Bevelen als samenvattingen

Jij en je bijrijder zitten samen in de auto. “En nu naar links!” roept je bijrijder. Zonder na te denken draai je aan het stuur. Is dat nu rationeel gedrag? De bijrijder heeft je geen enkel argument gegeven. Toch weet je op de een of andere manier na die vier woorden méér dan toen ze nog zat te zwijgen. Maar wat leer je precies van een imperatief?
Over de kennis die je verwerft door een imperatief, schrijft de Britse filosoof Henry Schiller in een nieuw artikel in mijn lijfblad Linguistics and Philosophy. Volgens Schiller is een instructie in wezen een samenvatting van alles wat de spreker weet, en dan compact samengevat voor een beslissing die de luisteraar moet nemen.
De standaardopvatting over het menselijke gesprek werkt ongeveer zo: iemand zegt iets, je weegt de inhoud, en je past je overtuigingen aan, mits je redenen hebt om aan te nemen dat het gesprokene waar is. Als een vriend zegt “Het regent”, en je vertrouwt die vriend, date je je wereldbeeld up en neem je een paraplu mee. “Ga naar links” is een probleem in dat model van het gesprek omdat het geen stand van zaken beschrijft. Er valt niets te geloven aan de woorden van je bijrijder.
Meewerken
Of toch? Schiller probeert het probleem voor de theorie in zijn artikel te repareren. De bijrijder die “ga naar links” roept, beschikt volgens hem over informatie die de bestuurder niet heeft. Ze heeft op haar telefoontje zitten kijken of kent de buurt. Al die kennis vat ze samen in de drie woorden en-nu-naar-links. De bestuurder hoeft enkel te weten dat er vanuit het perspectief van de bijrijder kennelijk voldoende reden is om naar links te gaan. De instructie geeft niet één feit, maar een hele waaier van mogelijke redenen tegelijk: misschien is rechts afgesloten, misschien is links sneller, misschien weet de bijrijder iets over de bestemming wat wij niet weten. Het is aan de luisteraar om af te wegen hoezeer ze op je bijrijder vertrouwt.
We volgen de hele dag zulke instructies van mensen die we om de een of andere reden vertrouwen: de ober die zegt “Neem de dagschotel” en de dokter die verordeneert “Veel water drinken”:”. Ze vatten allebei daarmee een perspectief op de situatie samen dat het onze aanvult. Tegelijkertijd werkt de analyse ook voor minder situaties waarin minder coöperatie is. “Geef je over!” is ook een samenvatting, bijvoorbeeld van alle vreselijke dingen die je kunnen overkomen als je niet gehoorzaamt.
Het onderscheid tussen iemand iets vertellen en iemand iets opdragen is zo veel kleiner dan het op het eerste gezicht lijkt. In beide gevallen verstrek je wel degelijk informatie. Bij een bewering doe je dat door een feit toe te voegen en bij een instructie door een samenvatting te geven van wat nu het beste is om te doen, vanuit een perspectief dat de hoorder niet heeft en als ze niet om argumenten vraagt ook niet per se duidelijk wordt.
Laat een reactie achter