Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (139) Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan? Door Marc van Oostendorp Begeerlijkheid, 't willen proeve' alle dingen, dat is nu een van de erge gevaren : de machtigste onder de belemmeringen die versperren de weg naar 't leven, 't ware. Een gulp van den kostbaren … [Lees meer...] overEen gulp van den kostbaren levenswijn
20e eeuw
Gedicht: Michel van der Plas – School der liefde
School der liefde Woorden van geluk zijn moeilijk, ze zijn klank, wartaal, aaas en jijs en toedan, alles of niets. Het lekken van vuur; een gordijn in de wind. Ze zijn eigenlijk maar ballast. Want we zeggen geluk niet, we doen het. Dieren hebben alleen maar hun lichamen; snuiven, stampvoeten, hoeden warmte met warmte. Het leeft en trilt, het heeft geen namen. … [Lees meer...] overGedicht: Michel van der Plas – School der liefde
Gedicht: Rudie van Lier – Twee gedichten
Perpetuum mobile Zoo wordt elk woord dat ik beweeg Beweging, die beweging wekt; Het valt terug tot 't in mijzelf, In jou, in u beweging wekt. Bewegende, bewegende Beweging, tot ik mij weer beweeg, Terwijl mijn hand die meeuw gelijkt, Wanneer ze op het watervlak Met hare witte pennen strijkt Beweging zwart op wit verkrijgt. … [Lees meer...] overGedicht: Rudie van Lier – Twee gedichten
Gedicht: Willem de Mérode – Oud en dwaas
Oud en dwaas Ik had een afspraak, en in roode zijde En schoon gewasschen trad ik voor den spiegel, Ik schrok en toornig trapte ik op het glas. Ik zag: mijn haar was grijs en dor geworden. Mijn oogen waren als het groezlig water, Vlak op den bodem van een diepen put. Ik zag 't gebarsten leder van mijn wangen, En zeide: niemand zal mijn weeke lippen Meer kussen tot … [Lees meer...] overGedicht: Willem de Mérode – Oud en dwaas
Gedicht: Sybren Polet – De oude natuur – de nieuwe natuur
De oude natuur - de nieuwe natuur Let op: je ligt met je hand in de wond van een wetenschappelijk landschap. Wie weet ontdek je zo de vrolijke natuurwetenschap: toekomend lichaam, karakter van cultuur, één- cellig en ingeboren, ìk erfde het niet. Opnieuw opgroeiend in bomen, boomwortels als hagedissen, in eenvoudige betekenissen, bedenken wij de tekens, de eerste: de … [Lees meer...] overGedicht: Sybren Polet – De oude natuur – de nieuwe natuur
Gedicht: A. van Collem – Twee gedichten
Bloemen, sterren, grassen en de zon Bloemen, sterren, grassen en de zon Nemen voortaan het bedoelen over Van de kleine mensen op de aarde. Want de werelden die in hen zijn Moeten wachten op het mensenwoord Dat hun zeggen zal waarom zij werden Bloemen, sterren, grassen, en de zon. uit: Nieuwe Liederen der Gemeenschap (1920) … [Lees meer...] overGedicht: A. van Collem – Twee gedichten
Gedicht: Simon Vinkenoog – Strafrecht
Strafrecht Strafrecht, vroeg ik, wat is strafrecht? wie deelt het recht op straf uit en brengt het recht terecht? Wat is straf? Wie deelt de mens als buit? Een gestrekte draf, de wind die een moordenaar vindt of een hond die tegen zijn schaduw blaft? De mens is goed, hij rijdt in de regen langs zand en bloed, en rookt een natte sigaret. … [Lees meer...] overGedicht: Simon Vinkenoog – Strafrecht
Gedicht: Hans Verhagen – Momentum
• Onlangs verschenen: Alle gedichten van P.C. Hooftprijswinnaar Hans Verhagen, met daarin al zijn gedichten tot nu toe. Momentum Geen honderdste seconde krediet hebben ze ons gegeven nadat we toch de waarheid in transparante regels hadden weergegeven als een plastic kinderspeeltje van plusminus 12 cent dat door de veelkantigheid en equilibrium permanent tot in de … [Lees meer...] overGedicht: Hans Verhagen – Momentum
Gedicht: Jan van Nijlen – Augustusavond
