• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Aan het twijfelen

12 april 2026 door Marc van Oostendorp 3 Reacties

Wat voor zinsdeel is ‘aan het wandelen’ in ‘Joke is aan het wandelen’?

Wandelaars op de heide tussen Assel en Hoog Soeren, Wandelvierdaagse Apeldoorn 1985. Foto: Rob Bogaerts / Anefo, Nationaal Archief, CC0

Er komt een nieuwe editie van de Syntax of Dutch, de monumentale grammatica van het Nederlands van Hans Broekhuis en Norbert Corver! Ruim 5000 pagina’s telt dit gigantische naslagwerk in, en er staat alles in wat we weten over de zinsbouw van het Nederlands. Wat betekent dat er nog veel open plekken zijn.

Neem Joke is aan het wandelen op de hei. De constructie met aan het plus een onbepaalde wijs is een van de manieren die het Nederlands heeft om uit te drukken dat er iets gaande is. Maar hoe zit hij in elkaar? Is aan het wandelen een voorzetselgroep, of gewoon een vorm van het werkwoord gaan, zoals ook ging en ben gegaan dat zijn?

Als aan het wandelen een voorzetselgroep is, is ‘het wandelen’ een soort zelfstandig naamwoord, en de groep als geheel vergelijkbaar met Joke is in de tuin of Joke is aan het werk. Maar als aan het wandelen juist een werkwoordsvorm is, hoort de constructie thuis in het rijtje van hulpwerkwoord (is in dit geval) plus onbepaalde wijs, naast Jan moet wandelen of Jan wil wandelen.

Voorzetselgroep

Broekhuis en Corver voeren twee argumenten aan voor de voorzetselgroep-analyse, en ze zijn allebei tot op zekere hoogte overtuigend; maar er zijn ook problemen. Het eerste argument is de woordvolgorde. In een bijzin moet de aan het-reeks vóór de werkwoorden in de eindgroep staan: dat Joke aan het wandelen is op de hei, niet dat Joke is aan het wandelen op de hei. Dat is vreemd als aan het wandelen gewoon een werkwoord zou zijn, want werkwoorden mogen in het Nederlands doorgaans wél na het werkwoord verschijnen dat ze selecteert (dat ik dat boek heb gelezen is niet slechter dan dat ik dat boek gelezen heb).

Het tweede argument is wat ingewikkelder maar minstens zo onthullend. Bij voltooide tijden verschijnt het voltooid deelwoord geweest, niet een infinitief (wezen): Joke is aan het wandelen geweest, niet Jan is aan het wandelen zijn. Dat zogeheten IPP-effect — infinitivus pro participio, waarbij het voltooid deelwoord wordt vervangen door een infinitief — treedt typisch op bij hulpwerkwoorden (hij heeft willen komen, hij is wezen zwemmen), maar niet bij koppelwerkwoorden met een naamwoordelijk deel (hij is ziek geweest, niet hij is wezen ziek). Dat wijst op een koppelwerkwoord-constructie, en dus van een voorzetselgroep.

Dichtbedrukt

Er is ook nog het bewijs van de zelfstandige naamwoorden. Soms kan de onbepaalde wijs in de constructie worden vervangen door een onbetwist naamwoord: Joke is aan het werk naast Joke is aan het werken. Sommige dialecten hebben nog meer van dat soort constructies: ze waren aan de klets.

Maar hier begint het te wringen. Als de infinitief in aan het wandelen echt een zelfstandig naamwoord is, dan kun je sommige eigenschappen ervan niet verklaren. Een gewoon zelfstandig naamwoord kun je nader bepalen met een bijvoeglijk naamwoord. Dat geldt ook als het zelfstandig naamwoord afkomstig is van een werkwoord: het geanimeerde kletsen is uitstekend Nederlands. Alleen: niemand zegt de kinderen waren aan het geanimeerde kletsen, ook al zou je best kunnen begrijpen wat daarmee bedoeld wordt.

En dan zijn er de lijdend voorwerpen. Bij een gewoon van een werkwoord afgeleid zelfstandig naamwoord kun je het voorwerp binnen de groep plaatsen, al is die constructie niet heel fraai: het almaar boeken lezen van Joke drijft ons tot wanhoop. Maar bij de aan het-constructie moet het lijdend voorwerp erbuiten blijven: ze zijn boeken aan het lezen, niet ze zijn aan het boeken lezen. Het voorwerp staat links van de hele groep, alsof aan het lezen een ondeelbaar blok is te werkwoordelijk om nog echt een naamwoord te zijn, te naamwoordelijk om helemaal werkwoord te heten.

