• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Dit is wat iedereen op school moet leren over grammatica

19 januari 2026 door Marc van Oostendorp 5 Reacties

Volgens syntactici aan de universiteiten

Wat moeten de kinderen op school leren over taal? Daarover kun je van alles vinden – moeten ze iets leren over hoe talen zich ontwikkelen in de loop van de tijd? wat dialecten zijn en hoe daarmee om te gaan? hoe je met taal gemanipuleerd kunt worden? – maar de meeste mensen zijn het waarschijnlijk wel over eens dat kinderen op een bepaald moment moeten leren hoe zinnen in elkaar zitten. Dat het werkwoord in het Nederlands vooropstaat bij een vraagzin (‘Kom je?’). Dat hem in ‘Koos wast hem’ niet kan terugslaan op Koos, maar in ‘Koos wil dat jij hem wast’ wel. Dat de zinnen ‘Kees kust Koos’ en ‘Koos wordt door Kees gekust’ in grote lijnen dezelfde situatie beschrijven, met dezelfde kusser en dezelfde gekuste.

Maar wat moeten ze nu precies leren? In het ideale geval zou dit deel van het vak een beetje aansluiten bij de huidige stand van de wetenschap. De traditionele zinsontleding, het taalkundig en redekundig ontleden, volstaat daarvoor misschien niet – het is een in de loop van de eeuwen min of meer zelfstandig ontstaan systeem van termen en inzichten waarmee je op school heus wel kunt oefenen in het nadenken over zinsbouw – maar waarin allerlei vragen, zoals die over Koos en hem hierboven, niet goed beantwoord kunnen worden.

Bezield

Goed, dus we beslissen dat we het grammatica-onderwijs misschien willen vernieuwen. Het volgende obstakel is dan: naar welke wetenschappers richten we ons dan? In de huidige stand van de taalwetenschap zijn er allerlei scholen, met ieder eigen inzichten en eigen terminologieën.

De Utrechtse vakdidacticus én taalkundige Jimmy van Rijt heeft nu de logische volgende stap gezet. Samen met zijn Noorse collega Mari Nygård – het probleem is natuurlijk niet uniek voor Nederland, het doet zich overal voor – hield hij een enquête onder 58 specialisten van over de hele wereld om een lijst. Ze schreven er een artikel over voor het tijdschrift Open Linguistics. De belangrijkste figuur is deze:

De begrippen staan geordend van het belangrijkst naar het minst belangrijk; daarbij wordt verschil gemaakt tussen ‘belangrijk voor de wetenschap’ (blauw) en ‘belangrijk voor het onderwijs’ (paars), hoewel die twee in veel gevallen met elkaar overeenstemmen. Het belangrijkst zijn ‘syntactische functies’, zoals onderwerp en lijdend voorwerp, en zinstypen (vragende zin, bevel, enzovoort), het minst belangrijk recursie (het feit dat je bijvoorbeeld een zin als ‘Jan leest’ kunt inbedden in een andere zin als ‘Koos ziet dat Jan leest’) en animacy (bezieldheid; het feit dat ‘We ontnemen Koos zijn fiets’ met een ‘bezield’ meewerkend voorwerk Koos wel goed is maar ‘We ontnemen de auto zijn deur’ niet).

Bouwen

Je hoeft, geloof ik, geen taalkunde te hebben gestudeerd om in te zien waarom die eerste twee belangrijker zijn dan die laatste twee.

De overeenstemming was vrij groot, schrijven Van Rijt en Nygård, zeker gegeven het zelfbeeld dat taalkundigen vaak hebben: dat er enorme verdeeldheid is met al die scholen, en weinig overeenstemming. Misschien is die overeenstemming wel groter dan de wetenschappers zelf denken.