Augustusavond Nu valt de wind, nu gaan de wolken rusten en de avondlucht is blauwer dan de dag, alles bereidt zich tot den onbewusten staat die geneest van alle leed en lach Wij naderen de lang begeerde kusten die onze droom jaren en jaren zag: straks is weer ’t hart gevangen in het rag der verre jeugd en weegt het zwaar van lusten … [Lees meer...] overGedicht: Jan van Nijlen – Augustusavond
Gedicht: Gust Gils – Biografie
Biografie gerateerde eenzaat ik ben te zeer vertroebadoerd sprak hij zijn omgangstaal beperkte zich gaandeweg tot een steeds beknopter sisteem van abrupte tekens voor hemzelf verstaanbaar – als kleurstoffen lang geleden … [Lees meer...] overGedicht: Gust Gils – Biografie
Gedicht: Raymond Herreman – Vrouw en kind
Vrouw en kind Ik met mijn pijp, die zachtjes paft; de wake van een hond, die blaft; op straat een snelle stap, die keert naar wat men zonder angst begeert of men het leven haat of mint: de vrouw die wacht, en 't slapend kind; ik met mijn pijp en stillen lach om 't loonend einde van den dag, die, was hij luide en kommervol gelijk een stroom die dreigend zwol, toch … [Lees meer...] overGedicht: Raymond Herreman – Vrouw en kind
Dat wrijten, al die kloven, al die scheuren
Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (137) Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan? Door Marc van Oostendorp Ge weet toch hart, die tegenstrijdigheden dat wrijten, al die kloven, al die scheuren zijn enkel door het onvolmaakt gebeuren der liefde in ons hart en onze leden. Ge weet toch dat zij d'eenheid is … [Lees meer...] overDat wrijten, al die kloven, al die scheuren
Gedicht: Paul Snoek – Een mergpijp
Een mergpijp Het was de goedgeefse regen buigzaam als een buideldier, die het kleilichaam streelde van de hond van vanmorgen. Toen de goochelaars van vannacht het mengelwerk van de huizen achterlieten in het achterland, waar orgelmergpijpen speelden straalmagere koudmuziek uit de tijd der weduwen. … [Lees meer...] overGedicht: Paul Snoek – Een mergpijp
Gedicht: C.B. Vaandrager – Cyclus in de verleden tijd
Cyclus in de verleden tijd Ik kwam gek uit de hoek. Ik struikelde over mijn woorden. Ik zei maar wat. Ik wist niet wat ik moest zeggen. Ik zei niks. Ik sloot me aan bij de vorige spreker. Ik had kapsies. Ik was onzakelijk. Ik had geen geld. … [Lees meer...] overGedicht: C.B. Vaandrager – Cyclus in de verleden tijd
Gedicht: Mea Strand – Schreeuwde …
Schreeuwde ... Er was werkelijk een vogel in die grijze holte, naast de ijzeren lineaal van snelverkeersweg, waarover wij razend achter onze lichten aan. Als luchtalarm, erger nog, schreeuwde de vogel naast het open raam, maar ik verstond het niet. Een zwart, liggend paard, sprong weg en ik begreep het niet. Ik werd bang en nu hoor ik het weer en ik weet het … [Lees meer...] overGedicht: Mea Strand – Schreeuwde …
Gedicht: Willy Roggeman – Dertien blijvende meisjes van het denken
Dertien blijvende meisjes van het denken zodra de vloed der gedachten verbeent en droes en droevig weeft het waanbeeld zich zodra langs de liggende water- winden het bloed beu ingeslapen is om te weten waarheen één waar woord gevonden wordt voorbij de lentevrouw aan het venster die wij vroeger verdriet hebben genoemd … [Lees meer...] overGedicht: Willy Roggeman – Dertien blijvende meisjes van het denken
Zachte hoop die langs mijn wangen strijkt
Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (136) Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan? Door Marc van Oostendorp Ook ik ben omstreeks ’t midden mijner dagen verdwaald geraakt in levens donker woud, maar mij heeft geen aardsche wijsheid ontvouwd den weg uit smart en twijfel, noch gedragen omhoog, en geen … [Lees meer...] overZachte hoop die langs mijn wangen strijkt
