
Vlotte lezers uit de tweede klas of leerlingen uit de derde klas kunnen goed uit de voeten met dit spannende verhaal van de Vlaamse Leslie D’Hondt. De bibliotheek categoriseert het boek ‘vanaf circa 15 jaar en ouder’, mogelijk vanwege enkele schokkende passages en het Vlaamse taalgebruik waardoor de Nederlandse lezer zich niet moet laten afleiden. Het verhaal gaat over macht, over (on)veiligheid en over straf. Al met al geen lichte kost, maar zeker interessante thema’s om te bespreken in een boekbespreking of themaweek. Tijdens het lezen dringt een aantal vragen zich op: In hoeverre bepaalt je sociale achtergrond wie je wordt of wie je wil of kan zijn? Heb je altijd een rolmodel nodig in je omgeving om als wegwijzer te dienen? Mag je het recht in eigen hand nemen? Wat zou je doen als je in de situatie van Selin terecht zou komen? Wat betekent vriendschap voor jou en hoever ga jij voor je vrienden? Ook is het einde van het boek niet sluitend, want hoe gaat het verder tussen Noah en Selin? Wat zou de auteur in het vervolg op dit boek kunnen schrijven? Welke titel zou ze ervoor kunnen kiezen? Kortom, veel om over te praten én om over te schrijven.
Het boek heeft weinig open plekken, waardoor je als lezer een duidelijk beeld krijgt van hetgeen zich afspeelt. D’Hondt past jongerentaal toe in de dialogen (via app), dat maakt het boek toegankelijk voor de wat jongere lezers. Het gaat duidelijk over Vlaamse jongeren, geen enkele Nederlandse tiener heeft het immers over een ‘gsm’ of zegt ‘op restaurant gaan’. De achterflap vermeldt dat het boek is bedoeld voor ‘young adults’, en dat klopt ook. Het gaat immers over jongeren die worstelen met vriendschappen, met zichzelf en met de wereld op school. Die worsteling is niet mild, dus wees gewaarschuwd.
Waar gaat het boek over?
We lezen mee met Vince, Noah en Selin. Drie leerlingen in de vijfde Middelbaar, richting Defensie en Veiligheid. Je zou het symbolisch kunnen noemen, deze opleidingsrichting, want juist in dit boek staan veiligheid en zelfverdediging centraal.
Alle drie de leerlingen verdedigen zich tegen de buitenwereld door iets te verbergen: Vince verbergt zijn ontluikende gevoelens voor Noah, al heeft Noah haarfijn in de gaten dat hij aan Vince een trouwe vriend heeft:Vince is net een trouwe labrador. Supertevreden was hij toen hij hoorde dat ik naar zijn school zou komen. Had hij een staart, hij zou ermee kwispelen. Het heeft wel iets, een labrador, maar soms wil je hem het liefst een harde schop verkopen. (p. 10)
Zo leren we ook Noah kennen. Hij verbergt zijn eenzame en onveilige thuissituatie met zijn agressieve vader, maar we zien hier bovendien een glimp van zijn zorgvuldig verhulde, gemene karaktertrekken. Selin houdt haar onveilige thuissituatie met haar alcoholistische moeder ook voor zichzelf. Ze presenteert zichzelf liever als de queen bee dan dat ze zichzelf echt laat zien:
Maar kijk, het was simpel. Toen ik twee jaar geleden de eerste voet zette op het plein van mijn nieuwe school had ik twee keuzes: of ik toonde wie ik was en werd bekeken als een verwaaide kat die niemand wil, of ik vond mezelf opnieuw uit en plaatste mij bovenaan de pikorde. Ik koos voor het laatste. (p. 13)
Niet alleen lees je mee met de jongeren, ook spelen twee volwassenen een belangrijke rol. Greg, de nieuwe godsdienstleraar. En Alexandra, de directeur van de school. Net als de leerlingen, krijgen ook deze personages een uitgebreide introductie. Je ziet als lezer dus meteen dat Greg zichzelf ziet als een verlosser:
Ik breng richting. Ik breng licht. Ik beng troost. Ik breng hoop. Ik breng warmte. Ik breng aanbidding. Ik breng verlossing. Ik breng God. (p. 20)
Directeur Alexandra houdt van discipline en regeert met harde hand. Als het niet gaat zoals ze wil of ze voelt zich onzeker, propt ze zich vol met chocola. Achter haar rug om wordt ze uitgelachen vanwege haar omvang en wordt ze ‘Alexandraatje’ genoemd. Dit maakt haar woest en ze wordt steeds dwingender: als de leerlingen haar niet vanzelf respecteren, zal ze het wel afdwingen. De sterke personages, Noah en Greg, mogen elkaar meteen al niet. Dat wordt ook niet beter wanneer Greg belangstelling toont voor zijn leerling Selin:
Ik kijk haar recht aan, het meisje met de korte rok en de crop top. Ze is een kop kleiner dan ik. Een fractie van een seconde blijven haar ogen aan de mijne hangen. (p. 22)
Maar Noah wordt haar vriendje:
Selin is mijn lief. Ik weet het. Zij nog niet. (p. 8)
Allebei zeggen ze hier: jij bent van mij. En Selin? Zij heeft er weinig over te zeggen.
Zowel Greg als Noah oefenen dus veel macht uit. Greg manipuleert Selin door zich voor te doen als een betrouwbare volwassene op wie ze kan rekenen. De enige in haar omgeving. Hij bespeelt ook Alexandra, zodat ook zij het gevoel heeft op hem te kunnen terug te kunnen vallen. Maar eigenlijk aast Greg zelf op haar baan.
Noah, op zijn beurt, probeert Selin voor zich te winnen en dat lijkt ook te gaan lukken. Hij probeert lief voor haar te zijn en koopt zelfs een bedelarmbandje voor haar. Voor Vince daarentegen doet hij weinig moeite. Hij komt graag bij Vince thuis, omdat zijn moeder altijd een bordje extra dekt. Maar hun vriendschap is voor Noah toch vooral instrumenteel, want wanneer Vince per ongeluk toegeeft aan zijn verlangen om heel dicht bij Noah te zijn, verstoot hij hem. Totdat hij hem wel weer nodig heeft en Vince om een flinke gunst vraagt. Vince voelt zich zo schuldig dat hij Noahs verzoek niet durft te weigeren. Jij bent van mij.
Ook Alexandra oefent macht uit. Zij voert een schrikbewind op school, door de leerlingen heel strenge regels op te leggen. Jij bent van mij. Maar er komt een moment dat de leerlingen en het schoolbestuur het niet meer pikken.
Ook Greg, die zijn netten zorgvuldig om Selin heeft gespannen, verspeelt toch zijn kansen en overschrijdt een grens voor Selin. Wanneer Noah erachter komt, wat Greg heeft gedaan, denk hij: jij bent de mijne.
En dan de straffen. Greg en Alexandra boeten voor hun gedrag. Maar ook Vince wordt door een speling van het lot getroffen. En Noah en Selin? Tja, wat zou er van hen terecht komen…

Laat een reactie achter