginnen of een ijzige nieuwe omgeving. Je krijgt dan verhalen met veel meer ervaringen, waarvoor je als docent moet openstaan.

In communicatie maken wij ons kenbaar door verhalen. Een verhaal is een perspectief op de werkelijkheid. Daarin vertel je wie je bent, hoe je de werkelijkheid ziet. Verhalen zijn zo wezenlijk, omdat we daarin proberen elkaar te begrijpen, áls dat al lukt. Dat gaat tot in het oneindige door. Gelukkig zijn er oneindig veel verhalen. Als je samen een verhaal leest, kun je elkaar leren begrijpen door leeservaringen uit te wisselen. Al die verschillende reacties met als basis een zelfde inhoud, dat is voor mij oneindig veel belangrijker dan cursisten iets leren over de cultuur van molens, bitterballen en klompen. Aan de VU hebben we hiervoor een speciale leescursus opgezet. Ook op een andere manier ben ik daarmee bezig. In Amsterdam heb je het Storytelling Café. Elkaar verhalen vertellen in de kroeg en dan ervaringen delen. Wat zou dat prachtig zijn, naast elk AZC een Verhaalcafé! Mijn eerste verhaal is dan ‘het dappere haantje’.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel, Uitgelicht Tags: letterkunde, Tekstportret

Lees Interacties

Reacties

  1. Hildegarde Meganck zegt

    1 mei 2026 om 12:32

    Prachtig, interessant, tof, geestig, enz…

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Hans Faverey • Denk iets dat je goed kent

Herhaal het: zij haar haar
kamt. Doe er een spiegel
bij. Maak het vertrouwder

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

De arbeidersklasse danst een groote reidans
aan de oceaan der wereld

Bron: Herman Gorter

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

7-8 mei 2026: Germanic Sandwich 10

7-8 mei 2026: Germanic Sandwich 10

29 april 2026

➔ Lees meer
11 mei 2026: Promotie Bartie Thijs

11 mei 2026: Promotie Bartie Thijs

28 april 2026

➔ Lees meer
8 mei 2026: Symposium Onsterfelijke dood

8 mei 2026: Symposium Onsterfelijke dood

26 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1940 Zdenka Hrnčířová
1964 Erik Brus
sterfdag
2013 Piet Paardekooper
➔ Neerlandicikalender

Media

Walewein: Ridder aan het hof van koning Arthur

Walewein: Ridder aan het hof van koning Arthur

1 mei 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
In gesprek met auteur Anne Eekhout

In gesprek met auteur Anne Eekhout

1 mei 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Katharina de With, Christina Leonora de Neufville en Belle van Zuylen

Katharina de With, Christina Leonora de Neufville en Belle van Zuylen

30 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d