Het zou goed zijn om nu een methode op te zetten waarin al deze begrippen (of in ieder geval de belangrijkste vijf, of tien, of vijftien) toegankelijk worden gemaakt voor leerlingen. Een lesmethode die op een samenhangende manier leerlingen inzicht geven in wat volgens de wetenschap de belangrijkste ideeën zijn over de manier waarop wij mensen onze zinnen bouwen.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel, Neerlandistiek voor de klas Tags: didactiek, semantiek, syntaxis, taalkunde

Lees Interacties

Reacties

  1. Anneke Neijt zegt

    19 januari 2026 om 07:49

    Opmerkelijk dat recursie zo laag staat. Het verschil tussen onderschikking (wel recursief, niet iteratief) en nevenschikking (niet recursief, wel iteratief) hangt ermee samen. Met recursie maak je nieuwe concepten, met iteratie som je alleen maar op.

    Beantwoorden
  2. Jimmy van Rijt zegt

    19 januari 2026 om 08:55

    De lage score van recursie is inderdaad opvallend, zeker afgezet tegen de resultaten van Delphi die we in 2017 onder Nederlandse taalkundigen uitvoerden (daar scoorde recursie een stuk hoger). In het artikel (p. 24) geven we daarvoor ook wel een mogelijke verklaring.

    Beantwoorden
  3. Dina Tuinhof zegt

    19 januari 2026 om 11:41

    Ik vind het een flinke en beste droge hap voor, bv, vmbo-kader. Ik weet niet of er iets van deze lijst nu wordt onderwezen.

    Beantwoorden
  4. Tineke Droog zegt

    19 januari 2026 om 17:38

    “Het zou goed zijn om nu een methode op te zetten […]. Een lesmethode die op een samenhangende manier leerlingen inzicht geven in wat volgens de wetenschap de belangrijkste ideeën zijn over de manier waarop wij mensen onze zinnen bouwen.”

    Ik kan dit initiatief alleen maar toejuichen als taalkundige met voorliefde voor syntaxis en morfologie en daarnaast als ‘methodemaker’ voor het basisonderwijs. En ik doe onbescheiden de suggestie om naar de lesmethode Taaljacht te kijken om te zien in hoeverre dit aanbod er al is voor het PO. We hebben de leerlijnen voor grammatica in Taaljacht met veel dank voor input van jou, Peter Arno Coppen, Jimmy de Rijt en Robert Chamalaun ontwikkeld.
    Welk schooltype had je in gedachten bij deze lesmethode: PO, VO? Dat maakt voor het abstract denkvermogen dat sommige doelen zullen vragen, nogal uit. En met welk doel zou je deze taalkundige onderwerpen dan aanbieden? Hoe past dat binnen de kernopdracht van het PO of het VO? Je post prikkelt me en roept vragen op, zoals je merkt ;).

    Beantwoorden
    • Tineke Droog zegt

      19 januari 2026 om 18:00

      *van Rijt

      Beantwoorden

Laat een reactie achter bij Tineke DroogReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Cees Nooteboom • Niets

Het leven
je zou het je moeten kunnen
herinneren
als een buitenlandse reis

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Chris van Geel

DAL

Wij zijn in stilte steen, geen trap
voert naar de grond, geen weg wiegt ons
op weg, er is alleen maar zon
en wolken die als scherven zijn.

Dit is de grond die ons beweegt,
schreden uit ons bedoelen buigt. [lees meer]

Bron: De Revisor, april 1974

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

27 maart 2026: KZM-bijeenkomst

27 maart 2026: KZM-bijeenkomst

12 februari 2026

➔ Lees meer
6 maart – 26 augustus 2026: Opgetild in een verdwijnen – over J. H. Leopold

6 maart – 26 augustus 2026: Opgetild in een verdwijnen – over J. H. Leopold

12 februari 2026

➔ Lees meer
14 februari 2026: Multatuli à Paris

14 februari 2026: Multatuli à Paris

11 februari 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

sterfdag
1951 Dirk Tinbergen
➔ Neerlandicikalender

Media

Frans Kellendonk Lezing 2026

Frans Kellendonk Lezing 2026

12 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
“Het boek was heilig voor hem”

“Het boek was heilig voor hem”

12 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Over ouderdom en verdwijnend toekomstperspectief

Over ouderdom en verdwijnend toekomstperspectief

11 februari 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d