Wat is het nou? Het antwoord is, na 5000 dichtbedrukte pagina’s van het Nederlands: we weten het niet.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: Syntax of Dutch, syntaxis, taalkunde

Lees Interacties

Reacties

  1. Peter-Arno Coppen zegt

    12 april 2026 om 12:19

    Wat je in de laatste zin van de eerste alinea onder het kopje ‘voorzetselgroep’ zegt, klopt niet helemaal. Voorzetselgroepen staan juist niet altijd braaf op hun plek vóór de werkwoordelijke eindgroep, in tegenstelling tot zelfstandignaamwoordgroepen. Je kunt zeggen ‘Ik heb de hele dag aan de vakantie gedacht’ maar ook ‘Ik heb de hele dag gedacht aan de vakantie.’ Of ‘ik heb het boek aan haar gegeven’ maar ook ‘Ik heb het boek gegeven aan haar’. Alleen richtingsbepalingen en predicatieve voorzetselgroepen staan braaf op hun plek vóór de werkwoordelijke eindgroep. Hier is vermoedelijk het argument dat ‘aan het wandelen’ een naamwoordelijk deel van het gezegde zou zijn (net als ‘aan de wandel zijn’).

    Beantwoorden
    • Marc van Oostendorp zegt

      12 april 2026 om 13:34

      Je hebt natuurlijk gelijk. Ik heb die zin nu helemaal weggehaald. Er valt nog wel meer over te zeggen, maar daarvoor leze men de (nieuwe) Syntax of Dutch.

      Beantwoorden
  2. Henk Wolf zegt

    12 april 2026 om 21:21

    Dat zijn goede argumenten voor een benoeming als voorzetselgroep, maar er zijn ook goede redenen om die progressiefconstructies als werkwoordelijk te benoemen. Je kunt zoiets als ‘aan het wandelen’ bijvoorbeeld alleen bevragen als een werkwoord, met een proverbum ‘doen’:

    OK Waar is/zit/blijft Joke aan? Aan het bureau.
    OK Waar is Joke? Aan het bureau?
    OK Wat is Joke? Aan de schijterij.
    * Waar is/zit/blijft Joke aan? Aan het wandelen.
    * Waar is Joke? Aan het wandelen.
    * Wat is Joke? Aan het wandelen.

    OK Wat heeft Joke gedaan? Wandelen.
    OK Wat zal Joke doen? Wandelen.
    OK Wat doet Joke? Wandelen.
    OK Wat is Joke doen? Wandelen.
    OK Wat is Joke aan het doen? Wandelen.

    Beantwoorden

Laat een reactie achter bij Peter-Arno CoppenReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Sara Maria van der Wilp • Eendragt maakt magt

ô Bron van vrede! ô Zuil des Raads!
Gy sterkt in ’t veld de legermagten.
Beschermster van het heil des Staats!
Gy schenkt de zwakheid dubble krachten.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

Hoe doof is eigenlijk een kwartel.
Wat zèg je? [lees meer]

Bron: Hans Faverey

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

25 april 2026: Presentatie Achter zich de grote dromen

25 april 2026: Presentatie Achter zich de grote dromen

12 april 2026

➔ Lees meer
26 april: Myrthe Prins in gesprek met Marc Kregting

26 april: Myrthe Prins in gesprek met Marc Kregting

10 april 2026

➔ Lees meer
21 april 2026: Amsterdam Yiddish Symposium

21 april 2026: Amsterdam Yiddish Symposium

10 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

geboortedag
1941 André Hanou
sterfdag
1962 Pierre Ritter
1973 Gerrit Kuiper
2016 René Felix Lissens
➔ Neerlandicikalender

Media

Ted van Lieshout | Het Grote Gebeuren 2026

Ted van Lieshout | Het Grote Gebeuren 2026

12 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
In gesprek met dichter Sophia Blyden

In gesprek met dichter Sophia Blyden

12 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
Abdelkader Benali en Marita Mathijsen over Aagje Deken en Betje Wolff

Abdelkader Benali en Marita Mathijsen over Aagje Deken en Betje Wolff

11 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d