• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
Neerlandistiek. Online tijdschrift voor taal- en letterkunde

Neerlandistiek

Online tijdschrift voor taal- en letterkundig onderzoek

  • Over Neerlandistiek
  • Contact
  • Homepage
  • Categorie
    • Neerlandistiek voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
    • Chris van Geel
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal

Vijftig jaar doeg

22 oktober 2025 door Marc van Oostendorp 4 Reacties

Kaart van Jan Stroop uit 1973, toen doeg alleen nog in de Zaanstreek gebruikt werd.

Vorig jaar vergeten te vieren: het vijftigjarig jubileum van doeg. Althans, in 1974 verscheen heet eerste wetenschappelijke artikel over het woord, geschreven door Jan Stroop, tegenwoordig medewerker van Neerlandistiek. De eerste zin daarvan luidt:

Er is de laatste tijd (midden 1973) in Amsterdam een nieuw groetwoord in opkomst.

Het woord was regionaal, in de Zaanstreek, al langer bekend:

Volgens de inlichtingen die Mevr. Jo Daan van een nu 87-jarige in Krommenie geboren kennis gekregen heeft, was doeg op het einde van de 19e eeuw in de Zaanstreek heel gewoon, bij mannen, vrouwen en kinderen. Een andere Zaanse, Mevr. M. Francken, kent twee varianten: doeg in Koog, dug in Westzaan.

Vanwaar die plotselinge populariteit van het woord? Volgens Stroop voldeed het aan de wens voor een wat informelere vorm van dag. Een duidelijk écht dialectalternatief bestond er niet. In een volgend nummer (inmiddels was het 1975) reageerde Frank Jansen met een andere verklaring, die hij heel technisch opschreef, maar die erop neer komt dat een geronde klinker (om een oe te maken moet je je lippen ronden) goed klinkt voor een g-achtige klank.

Allebei de verklaringen kunnen natuurlijk waar zijn. Een paar jaar geleden schreef ik over het verschijnsel groetronding dat ervoor zorgt dat mensen (inmiddels?) ook dag! zeggen met geronde lippen. Uit de kaart van Jan Stroop hierboven valt op te maken dat heel veel dialectgroetwoorden ook ronde klinkers hebben: moi, hojje, ajuus, houdoe, enzovoort. Tot mijn schande kende ik Jansens artikeltje niet toen ik het verschijnsel beschreef. En dat je een informele sfeer kan creëren, voor een groet onder bekenden, door een wat afwijkende vorm te gebruiken, lijkt me ook goed te zien.

Van Dale oppert daarentegen dat het hier gaat om ‘een soort samentrekking van goeiendag‘. Voor zover daarmee geïmpliceerd wordt dat de klinker uit goed komt, zie ik daar weinig bewijzen voor.

Inmiddels heeft doeg zich gevestigd, naast zijn broertjes doei en doe. Ik ben oud genoeg om de opkomst van doeg te hebben meegemaakt, en herinner me dat het een vreemde vorm was, maar inmiddels zeg ik het zelf ook, in ieder geval tegen mijn dochter.

Delen:

  • Afdrukken (Opent in een nieuw venster) Print
  • E-mail een link naar een vriend (Opent in een nieuw venster) E-mail
  • Share op Facebook (Opent in een nieuw venster) Facebook
  • Delen op WhatsApp (Opent in een nieuw venster) WhatsApp
  • Delen op Telegram (Opent in een nieuw venster) Telegram
  • Delen op LinkedIn (Opent in een nieuw venster) LinkedIn

Vind ik leuk:

Vind-ik-leuk Aan het laden...

Gerelateerd

Categorie: Artikel Tags: dialectologie, taalkunde, taalverandering

Lees Interacties

Reacties

  1. Jan Stroop zegt

    22 oktober 2025 om 15:22

    Verrast door Marcs stukje teruggekeken naar dat oude stukje uit 1974. Daarin viel me deze alinea op:

    “Een van de oorzaken van het grote doeg-sukses ligt mijns inziens in het woord zelf. Het gewone Nederlandse groetwoord dag of daag kent, naar het schijnt, geen ‘onbeschaafde’ varianten. Een realisering met een velare klinker, zoiets als daog, is onmogelijk, tenzij ironisch of grappig bedoeld. In een taalgemeenschap nu waar de ‘beschaafde’ aa niet voorkomt (die in Amsterdam b.v.) of aanstellerig gevonden wordt, is het groetwoord daag dus een onbestaanbaar woord. Het nieuwe doeg met zijn evenzeer rekbare klinker is dan een uitermate bruikbaar substituut, vooral ook omdat de uitspraak van de oe geen gradaties in beschaafdheid kent.”

