• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

De literatuur als zandbak

18 maart 2014 door Marc van Oostendorp Reageer

Door Marc van Oostendorp


Hugo Claus wilde het steeds anders. Van veel van zijn gedichten zijn veel verschillende varianten overgebleven; als hij maar even de kans had, herschreef Claus een gedicht, of bracht op zijn minst kleine correcties aan.

Ook van het werk van anderen bleef Claus niet af. Hier is bijvoorbeeld het begin van het gedicht ‘At Melville’s Tomb’ van Hart Crane, en het corresponderende begin van het gedicht ‘Bij het graf van Melville’ door Claus (de rest van de gedichten loopt op een soortgelijke manier parallel):

Often beneath the wave, wide from this ledge
The dice of drowned men’s bones he saw bequeath
An embassy. Their numbers as he watched,
Beat on the dusty shore and were obscured.

De dobbelstenen van de beenderen der verdronkenen
Een gezantschap.

Wat hoort er nu precies allemaal bij het oeuvre van Claus? Moet je iedere variant van ieder gedicht ertoe rekenen? En dan ook de varianten van andermans gedichten? Dat zijn vragen die de Gentse letterkundige Yves T’Sjoen stelt in zijn nieuwe boek Zoals een grens op de kaart.

Dat boek gaat volgens de inleiding (pagina 3) over ‘receptieonderzoek’: hoe reageren lezers op literair werk. Het eigenaardige is dan wel dat die lezers in dit boek allemaal zelf schrijvers zijn, en reageren op (of iets anders doen met) het werk van andere schrijvers, of, zoals in het geval van Claus’ correcties, met dat van henzelf. Een normale lezer komt in dit boek eigenlijk niet voor; we lezen we over onder andere de vertalingen die Herman de Coninck maakte van de sonnetten van Edna St. Vincent Millay, het feit dat Nederlandse bloemlezers en recensenten van het werk van Ingrid Jonker haar werk niet lijken te kunnen zien zonder naar haar ellendige levensloop te kijken, de correcties die Rutger Kopland aanbracht in zijn gedichten.

Veel eenheid zit er daarmee niet in het boek, dat bestaat uit ‘gevalstudies’ die ook niet echt aan elkaar geschreven zijn. Zoals een grens…  is daarmee toch vooral een staalkaart van wat de auteur de afgelopen tien jaar gepubliceerd heeft of in lezingen uitgesproken. Claus is bijvoorbeeld het onderwerp van twee zulke gevalstudies, maar die verwijzen niet onderling naar elkaar.

Dat is jammer. Hugo Claus ging duidelijk niet gebukt onder heilig ontzag voor welke tekst dan ook. Alles kon altijd beter, of anders – wie het ook geschreven had.

De literatuur is in die opvatting een grote zandbak, waar je ieder taartje steeds wat mooier kan maken. Wie er de eerste mal heeft gebruikt voor zo’n taartje, doet er niet eens meer toe.

Wat moet een literatuurwetenschapper daarmee? Het rare is dat T’Sjoen juist een enorm ontzag heeft voor de schrijver. In het opstel over de varianten die Claus maakte, speelt het begrip ‘auteursintentie’ een sleutelrol. Het is weliswaar een problematisch begrip – ze zijn “behalve niet achterhaalbaar want altijd hypothetisch en dus constructies van de literatuuronderzoeker, aan permanente verschuivingen onderhevig” – maar tegelijkertijd spelen ze een belangrijke rol in de overwegingen. Cláús wilde kennelijk al die verschillende varianten maken, dat is de reden om die nu ook allemaal te willen opnemen in een editie.

Het geeft voor mijn gevoel iets heel paradoxaals aan Zoals een grens. Het boek laat zien dat allerlei grenzen maar willekeurige constructies zijn: de Zuid-Afrikaanse en de Nederlandse poëzie lopen op een aantal punten in elkaar over, Stefan Themerson hoort dankzij het werk van Nicolaas Matsier eigenlijk net zo goed tot de Nederlandse literatuur als tot de Britse (en Poolse), zolang een dichter leeft is geen enkel gedicht van die dichter eigenlijk klaar.

Tegelijkertijd blijft één grens voor T’Sjoen onverbrekelijk: die van de auteur. De schrijver is het atoom van de literatuurwetenschap: wanneer Claus een versie van Crane maakt, is die tekst ineens ‘van’ Hugo Claus. Bovendien zijn varianten van gedichten alleen interessant wanneer ze die ‘auteursintentie’ hebben.

Wanneer er op internet allerlei varianten van een gedicht rondslingeren, zou dat volgens mij (voor het ‘receptieonderzoek’) enorm interessant kunnen zijn, ook al zijn die varianten niet door de dichter gemaakt: wat laten lezers ongemoeid, wat veranderen ze en waarom?

Yves T’Sjoen. ‘Zoals een grens op de kaart’. Nederlandse literatuur in vergelijkend perspectief. Gevalstudies. Gent: Academia Press, 2014. Bestelinformatie bij de uitgever.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: 20e eeuw, 21e eeuw, letterkunde, recensies, vertalen

Lees Interacties

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Elise Vos • Het bewaren van een mens

uit je botten bouwde ik
twee nieuwe lichamen
profeten van een oud geloof
een tweeling die bestond
uit goed en kwaad

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

LENTEKOU

Er is niets dan de wind.
De tuinen zijn doorzichtig,
men ziet hun achterkanten leven. [lees meer]

Bron: Spinroc en andere verzen, 1958

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

27 maart 2026: Culturele verbeeldingen van het Waddengebied

27 maart 2026: Culturele verbeeldingen van het Waddengebied

23 februari 2026

➔ Lees meer
13 maart 2026: Westerse boeken met een Japans tintje

13 maart 2026: Westerse boeken met een Japans tintje

23 februari 2026

➔ Lees meer
28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

28 februari 2026: Lezing Die Wrede Een met die Rode Baard en sy viervoetige jambes

22 februari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1930 Dana Constandse
sterfdag
2007 Bert Vanheste
➔ Neerlandicikalender

Media

Waarom voelt prima zo passief aggressief?

Waarom voelt prima zo passief aggressief?

23 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek 1 Reactie

➔ Lees meer
De Twintigers: Juicy

De Twintigers: Juicy

22 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Safae el Khannoussi Translation Project

Safae el Khannoussi Translation Project

21 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
%d