
Elmwood, geschreven door Jeroen van Berckum, is een boek dat je vanaf de eerste bladzijde een onheilspellend gevoel geeft. Met zijn 392 pagina’s en de mysterieuze, takachtige tekeningen in de hoek van elk hoofdstuk voel je al dat er een bepaalde (be)dreiging is.
Elmwood is het derde deel van De Schaduwkronieken, maar ook zonder kennis van de eerdere delen sleurt dit boek je moeiteloos mee. Eén waarschuwing is wel op zijn plaats: dit is geen verhaal voor bange lezers. Alles wat gebeurt, zou zomaar echt kunnen zijn… of toch niet? Precies die onzekerheid blijft door je hoofd spoken. Net als bij Jelmer, die zich voortdurend afvraagt: gebeurt dit echt, of verbeeld ik het me? Zeker wanneer blijkt dat hij al twee weken zijn medicijnen niet meer slikt.
Jelmer is een eenzame jongen die worstelt met een zwaar trauma. De echte wereld is voor hem vaak te hard en te eng. Daarom vlucht hij liever in de veilige werelden van Harry Potter en In de ban van de ring, waar hij moedig en sterk kan zijn. Ook achter een scherm, tijdens het gamen, voelt hij zich iemand. In het dagelijks leven woont hij bij zijn tante, die hem totaal niet begrijpt. Zij stuurt hem tegen zijn zin naar een zomerkamp: Elmwood. Volgens haar is dat goed voor hem.
‘Hij is nogal een stille,’ zegt ze tegen Girbe, de kampbegeleider die Jelmer komt ophalen. Girbe glimlacht en belooft goed op hem te letten. Maar Jelmer voelt meteen dat er iets niet klopt.
Gelukkig is er Sneep1767. Al maanden chat Jelmer via de Elmwood-groepsapp met deze mysterieuze persoon. Ze praten over van alles en nog wat en dat contact geeft Jelmer houvast. Dankzij Sneep1767 ziet hij minder op tegen het kamp. Sterker nog: hij wordt nieuwsgierig, want in Elmwood gaan ze elkaar eindelijk ontmoeten.
Vanaf het moment dat Jelmer in Girbes bus stapt, gaat het mis. Er hangt een indringende benzinegeur en Jelmer voelt zich steeds ongemakkelijker worden als hij naar Girbe kijkt. Er is iets met die man… iets wat hij niet kan plaatsen. Onderweg ziet Jelmer dingen die Girbe niet opmerkt. Of niet wil opmerken.
Eenmaal aangekomen in Elmwood wordt alles alleen maar erger. Geen bereik. Een lege telefoon. Geen oplader. Jelmer is volledig afgesloten van de buitenwereld. Hij staat er alleen voor. Zijn enige hoop is Sneep1767 — samen durft hij dit kamp misschien aan.
Want er ís iets mis met Elmwood. Dat voelt Jelmer tot in zijn botten. Waarschuwende briefjes in zijn bed. Rode ogen die hem vanuit het donker aanstaren. En een griezelverhaal op de eerste avond dat veel te echt aanvoelt. Vanaf dat moment ontspoort alles. Demonen en zombieachtige monsters duiken op. Bomen lijken zich te verplaatsen. Er vloeit bloed. Ingewanden komen naar buiten. Mensen veranderen in andere wezens. En ergens in het bos, diep onder de grond loert een monster dat elk jaar gevoed moet worden…
Wat begint als een onschuldig zomerkamp verandert razendsnel in een nachtmerrie waarin niemand zeker is van zijn leven. En als je al zo hard met jezelf vecht als Jelmer, hoe blijf je dan overeind in een wereld waar het kwaad overal op de loer ligt? Durf jij dit boek te lezen om achter het antwoord van deze vraag te komen?

Laat een reactie achter