    Dat doeg of doe-oeg is nog steeds niet voor iedereen een bruikbaar substituut. ’t Is te volks. En dag/daa-aag is te deftig. Maar wat ik toen ‘onmogelijk’ noemde, een ‘onbeschaafde’ variant als daog, bleek later wel degelijk voor te komen.
    Zo heb ik dat daog als dao-aog horen zeggen o.a. door mijn collega, wijlen hoogleraar Frida Balk-Smit Duyzentkunst (1929-2013). ’t Klonk inderdaad wat ironisch, een beetje tongue in cheek.

    Dao-aog is, vermoed ik, ’tzelfde als de groetronding dohog waar Marc over schreef.
    https://neerlandistiek.nl/2022/11/groetronding-dohog/
    Tegenwoordig hoor je dao-aog o.a. bij Mieke van der Weij (bekend van o.a. de radio, zaterdagochtend Nieuwsweekend).

    Beantwoorden
  2. Jeroen Balkenende zegt

    23 oktober 2025 om 07:03

    De variant doei was in 1971 zelfs al op de Nederlandse radio te horen, in aflevering 98 van de hoorspelserie Biels en Co. Zie, of beter gezegd, luister: https://www.youtube.com/watch?v=S0GHqu7sjZQ, op 2:05

    Beantwoorden
    • Jan Stroop zegt

      24 oktober 2025 om 10:07

      Dank je wel, Jeroen. Dit zet wel alles op losse schroeven!
      Had ik ’t maar eerder geweten.

      Beantwoorden
  3. Frank Jansen zegt

    23 oktober 2025 om 16:12

    Misschien heeft doeg met een oe nog een voordeel: hoe hoger de klinker, des te makkelijker kun je hem eindeloos rekken.

    Beantwoorden

Laat een reactie achterReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Gedicht van de dag

Robert Hass • Roken in de hemel

Ik heb een vriend, nu dood,
Een katholiek die het vooruitzicht van het paradijs onberoerd liet
Tot hij een groep middeleeuwse theologen ontdekte
Die hadden voorgesteld dat er een speciaal soort tijd
In de eeuwigheid gold.

➔ Lees meer

Bekijk alle gedichten

  • Facebook
  • YouTube

Vlaggetjes

Ik zat aan het ontbijt een beschuitje te soppen.
Toen zag ik opeens een klein autootje stoppen. [lees meer]

Bron: Annie M.G. Schmidt

➔ Bekijk hier alle citaten

Agenda

16 mei 2026: Hommage In de Knipscheer

16 mei 2026: Hommage In de Knipscheer

22 april 2026

➔ Lees meer
15-16 October 2026: LiME Conference on Language Variation (LiCLA 2)

15-16 October 2026: LiME Conference on Language Variation (LiCLA 2)

21 april 2026

➔ Lees meer
13 mei 2026: 50 jaar Het mes in het beeld

13 mei 2026: 50 jaar Het mes in het beeld

21 april 2026

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle agendapunten

Neerlandici vandaag

Geen neerlandici geboren of gestorven

➔ Neerlandicikalender

Media

In gesprek met literaire duizendpoot Jonathan Van Der Horst

In gesprek met literaire duizendpoot Jonathan Van Der Horst

22 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
The perks of literature – with Jeroen Dera

The perks of literature – with Jeroen Dera

22 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
In gesprek met auteur Joke van Vliet

In gesprek met auteur Joke van Vliet

20 april 2026 Door Redactie Neerlandistiek Reageer

➔ Lees meer
➔ Bekijk alle video’s en podcasts

Footer

Elektronisch tijdschrift voor de Nederlandse taal en cultuur sinds 1992.

ISSN 0929-6514
Bijdragen zijn welkom op
redactie@neerlandistiek.nl
  • Homepage
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Over Neerlandistiek
  • De archieven
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacy­verklaring
  • Contact
  • Facebook
  • YouTube

Inschrijven voor de Dagpost

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

Copyright © 2026 · Magazine Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in

  • Homepage
  • Categorie
    • Voor de klas
    • Vertelcultuur
    • Naamkunde
  • Archief
    • 10 jaar taalcanon
    • 100 jaar Willem Frederik Hermans
  • E-books
  • Neerlandistische weblogs
  • Jong Neerlandistiek
  • Frisistyk
  • Mondiaal Neerlandistiek
  • Over Neerlandistiek
  • Contact
 

Reacties laden....
 

    %d