Gedicht: Freek van Leeuwen – Uitverkoop
Uitverkoop De heele wereld draait om koopen en verkoopen, Engros, detail, zielen en menschenvleesch. Radio, rubber, kunstzij en benzine... Liefde en geluk zijn incourante fondsen. M'n moeder verkocht vaak d'r hemd van d'r gat Als ze Vrijdags geen centen voor brood meer had. Zeg, kameraad heb jij me zuster niet gekend? -- Ze was de mooiste meid hier in de heele … [Lees meer...] overGedicht: Freek van Leeuwen – Uitverkoop
Gedicht: Han G. Hoekstra – Polsstok-hoogtesprong
Polsstok-hoogtesprong Aanloop en afstoot waren welberekend voordat hij zich verhief tot deze reis, glanzend-wit staat zijn smalle lijf getekend tegen een eindeloos-diep zilvergrijs. Zie! die ons snel en argeloos heeft verlaten, wiens schaduw danste over ons gezicht, houdt nu – subliemste aller acrobaten – de wereld op een mast in evenwicht. Han G. Hoekstra … [Lees meer...] overGedicht: Han G. Hoekstra – Polsstok-hoogtesprong
Gedicht: Gerrit Krol – Athletiek
Athletiek Junior heeft gelopen. Hij wordt opgevangen en tot stilstand gebracht; het voordeel in zijn rug bekeken en gemeten de lengte van zijn schoen, de druppel aan zijn neus afgenomen, doorgegeven; het voordeel in zijn rug, de thermometerstand vermenigvuldigd met de luchtweerstand, uitgerekend: Junior heeft gelopen – hoera – harder dan in Rome vier jaar … [Lees meer...] overGedicht: Gerrit Krol – Athletiek
Het diepste leven is een schuwe hinde
Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (135) Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan? Door Marc van Oostendorp Het diepste leven is een schuwe hinde die vlucht voor geraas en luide gezichten; wie haar heerlijkheid voor zich wil òplichten doen, moet met de stilte zich vaak verbinden. De eenzaamheid moet worden … [Lees meer...] overHet diepste leven is een schuwe hinde
Gedicht: Ed Leeflang – 1945
1945 Op wat legerauto's na lege wegen, waanzinnig veel vis in de meren, de grootste stilte ooit gemeten in Overijssels kop en ergens moesten nog frontlijnen lopen en landschappen zijn, steden en deelstaten die bleven zweren. Aan de Beulaker gingen we - vijf jongens, vier meisjes - met een bus eierpoeder en één pakje Craven-A kamperen. … [Lees meer...] overGedicht: Ed Leeflang – 1945
Gedicht: Gerrit Komrij – Een verre reis
Een verre reis Je ging, gezeten in een emmer, naar een Zekere streek op reis, waar enkel grote, Pokdalige dokters en goede heelkruiden waren. Dat was een reis, die je nooit heeft verdroten. Je was immers een emmer vol ziekte. Ja, Een door en door krank vat, en je zocht Beterschap. Er vloog jou een regen achterna Van scheldwoorden van het grauw. Maar toch, … [Lees meer...] overGedicht: Gerrit Komrij – Een verre reis
Gedicht: Jotie T’Hooft – Baal Sjem
Baal Sjem Kultuurvreten: ketch-up yoga op hot-dog karma, Bahavadgita lezen bij licht van wierook terwijl de wensdroom Witte Licht op lage pit in de gaarkeuken van het moderne denken verpietert. Tussen acupunctuur-pop en zen-beat met spreuk spiritisme en dooddoener drugs wordt slijk tot golem en tot god gekneed: in zijn dode mond is mode het baalsjem, … [Lees meer...] overGedicht: Jotie T’Hooft – Baal Sjem
Gedicht: Christine D’haen • Achtste grafgedicht voor Kira van Kasteel
Achtste grafgedicht Maria van Burgondië ligt te Brugge in brons; Ilaria del Caretto in Lucca lieflijk ligt, in marmer uitgehouwen 't wassen aangezicht, zooals Medea Colleoni in Bergamo. Het vleesch der afgestorvenen wordt op aard verdrongen door marmer, brons, arduin; zilver en goud op urnen, tomben, schrijn en sarcophaag behoudt reliëf bedriegelijk voor aderen, beenderen, … [Lees meer...] overGedicht: Christine D’haen • Achtste grafgedicht voor Kira van Kasteel



